Lezen

DE RARE KAPSELOORLOG

Terwijl de orkanen Harvey en Irma hevig huis houden, blijft de president van de Verenigde Staten volhouden, dat er niets aan de hand is met de opwarming van de aarde. Op CNN toonde men, hoe Trump, de man met een kapsel alsof hij net in het oog van de tornado gestaan had, omringd door een hoop jaknikkers, de ergste problemen van de verwoesting zou oplossen. Hij vroeg aan de ganse Amerikaanse bevolking om van volgende zondag een dag van extreem bidden te maken. De Rode Kruisdame en de priester die naast hem stonden, riepen nog net geen halleluja, maar zouden diezelfde avond zonder twijfel gekluste hersens en hoofdpijn hebben van het ja schudden. De priester begon de Heer te prijzen omdat zijn land toch zo’n fantastische leider verkozen had. Je kan het dat narcistische miljonairtje bijna moeilijk kwalijk nemen, dat hij zijn land op deze manier wil redden, want hij is blond, héél erg blond! Ik ook en mijn kapsel ziet er soms ook erg verwaaid uit, dus misschien kan ik nog wel een gooi doen naar het volgende presidentschap? En terwijl de volgende dodelijke storm over de wereld raast, bijna 6 miljoen mensen moeten geëvacueerd worden,  begonnen ze met zijn allen samen, inclusief de staatsidioot, op vrijdag al voor televisiekijkend Amerika, een pregebedje te prevelen omdat God de Vader de dodelijke Texaanse slachtoffers in de hemel zou willen verwelkomen. Ook nog een gebedje er bovenop om de overlevenden genoeg sterkte te willen geven om deze catastrofale zondvloed te kunnen verwerken. Hoe de zondaggebedsdag er zou moeten uitzien is mij een raadsel. Hoe bid je, als je alles, maar dan ook werkelijk alles verloren hebt en je tot je navel in het water staat? Wat vraag je dan in je gebed? Vraag je dan aan die sprookjesfiguur daarboven eventjes waarom hij je hele hebben en houden verwoest heeft? Of bid je omdat je hem dankbaar bent dat jij nog leeft en die 47 anderen niet? Vraag je hem dan om je verdronken zoon of dochter daarboven te omarmen? Lees juist in de krant, dat één of andere Amerikaanse nitwit beweert dat dit hele orkaangebeuren ontegensprekelijk de straf van God is, omdat er homo’s in de wereld zijn en omdat er ergens in de VS een lesboburgemeester(es) aan het hoofd staat..Hoe achterlijk kan een volk zijn?  Dus doordat God niet aan het idee kan wennen dat mensen anders kunnen zijn, straft hij een hele nietsvermoedende gemeenschap. Goed bezig daarboven, beetje sadistisch niet? Zal de Heer er misschien nog een levensbedreigende tornado bovenop gooien, een José of een Katia,  zodat wat paradijselijke Caraïbische  zeespiegeleilandjes van de aardbol gaan verdwijnen? Miljoenen mensen op de vlucht voor water, wind en verwoesting, let’s pray to God. Miljoenen mensen alles kwijt, maar er is, volgens de grote staatsleider absoluut niets mis met het milieu! ’t Is de wil van God! Als nu de Heer met een orkaan in Florida alleen het golfressort van Trump van de kaart zou willen vegen en de rest van de bevolking ongemoeid zou willen laten en het Witte Huis een beetje door elkaar zou willen laten schudden in plaats van weer duizenden mensen in Mexico door een aardbeving dakloos te maken, dan en ik zeg, dan alleen, zou men mij misschien nog een beetje aan het twijfelen kunnen krijgen of er daarboven dan toch iemand iets geniaal aan het orkestreren is … En terwijl de president van de Verenigde Staten, nog net niet op zijn knieën, in een journaal voor televisiekijkende burgers, gebedjes zit te prevelen, stuurt die andere mafkees aan de andere kant van de wereld, maar eveneens omringd met een nest geïndoctrineerde jaknikkers, een paar pestraketten de lucht in. De binnenlandse spleetoogtiran laat zijn bevolking niet bidden, want hij is er stellig van overtuigd dat hij God zelf is. Weer zo’n randdebiel met een opvallend kapsel, alsof  een kernkop hem juist zelf geraakt heeft. Wat is dat toch met die hersenloze mannen met die idiote coiffures, die elkaar steeds maar blijven uitdagen? Zijn die regerende haantjes soms jaloers op elkaars kapper? Wat gebeurt er dan met ons, als er één van die verwaaide kapselmannen, door een goddelijke ingeving, plots op die rode atoombomknop gaat drukken?  Kernexplosie, boem, over en out…en hoe gaat die oorlog dan de geschiedenis in; De rare kapseloorlog van 2017?   Sim,  9 september 2017  Grau du Roi/Zuid Frankrijk

