Lezen

Oor I, II, III

het Oor I     in lange onmenselijke gangen in mensen lopen dunne buisjes landschap over de handpezen en hiermee wordt iedere klaagzang gehoord tot inzicht verwerkt en van bestaan ontdaan   in kleine maar onmetelijke sprongen ontdoet ze zich van dit opgehemeld verlangen naar gekoesterde toekomst geluid: een grootse wandaad door en van het Oor   en in even onnavolgbare codes wordt deze jungle herhaald in de spraak geluid tegen geluid en in mensentaal   zo ontstond ooit de mensaap van de toekomst en wentelde die zich in wantrouwen van zijn soortgenoten zijn opper ego en alles heeft zich al zuchtend herhaald en tralala onze geschiedenis is lang geleden ontstaan maar de draad wordt nu gesponnen in de velden landschappen die bijblijven   maar onderweg nooit grijpbaar blijken   want het is de mond die spreekt en de ogen die zich hierboven verkiezen de gedachtegangen snel de handelingen des te trager en het Oor die bestond   in mensentaal   het scheelde dus niet veel of we vielen reeds in herhaling gelukkig dat wij er waren om te horen dat de weinig vatbare materie der dingen bezig was   bezig was te bestaan in zijn kleine bestaan een leven om een leven en daarmee materie op oudere materie die ik wil dat ze opgraven en dan weer bestuiven steeds opnieuw   wij die bezig waren keerden de staat der dingen om en daarna om om in flux te blijven van het geweten   het Oor daarentegen oogstte lof voor zijn professioneel gebruik van het abc       het Oor II     een klein organisch verbonden landschap dunne gangen en spelonken glinsteren in de ooghoek maar worden gehoord in de hoofdstad een toespraak om meer en een verpersoonlijking van de privileges een herwerking van het voorbestemde scenario in het Oor en gehoor van een massa een klein verwerpelijk zicht aan het oog onttrokken en erin opgaan zou misdaad zijn een onmogelijke toewijding van een innerlijk tabula rasa en een natuurlijke versmelting met grotere toestanden of een onnatuurlijke persoonlijkheid die toeneemt in volume maar nooit in massa   en een krachtveld dat zijn voortbestaan verzekerd door licht te blijven licht in de hand altijd bij je in je hoofd-bestaan onmetelijke klanken in geld uitgedrukt om te worden bijgeschaafd in een beschaving die zijn instinct verloor op overdreven wijze   de vertakkingen van een cultuur die weigert zichzelf te bestemmen in de jungle des tijd deze tijd die aanspraak maakt op het contract in terminis extatisch geknetter en slaafs handgebruik ondertekend met DNAonderwezen door dieren en wezens in de fauna   een barbaars gebruik van de taal en een nog inheemsere gewoonte tot redevoering ik noem het afstand maar anderen noemden het reeds voor mij   zo speelde ik slaperig de weelde kwijt die mij was toegeschreven en kende ik een ego dat mijn adem in zich droeg       het Oor III     een gevoel dat je op de ondergrond houdt en je onder de arm kietelt tot je waanzinnig wordt en de dans van adem vergeet een gevoel van een oude grijze gevel die in je binnenste ademt en de art brut in je gevoel overgeeft aan een nieuwe waanzin in de meta van het denken een gevoel dat je bruut te kennen geeft dat weinig waarschijnlijk lijkt in het licht van het gehOor waarmee je de gevoelens rondom rond kort knipt en je persona aandacht schenkt in de nieuwe dimensie der weinig een waanzin die je het gevoel geeft en na een hoop gevloek en systematisch gekletter verbeter je je derhalve in de hoop jezelf te leren kennen en jezelf je zelf te schenken     een gevoel die een massa verplaatste en verpatste aan de meerderheid die al was en daarin een gekte onderhield in zich zonder zijn gezicht prijs te geven deze vermomming kende men reeds al lange getijden en noemde men zoals de seizoenen een verwelking van het sociale dit gevoel was mij voorbestemd en hoorde ik via straatstenen eerst in mijn beenderen omhoog kruipen en ik kuste die lucht alsof ik er iets voor zou terugkrijgen

Dries Verhaegen
17 0

De echo van het wassende water.