Sim
0 1

SATELLIETTELEVISIE OP REIS

Het is niet omdat wij hier in Zuid Frankrijk in de zon liggen te braden, soms wandelen of nu al een paar dagen door de Tramontan wind van onze fiets geblazen worden, dat wij niet graag op de hoogte blijven wat er allemaal in de rest van de wereld en ons thuisland is gebeurd. Via de satelliet halen wij, in onze caravan, om zeven uur het Vlaamse VRT nieuws binnen. Ergernis troef! Zo zagen wij op het journaal de beelden, hoe de politie in Borgerocco weer door de lieverdjes uitgejouwd, geduwd, aangevallen en met eieren bekogeld werd. Ik kan me niet inbeelden hoe dat dan in zijn werk gaat. Ik veronderstel dat de Borgerhoutse hooligans niet constant met een vol rugzakje eieren rondlummelen tot er misschien eens een politieteam in hun Turnhoutsebaan- buurt komt patrouilleren. Bellen dan die Marokkaanse haantjes naar elkaar: ‘Kom vlug, de politie ‘onze’ vriend is in onze straat een arrestatie aan het verrichten, ’t is weer het moment om ons nog eens negatief in de Antwerpse kijker te zetten! Breng snel allemaal jullie bakje eieren mee, liefst bruine!’  Het ergste van al is het feit dat die kleine crimineeltjes, die een ganse gemeenschap in een slecht daglicht zetten, steeds bij het gerecht bekend zijn en zogezegd opgevolgd worden. Als dan de burgemeester van Antwerpen in een interview, na de terreuraanslagen in Barcelona, opmerkt dat er in Antwerpen in de omgeving van de Turnhoutsebaan ook zo’n duizend soort vriendelijke jongens rondhangen, waarvan men ook  niet, net zoals in Spanje, kan vermoeden dat deze lieve jongens in een mum van tijd geradicaliseerd zouden kunnen worden, dan zijn de linkse journalisten er als de kippen bij om deze uitspraak uit zijn context te rukken en er juist deze ene zin van te maken: “De Wever zegt: Op de Turnhoutsebaan lopen er duizend mogelijke terroristen rond!”  Wie het schoentje past, trekke het aan, maar het zullen heel grote schoenen moeten zijn, want deze probleembuurtmannetjes hebben daar heel lange tenen. In plaats dat deze gemeenschap hun crapuuljongeren bij de oren trekt, hun vertelt dat zulk gedrag in onze cultuur en in hun gemeenschap niet getolereerd wordt en zich voor hun gedrag verontschuldigt, organiseren ze samen met een rood groene linkse wollegeitesokkenachterban een mini-optochtje om aan te tonen hoe mooi en liefelijk het is om in de buurt van de Turnhoutsebaan te wonen. Ze laten geen enkel moment onbenut om regerende partijen pootjelap te zetten en aan te tonen hoe verkeerd de Antwerpse Burgemeester, van een in hun ogen verwerpelijke partij, wel weer geweest is. Met op kop Mita Van der Maat, in een vroeger tijdperk, een redelijke gekende toneelspeelster, die waarschijnlijk nog eens graag voor de camera’s stond, maar die daar in Borgerhout in feite niets te zoeken had, want ze woont zelf in een mooie bel-étage woning in een residentiële wijk in Edegem, waar er praktisch nog geen hoofddoekjesgezinnen wonen. Soit hun Antwerpse burgemeester- afbraakoptochtje heeft niets uitgehaald, want een week later had men hetzelfde eierenkegelende politie-interventie-scenario in deze toffe vreedzame buurt. Als De Wever insinueert dat er een paar duizend lieverdjes op de Turnhoutsebaan rondlopen, dan vergeet hij nog de andere probleembuurten te vermelden, die wij als echte Antwerpenaren jaar na jaar zagen verloederen. De mooie winkelstraten met bloeiende handelszaken, zoals de Antwerpse Kielse Abdijstraat, de Berchemse Drie Koningestraat, de Offerande- schoenwinkelstraat, de Merksemse Bredabaan, de Turnhoutsebaan, de