Na een seizoen zwemmen in de zwemvijver van Boekenberg. De echo van het wassende water.     Mijn rouwperiode voor de gezonken badboot is eindelijk afgesloten. Ik ontdekte een waardig alternatief op tien minuten fietsen en bovendien gratis. 70 meter natuurlijk gezuiverd zwemplezier. De zomer van 2017 is moeilijk; razende gedachten in een uitgeput lichaam. Leven “on hold”. Het water heelt, koelt mijn geest en lichaam en brengt de rust die ik nergens vind.   Ik zwem liefst alleen.   Onmogelijk maar bij het openingsuur om 12 uur vind ik mijn draai.   Mensen zwemmen zoals ze zijn .   Sommigen zwemmen alsof ze iets moeten overwinnen. De tijd alvast. De overkant moet bereikt. Het water zit ze in de weg; ze vallen het aan. Met overdreven gebaren splijten ze de vloeistof die, hoog opspringt. Ze maken fonteinen, golven… Vermoeid bereiken ze de overkant om direct weer te vertrekken. Ze eisen hun baan op en nog veel meer.   Anderen gaan eveneens snel maar klieven het water en leggen hun armen ongemerkt in het water dat zich gewillig opent. Is het techniek of zijn ze als vissen? Ook zij zijn ongenaakbaar in hun baan; maar anders. Zowel de eersten als de laatsten mijdt ik in het echte leven.   Er is ook het vriendschapszwemmen. Meestal een duo vrouwen die zich traag maar constant pratend voortbeweegt. De mobiele kop koffie; het gesprek primeert.   Kinderen spelen, plonsen… Het koude water ontlokt kreten, hun lichaampjes schrikken, dartelen… Soms is er ook verliefd zwemmen.   Ik heb het gevoel het water zo min mogelijk te beroeren. De trage zwembeweging voelt harmonieus met het water. De herhaling, het borrelende geluid creëert een vorm van opname door het water; ik vertrouw mijn lichaam eraan toe. Het water neemt mij op, zalft mijn gedachten. Het meestal koude water verlamt mijn geest. Ik adem diep, neem de zuurstof op uit het water, verspreid ze en observeer. Ik neem de zon in ontvangst die op het wateroppervlakte schijnt. Het verhoogt het genot. De schaduw wordt er donkerder door. Zwemmen naar de zon… Het water als vriend, de beweging als motor ( voor het leven).     Yo Van den Bulck    

Calamity yo
3 0

Parijs — Brussel

Lang aanstalten maken om daarna jezelf geheel vrijwillig over te geven in een nabije reïncarnatie van de vrije wil; belichaming van wezenlijk elk verschil met mezelf dat ik droeg. Met mezelf heb ik het wel duidelijk gesteld en is alles al aanwezig, want mij zou mij niet hebben als ik rondom dood vanbinnen was. Ik ben er. Dood zal ik zijn als jij niet meer deed wat ik zei. “kom hier, verwen me eindeloos” ofzo en dramatisch genoeg weten we ‘dit kan wel eens blijven duren’.Mijn lange afstand bloedsomloop strekt zich nu uit naar jou en over mezelf is een masker gesponnen zonder blijk van herkenning noem je me; ik leef omdat ik wéét en omdat ik niet weet wat de dingen zijn en belichamen de ‘dingen’ dingen leven en stellen zichzelf aanwezig binnen lijnen van het onduidelijke.Als alles zo als jou is wil ik er nooit meer goed over nadenken.   ofzo zei je in één groot moment, een moment uitgegoten over meerder stadia en ik verouderde toen in een oogopslag naar de viriele versie van mezelf de debiele vice versa van het ik jou gehalte. Dit geldt dus ook voor jou!   Ik weet dat de dingen er nu eenmaal zijn. Daarover wil ik niet gadeslaan, ik ken de materie like a surface maar de interface ervan loopt zichzelf voor de voeten; materie als een materie en daarmee hondsdol. You are no longer in control I said to myself en vroeg me af of dat steek hield. Vous n’êtes plus en controle is een statig begrip. Het wordt een koude woordwisseling als we alle controle verliezen, zeg niet dat ik je niet gewaarschuwd heb.   Je loopt naar me en bedekt je masker met een gezicht en ik kan niet anders dan weten: de ‘dingen’ leven en bewegen altijd.Zo heb ik je niet leren kennen en nu niet en nog niet en nooit niet. Dat was 6 minuten geleden.   Eén groot veld strekt zich tot in mijn karkas en niet omgekeerd.We lopen er in rond, rondom de kleine vijver zonder vulsel en leggen ons neer op een bedding, we bedoelen de goede dingen goed weten wat koud en wat warm moet zijn leg je je hand in mijn maagholte en zit dit juist eeuwig laten duren in een moment waarna identificatie altijd moet volgen nooit genoeg nooit genoeg geef me eindelijk wat ik altijd al wist. Vrij je jezelf of doe ik het? Vrij. Is al wat er gezegd wordt een ontkenning an sich? Een ontkenning op het landschap, het landschap verschijnt en wordt zo teniet gedaan door de woorden, het woord (!!!) verkort de taal inslag die ik nam. Het woord is een duivels en matig begrip als ik het gebruik vrees ik en staat op zichzelf.Wie ben ik om mezelf erop te gooien of jou te omhelzen?   Lees je mij ook eens? Laat dat maar aan mij over.   Weet je nog toen? Laat dat maar aan mij over.Hier ik weet je.   Ding bestaat en gaat en ik. Altijd en ik & de en en ik.