straten rond het Sint Jansplein, Deurne, de Seefhoek en de Stuyvenbergpleinbuurt zag je volledig veranderen in Midden Oosten enclaves. Toen mijn moeder eind jaren tachtig op het Antwerpse Kiel ging wonen, riep daar al een tienjarig jongetje tegen haar: ‘Dat ze daar nogal zouden opkijken als ‘zij’ het later voor het zeggen zouden hebben’ en hij maakte daarbij met zijn duim over zijn keel een onthoofdinggebaar. Waar hoorde zo’n snotneus zulke uitspraken? En bij ons in Edegem, nadat men met de nieuwe sociale woningen ook de sjaaltjesvrouwen en bijbehorende satelliet antennes, gericht op TV Marocco binnenhaalde, riep een blijkbaar nog niet geheel geïntegreerd teenager moslimhaantje, een in korte rok fietsend elfjarig buurmeisje na, dat ze een hoer was! Dus met duizend eventuele probleemjongeren te vermelden, benoemt De Wever nog niet eens het topje van de ijsberg. De authentieke Antwerpenaar, die in den beginne al die vreemde culturen en mensen wilde omarmen, zag het gebeuren, keek ernaar en zweeg want anders kletste de nieuwkomers gesterkt door de linker achterban onmiddellijk met de woorden racist en racisme rond zijn oren.   En dan vandaag hebben wij opnieuw een terroristische islamaanval in de Londense metro via de satelliet binnengehaald. Gelukkig geen doden, maar toch weer een aantal mensen die door die religieuze islamterreur voor het leven getekend zijn. Verdriet, verontwaardiging en ongeloof troef!   Maar het is niet alleen ergernis via de satelliet tv. Soms is het ook heel erg lachen. Moesten jullie ook zo gieren om het toneelstukje van de socialistische Waalse politica Laurette Onckelinx, gekend voor haar viswijvengeroep in de Kamer, die heel emotioneel kwam verklaren dat ze de politiek vaarwel zegt. Spijtig voor ons nog niet onmiddellijk, maar dan toch binnen twee jaar. Er vloeiden nu al wat afscheidstraantjes. Ik moest vooral lachen om de passage, waarmee ze heel emotioneel verklaarde, dat ze zou stoppen voor haar kinderen en terwijl ze een biggelende krokodillentraan wegveegde, herhaalde zij het nog eens opnieuw, omdat het bij ons heel goed zou doordringen: ‘ Voor haar kinderen!’ Kom zeg, die comédienne is binnen 2 jaar een 60 jarige seniorendame..welke kinderen? Nu de PS door alle schandalen, fraude en graai-evenementen in het Waalse landsgedeelte zware klappen krijgt, wil deze diva misschien trachten voortijdig en in alle schoonheid het Franstalige socialistisch zinkende schip te verlaten en eventuele nog mogelijke beerputten met de bijbehorende rioolputgeurtjes gedekt houden. Misschien krijgt ze nog links of ‘zeker niet’ rechts ergens een goedbetaald rood baantje aangeboden. Ik had graag de reactie van, de beste stuurman die aan PS wal stond , Di Rupo willen zien. Kreeg die een hartverzakking toen hij over het nakende afscheid hoorde? Hij heeft, sinds hij eerste minister af en met zijn partij in de oppositie beland is, nog geen Franstalige bek meer opengetrokken. Hij liet gewoon Laurette mitraillet roepen en tieren. Je zag hem, maar je hoorde hem niet meer. Twee naast elkaar zittende vriendinnen, die good cop, bad cop speelden. Het zal heel stil worden tijdens de vergaderingen van de Federale regering. Als nu die groene Calvo er nog zijn onvolwassen kwek wil houden, dan kan er misschien voor de verandering nog eens echt geregeerd worden. De satelliet tv brengt dus in onze caravan, niet alleen ergernis, verdriet, verontwaardiging en ongeloof, soms mogen de lachspieren ook nog eens werken. Dag Laurette rettekentet.   Sim,  15 september Grau du Roi  

Sim
0 0

FANTOOMPIJN

‘Vilayanur Ramachandran,’ zegt hij. Ik weet zeker dat hij het uitspreken van die naam talloze malen heeft geoefend, net zolang totdat hij terloops uit zijn mond kwam. ‘Hij heeft de spiegeltherapie…’ ‘Ik weet wie hij is,’ lieg ik. Hij knikt beschaamd. ‘Natuurlijk.’ Maar ik ken Andriesse goed genoeg om te weten dat hij me dolgraag uitleg wil geven. In het personeelsrestaurant heeft hij me meer dan eens verveeld met zijn gebazel over ‘mirror visual feedback’. Ik heb hem er toen fijntjes op gewezen dat het bewijs dat de therapie wérkt niet overtuigend is. Het voelt als een straf dat ik hier nu ben. Ik volg zijn blik naar de tafel. ‘Toe, ga zitten…’ Alsof hij me uitnodigt voor een goed glas wijn bij de open haard. Ik schuif de stoel naar achteren en neem plaats achter een spiegel die haaks op de rand van het tafelblad staat. Ik leg mijn linkerhand links ervan en mijn stomp rechts. ‘Heel goed,’ zegt hij. Doet hij tegen al zijn patiënten zo? Misschien vinden die dat prettig, maar ik erger me kapot aan die zalvende stem. ‘Ik wil dat je je concentreert. Neem je tijd. Begin met kijken, gewoon in de spiegel kijken. Geen bewegingen.’ Hij draait de spiegel een paar centimeter opzij, zodat ik de reflectie van mijn linkerhand goed kan zien. Daarna schuift hij een horizontaal schermpje over mijn hand, ter grootte van een A3-tje, waardoor deze aan mijn directe zicht wordt onttrokken. ‘In de spiegel kijken,’ zegt hij opnieuw. Ik kijk en zie mijn linkerhand onder het afdakje liggen, als een slapende marmot. Ik weet dat ik die gedachte moet loslaten. Mijn brein moet denken dat ik naar mijn rechterhand zit te kijken, die zich achter de spiegel bevindt. Nou ja, zou moeten bevinden. Maar mijn brein doorziet het bedrog. Ik voel de stomp verkrampen. Loser, smalen de pezen, klootzak, gillen de zenuwen. Ik bal mijn vuist. ‘Toe, alleen kijken,’ zegt Andriesse. ‘Ik besef dat het moeilijk is, maar je moet…’ Ik open mijn hand en zie hoe de vingers zich met tegenzin spreiden. De stomp steekt venijnig. Andriesse loopt achter me langs naar het raam dat met smalle jaloezieën is verduisterd om mij niet af te leiden. Zijn vingers tikken tegen de metalen lamellen, drijven ze uiteen, zoals ik de labia van mijn patiënten placht te openen. Hij kijkt naar zijn auto, weet ik. Een flesgroene stationwagen met karamelkleurige bekleding en een hek achterin. Hij heeft een hond waarmee hij elke zondag gaat hardlopen in het bos. Hij blijft daar maar staan, terwijl ik naar mijn gespiegelde hand kijk. Ik vergeet met mijn ogen te knipperen en ze lopen vol tranen. Als Andriesse omkijkt, knikt hij begripvol: ‘Ja, het is heftig, hè?’ Hij gaat achter zijn bureau zitten, tikt iets in op zijn computer. ‘Zullen we morgen meteen weer een sessie doen, zelfde tijd? Dat is wel het beste: elke dag tien minuten.’ Was dit maar tien minuten? Het voelde als een eeuwigheid. Ik knik, trek mijn colbert aan. De mouw is lang genoeg om de stomp te verbergen, maar het beeld dat er iets mis is wordt er niet minder door. Ik geef Andriesse een hand met mijn gedraaide linker en sta weer buiten.   Achter het ziekenhuis ligt een parkje waar mensen na afloop van het bezoekuur met hun roodomrande ogen terecht kunnen, en waar artsen en verpleegkundigen tijdens lunchtijd de weeë lucht uit hun neus proberen te verjagen. Ik neem plaats op een bankje en klem mijn schrijnende stomp tussen mijn dijen. Op dit tijdstip is het hier verlaten, anders zou ik er liever niet komen. De kans is namelijk aanzienlijk dat ik er een van mijn cliënten tegen het lijf loop, met het product van mijn interventie krijsend in een wandelwagen. Die vrouwen beschouwen me soms letterlijk als de vader, terwijl ik slechts de bevruchte eicel heb ingebracht. Maar feitelijk hebben ze gelijk. En hun mannen, die ik in mijn hoofd ‘de incapabelen’ noem, die weten dat ook. Ik zag het in hun ogen als ze voor de uitslag kwamen. Jij hebt mijn vrouw bevrucht, zag ik ze dan denken, gepenetreerd met die verrekte hand waarmee je me zojuist feliciteerde. En ook al zullen ze me nu bij een toevallige ontmoeting meewarig aankijken, de gedachte dat die hand inmiddels in een plastic ton naar een verbrandingsoven is afgevoerd, zal hun beslist voldoening schenken. Ik moet naar huis. Morfine. Ook al helpt dat niet tegen deze pijn, het verdooft in ieder geval het beschamend besef dat ik nu een van hen ben.