Dries Verhaegen
47 0

Lieve Nick

Lieve Nick, Danku. Ik wil beginnen met je te bedanken voor de laatste 3 jaar, voor de geweldige momenten die we samen al gehad hebben, voor de tijd die je me geeft om aan mezelf te werken, maar ik wil je vooral bedanken om mij graag te zien. Bij jou voel ik de ruimte om mezelf te zijn en kom ik tot rust. Ik ben ervan overtuigd dat jij me zo helpt om mezelf graag te leren zien.  Ik geniet ervan om jou telkens beter te leren kennen, en om te zien dat wij 'werken'. Ik voel me zo vaak trots op onze relatie en op jou als ik andere koppels bezig zie of van anderen hoor hoe het er soms in hun relaties aan toe gaat. Dan weet ik dat het goed zit, dat ik gevonden heb wat ik wil en nodig heb.  Dat wil niet zeggen dat het daarom altijd gemakkelijk is. Ik weet dat ik in die 3 jaar, en zeker in de laatste maanden, veel van je gevraagd heb en veel van mijn zorgen met je gedeeld heb. Dat moet niet gemakkelijk zijn, maar toch heb je altijd geluisterd, ben je er altijd geweest en gebleven. Ik kan je niet uitleggen hoeveel dat voor mij betekent.  Weet dat ik zie hoeveel moeite je voor mij doet, ook al zeg ik dat niet altijd. Weet dat ik weet dat je mij graag ziet, ook al lijkt dat niet altijd zo. Weet dat ik niets aan jou zou willen veranderen, ook al geloof jij niet in perfectie.  In dit nieuwe jaar wil ik je meer tonen hoe gelukkig ik mezelf prijs met iemand zoals jij, hoe gelukkig je mij maakt. Ik wil meer evenwicht, zodat het ook eens over jou kan gaan en niet enkel over mij. Ik hoop dat ik daarvoor snel genoeg ruimte kan maken in mijn overvolle hoofd. Want jij bent het allerbelangrijkste, en je verdient zoveel meer lof dan ik je al gegeven heb.  Ik wil ook afsluiten met je te bedanken, omdat je mij serieus neemt als ik dramatisch doe, omdat je me aanvaardt om wie ik ben, omdat je zo hard je best wil doen om mij gelukkig te maken en omdat het je ook lukt. Ik zie je ongelooflijk graag. Ik x