Grand Foulard
9 0

Acrobaat

Acrobaat   Ochtendnevel hing boven het bollenland, mijn deemsterig hoofd was nog niet bij de demente bejaarden die ik weldra hun ontbijt zou geven. Met een voet op de trapper en de ander steppend reed ik de schemerige fietsenstalling in. Daar trok een geluidloze beweging in mijn ooghoek de aandacht. Een merel kon het niet zijn, merels doen niet aan geruisloos. Ik stond stil met de fiets in mijn hand. Het was even goed een vogel die daar laag over de grond schoot. Scherpe hoeken maakte het dier. Hij bewoog behendig en gezwind, als een roofvogel. Bestonden er zulke kleine roofvogels? Nee, roofvogels vliegen geen stalling in, alleen merels zijn zo stom. En zwaluwen, maar die zoeken niet zo, die kunnen de weg weer terugvinden naar buiten, naar het zwerk.             De vogel kwam omhoog in een soort opwaartse zweefvlucht, met zijn vleugels en staart gespreid. Tartte dit geen natuurwetten? Het dier landde op een buis die overdwars liep, met zijn rechtervleugel zo’n beetje tegen de wand. Gele klauwen die te groot leken voor het zwart-wit gestreepte lijfje, een kromme snavel, het was toch een roofvogel. Ik herkende de sperwer uit het vogelboek. Wat was hij klein in het echt. Denkend als een zoogdier besloot ik dat het om een vrouwtje zou gaan, het mannetje moest haast wel groter zijn. Ik zette mijn fiets in het rek en op slot.             De sperwer volgde mijn bewegingen. Met het fietssleuteltje in mijn handen bleef ik staan en keek naar de vogel. Die staarde terug met felle ogen, een beetje gemeen. Echt een roofdier, klaar om toe te slaan. Plots leek hij zich te bedenken, hij schoof iets opzij over de buis, weg van de wand. Hij liet zich voorover vallen, zijn klauwen bleven de buis omklemmen tot hij ondersteboven hing en in ene moeite door schoot hij achterlangs weer omhoog, zijn tenen nog steeds om de buis geklemd. Uiteindelijk zat hij weer rechtop op de buis. Een salto, was het enige dat ik kon denken. De vogel keek me nu brutaal vragend aan, eisend misschien, gebiedend. Ging ik hem de weg naar buiten nou nog wijzen of hoe zat dat? Hij had een kunstje gedaan, nu was ik aan zet. Verbluft zette ik de deur van het fietsenhok wijd open, met een fladderend armgebaar wees ik van de vogel naar de deur. Hij keek me nog eens aan en in een prachtige glijvlucht vloog hij naar beneden, majesteitelijk, tot vlak boven de grond. Bij de deur slaakte hij zo’n echte roofvogelkreet, krieieie, ik verbeeldde me dat het klonk als dankjewel. Zigzaggend scheerde hij naar buiten. Pas ’s avonds las ik in de vogelgids dat bij sperwers het mannetje het kleinst is.