Layla Clarke
0 0

Mortem

Ik werd wakker, het was volledig donker rond mij. Ik herinnerde me niet hoe ik er was beland. Ik probeerde m'n armen te bewegen maar ontdekte al snel dat ik vastgebonden zat aan een stoel. Ik moest er weg, koste wat kost. Als je vastgebonden zit kan dat niets goeds betekenen. Ik hoorde stemmen, ze leken van buiten de kamer te komen. Voetstappen kwamen dichterbij, stemmen werden luider, ik werd angstiger. Een deur ging open met een heftige zwaai. Ik hoorde hoe iemand de kamer in liep en op de knop drukte om het licht aan te doen. Het licht scheen fel in mijn ogen, de man stond voor mij. De ene helft van zijn gezicht was bedekt met brandwonden, door de andere helft liep een groot litteken. 'Dus, meisje,' zei hij op een dreigende toon. 'Vertel me nu verdomme wat ik moet weten.' Ik wist niet wat hij bedoelde, ik herinnerde zelfs mijn eigen naam niet. Al herinnerde ik me wel nog dat ik een naam had. Even stelde ik me voor dat de man stond te dansen in een clownspak. Het duurde niet lang want de man maakte een vuist van zijn gezicht en stond klaar om me een mep te verkopen. 'Ik weet écht n-niets' zei ik voor hij me ging slaan. 'LIEG VERDOMME NIET' de man verkocht me een mep. Hij was zelfs gratis, moest er niets voor betalen. Volledig gratis zonder voorwaarden, een vuist tegen m'n kaak. Ik wou eigenlijk wrijven over m'n kaak, om de pijn te verlichten, maar wist dat dat onmogelijk was omdat ik vastgebonden zat. 'Oké, ik geef je nog een laatste kans. Als ik terugkom wil ik dat je me ALLES verteld, begrepen?' Ik knikte maar wist dat ik niets kon zeggen. Een verhaaltje, ja, misschien moest ik een verhaaltje bedenken. Misschien houdt hij van Roodkapje of is hij meer een Doornroosje-type? De man sloot de deur nadat hij het licht had uitgedaan. Ik had het gevoel alsof ik steeds bekeken werd. Ik zat alleen in de kamer samen met mijn gedachten... Het licht knipperde even aan, een zwarte gedaante stond tegenover mij. Ik kon niet goed zien wat het was. Ik herinnerde me wel dat ik heel erg schrok. Zweet begon over mijn voorhoofd te lopen, wat zijn ze hier met me van plan? Ben ik mentaal niet in orde? Verdomme, misschien was het de dood? Die is toch ook zwart? Of beeldde ik het me i-. Iets greep me bij mijn keel. Het voelde aan als verrotte vlezige vingers, ik kon niet meer ademen. Toen het licht weer aanging verdwenen de vingers rond mijn nek. Is dit een nachtmerrie, zit ik vast in een droom? De man stormde weer in de kamer. Deze keer keek hij me aan met een vieze grijns, een grijns dat ik niet snel zou vergeten. 'Nou, meissie vertel op' zei de man toen hij me aankeek, recht in de ogen. 'Uhm nou, er was ooit een...' ik wist niet wat ik moest zeggen. De man keek naar me en beviel me om verder te vertellen. 'Nou, een meisje, ze noemde Roodkapje.' Hij keek me aan alsof hij op het punt stond om heel hard te lachen. Tegelijkertijd keek hij me ook aan alsof hij me elk moment zou vermoorden. 'MEEN JE DIT?! BEN JE NOU AAN 'T LACHEN?' Hij kon er blijkbaar niet mee lachen, misschien was hij dan toch meer een Doornroosje-type. Voor een volle minuut had hij me recht in de ogen aangekeken, alsof hij een roofdier was die zeer goed zijn prooi inspecteerde. Hij ijsbeerde nerveus in de kamer, voor de stoel waarin ik zat. Ik keek even rond me, ik zag het. Oh god, nee. Ik voelde een brok in m'n keel, een elektrische stoel. Ik zat in een elektrische stoel. Met een draai van mijn hoofd zag ik al snel de hendel die m'n leven zou kunnen beëindigen. De man hoefde de hendel maar om te halen en weg was ik. 'IK HEB GENOEG VAN JE DOMME SPELLETJES.' schreeuwde hij door de kamer. 'Vertel het me nu of ik draai die hendel om.' voegde hij er uiteindelijk koelbloedig aan toe. Ik voelde nu meer dan ooit dat ik leefde, het bloed stroomde door mijn lichaam, het zweet drupte van mijn voorhoofd, een traan ontstond onder mijn wenkbrauw. Een oude herinnering kwam in me naar voren, die man, had ik hem niet neergestoken? Hij liep naar de hoek van de kamer, die enkele seconden voelden aan als de laatste van mijn leven. Het licht knipperde even van aan naar uit. Ik wist dat hij nu bij de hendel stond, binnen een paar seconden zou ik weg moeten zijn. Het werd mij alsmaar duidelijker dat ik niets kon doen. Ik draaide mijn hoofd weer om en zag hoe hij de hendel vastnam en me aankeek met een laatste moordende grijns. 'Ik ga dood,' dacht ik. Het licht van de kamer ging aan en uit. De zwarte gedaante was terug. In minder dan een seconde had de gedaante hem in duizenden stukken gesneden met zijn scherpe klauwen. Was ik gered, ik wist het niet. De gedaante liep mijn kant op...

Nova
36 0