Marijke Roza-Scholten
1 1

Verwachtingen zijn er ook

’t Is gebeurd. Jahweh! Wat eigenlijk “jawel” wil zeggen in de bijbel die ik heb geschreven toen ik zo eens niets anders te doen had. Deze handgeschreven roman is uniek, en ligt op een duister geheim plekje bewaart. Dikke zever dus als ik weet dat hij hier op het aanrecht van de keuken wat ligt te verkleuren als de zon er ’s middags op ligt te branden.   Ik schreef maar wat. Het voelde aan als een verplichting om het proces in gang te houden van “Bart de verbeteraar”, de man die het licht had gezien, en klaar was om met een bureaulamp in iedereen zijn ogen te schijnen tot het moment dat ze zelf ook het befaamde licht zouden zien. Tevergeefs.   Ik moet me hier niet gedragen als één of andere God, alhoewel? Ik doe niets anders. Het werd een missie, waarvan ik later alleen maar te weten zou komen dat het onmogelijk was om er de gewenste resultaten van te zien.   Ik had iets meegemaakt, dus ik zou andere ook wel kunnen helpen met wat mij heeft geholpen... En als net dat, onmogelijk bereikbaar publiek, niet zou lukken om interesse op te wekken? Dan zou ik hen verdomse nog meer debiel beschouwen dan ze al waren. Ik probeerde maar, ik wou mensen bereiken die niet bereikbaar waren, blinden laten zien, zo hard roepen tegen doofstomme personen dat ze mij zeker hadden gehoord en er nog een gepast antwoord op zouden geven ook.   Het mathematisch gezever dat 20pillen xanax geen ideale combinatie is als je plannen hebt om het gaspedaal van uw trouwe vierpedaler plat te trappen, wil ik jullie besparen. Het gaat hem meer over de inhoud, zeg maar de bijsluiter die je best ook niet in het Kroatisch probeert te lezen. Laat staan als je dat verfrommeld papiertje ondersteboven probeert te begrijpen. Alle excuses waren welkom om mij als een verslaafde idioot te gedragen. Niet dat ik verslaafd was aan xanax. Ik was verslaafd aan andere zaken waar ik alleen maar ben achtergekomen toen ik eens een oneliner opnam van een vriend van mij.     “Aah Bartje?! Wat dan? Was jij een verslaafde? Dat wisten wij niet... Was het mss drank? Gokken? Coke? Of nog van die voor de hand liggende voorbeelden die wij, de mensen, alleen maar kennen van op TV?”   Ik was verslaafd aan verwachtingen, en nog altijd een beetje. Denk niet dat je er ooit helemaal van afgeraakt. Het klinkt zeer brut en kort door de bocht... Maar als je er verder, ironischer over nadenkt hebben we allemaal toch een leven vol verwachtingen? Ik had zo een pakket verwachtingen van alle mensen rondom mij... Bijvoorbeeld als ik op het werk omringd werd door collega’s die me totaal niet snapten, ik verwachte dat wat ik hen vertelde voor waarheid aanvaard zou worden. Ik verwachte dat iemand anders zijn gedrag zou veranderen omdat het mij serieus stoorde. Ik verwachte dat mensen verdomse anders zouden denken. Ik verwachte een krant die me eens iets anders wist te vertellen dan het stereotype beklag waar ik niets van wil weten. Ik verwachte dat mensen mij tof zouden vinden. Ik verwachte een trapgewijs leven waar alles vanzelf zou komen, goed of slecht, alles bepaald zijnde een vorm van tijd die mij het best zou passen. Ik verwachte ouders die alles wisten van mij naar wat ik op zoek was. Ik verwachte geen fille als ik de baan op ging, ik verwachte dat die klootzak voor mij aan de kassa wat rapper vooruit ging. Ik verwachte een zomer van 2maanden stralende zon, 30graden overdag, 12graden ’s nachts, en geen muggen in mijn kamer. Ik verwachte dat de verwachtingen van iedereen zich zouden aanpassen aan die van mij. De lijst was en is eindeloos. Om nog maar te zwijgen over de verwachtigen die ik voor mezelf had... Een goede papa, een goede buurman en een nog betere vriend, een knapperd geliefd en gevreesd door iedereen die mijn pad zou kruisen.   De bepaalde oneliner van een vriend van mij, die zich verdomse nog meer idioter heeft kunnen gedragen als mezelf, gaat als volgt. “Verwachtingen kunnen alleen maar leiden tot teleurstellingen.”     Wat kan ik van andere mensen verwachten? Dat ze zich minder dom en kortzichtiger zouden gedragen om enkel mij te plezieren? Dat is een teleurstelling want dat zal nooit gebeuren. Dat geldt ook voor de verwachtingen van anderen naar mij toe, kan alleen maar een teleurstelling zijn als je te horen krijgt dat mijn zoveelste tekst nog steeds geen kader heeft gekregen om opgehangen te worden in het museum voor schone kunsten in Brussel.   Maar zoals ik al zei, zal ik altijd een beetje verslaafd blijven aan verwachtingen. Nog niet zo lang geleden moest ik een nieuw voetbalbroekje weten te strikken. Vanzelfsprekend ging ik dus op zoek in een sportwinkel. United Brands zal me zeker niet teleurstellen, dat dacht ik. Het plan om niet meer dan 10-15euro te besteden aan een kort broekje viel al snel in het water toen bleek dat de zwarte broekjes van Nike er niet meer waren in mijn maat... XXXXL was er nog wel. Ik had bedenkingen of er zulke mensen wel op een voetbalveld zouden geraken, of ze dat broekje alleen zouden kunnen aandoen in de kleedkamer, en nog van die vragen die me welgeteld 2minuten bezig hielden.   Ik vroeg hulp aan een medewerkster van deze winkel... Wetende dat mensen die in een kledingwinkel werken eigenlijk niet echt hard moeten werken maar eerder bezig zijn met klagen, zagen en kledij opvouwen. Pfft, ik waagde mijn kans en botste op een negerin die er dus “werkte”. Het zal wel de zus zijn geweest van die gewezen atlete, Elodie Ouedraogo. Althans kon ik alleen maar de achternaam raden, het “naambordje” dat zorvuldig werd vastgepint op haar T-shirt wist mij enkel te zeggen dat haar voornaam Malika was.   “Goeiemiddag Malika, zijn er nog van die zwarte voetbalbroekjes van Nike in andere pasvormen? Ik heb namelijk een large, en deze zie ik er niet meer tussen staan.” Luide mijn vraag...   “Euhm, dat weet ik niet” klonk het niet bevredigende antwoord van Malika. “Wij hebben geen stock, alles wat je hier in de winkel tegenkomt is er dus alleen maar.” Ging ze verder toen ze mij toch maar uit beleefdheid volgde naar de bewuste zwarte voetbalbroekjes van Nike. Ik was teleurgesteld, niet alleen had ik al meer dan 15minuten verscheten in die kutwinkel nu bleek ook nog eens dat er geen zwarte broekjes in mijn maat waren. Het moest er trouwens één van Nike zijn, een ander broekje zou niet echt matchen met de rest van mijn wedstrijdoutfit die ik komende zaterdag zou aandoen wanneer ik het veld zou betreden.   Ik werd serieus op de proef gesteld, Malika wist trouwens niets van mijn wederopstanding die ik aan het ondergaan was sinds ik uit de psychiaterische afdeling in Lier werd ontslagen. Ze stelde mij een vraag waarvan ik had verwacht dat ze die nooit zou vragen. “Ooh was dat uw vraag?” vroeg ze dus...   “Natuurlijk was dat mijn vraag Malika! Ik vraag u toch geen persoonlijke mening over hemden met korte mouwen die je dezer dagen nog durft tegenkomen op straat? Ik vraag u toch ook niets of je er net als ik bedenkingen bij hebt wat het nut is van gepersonaliseerde nummerplaten?” Malika werd zowaar het gezicht van plaats vervangende schaamte. Ik kon het al wel voelen aan mijn ballen dat dit meisje een zoveelste interimmer was die United Brands met het nodige lof op haar CV kon plaatsen.   “Malika, in plaats van hier wat den toerist te liggen uithangen in uw eigen jeugdigheid, zoude beter uw job is gewoon doen. Ik stel geen moeilijke vragen, en al zeker niet aan mensen zoals u. Ik vraag u niet of je mij een overzicht kan geven van alle tektonische platen van onze aarde. Ik stel u doelgericht (lees. Voetbal) vragen of je mij kan verder helpen met het vinden van een zwart voetbalbroekje van Nike.”   “Ja maar mijnheer, ik ben hier nog maar 2weken bezig... Net voor u mijn onbekwame hulp kwam vragen, riep David mij door de walkie talkie. David is de shiftverantwoordelijke en hij had mijn hulp ook dringend nodig, om zijn ballen te poetsen weliswaar. Hij was namelijk net bezig met het polijsten van de nieuwe levering bowlingballen. U kan toch ook niet verwachten van mij dat ik hier alles weet over het reilen en zeilen van United Brands?”   “Nee idd Malika, ik mag dan ook geen verwachtingen hebben. Zelfs niet van mensen zoals jij, die hier hun zakken wat komen vullen door eigenlijk niets te doen. Hou jij het maar bij David en zijn opgeblinkte ballen. Dan hou ik het wel gewoon... bij geen verwachtingen hebben.”

Bart Van de Peer
0 0