Lezen

Het nieuwe roken

“Naar wat smaakt dat nu?”, vroeg de man. Wijzend naar het toestel waarmee de andere man op het caféterras aan het roken was. Het was zo een e-sigaret. Ingewijden in het nieuwe roken zeggen er ook wel een ‘vaper’ tegen. “Deze smaakt naar koffie. Maar soms rook ik met cappuccinosmaak”, antwoordde de man terwijl hij een wolk uitblies waar een opstijgend vliegtuig niet voor moet onderdoen. Ik moest met mijn handen zwaaien om de damp weg te krijgen, zodat ik mijn vrouw terug naast me zag zitten. “Tja, dat zet de deur natuurlijk open voor andere smaken”, zei ik tegen haar. “Persoonlijk zou ik dan kiezen voor witloof met hesp en kaassaus of aspergesoep.” Het zal er wellicht nog ooit van komen. “Vroeger heb ik gewone sigaretten gerookt”, ging de conversatie tussen de twee verder. “Maar mijn vrouw en ik wilden er vanaf. Helemaal stoppen ging niet. Ik kan het trekken niet laten”, lachte hij.  Die laatste zin had ik eigenlijk niet willen horen, maar het blijft op de één of andere manier een raar zicht. Roken met zo een toestel. Mijn theorie hierover? Dat komt omdat we nog geen acteurs in films of series zien met het apparaat. De gewone sigaret of sigaar was alomtegenwoordig in de bioscoop.  Dat je in cafés en restaurants niet meer mag roken is vanzelfsprekend een zegen. Geen stinkende kleren meer. Geen volle asbakken op de toog. Zo moest ik ooit iets bestellen in een café waar de muziek nogal luid stond. Het was me niet opgevallen dat ik boven een volle asbak aan het roepen was. Door mijn geroep en geblaas kreeg de cafébaas een volle lading sigarettenas in zijn gezicht. Achteraf kon hij er mee lachen. Al heb ik bij mijn bestelling toch die ene zin toegevoegd. “En pak zelf ook iets.”     

Rudi Lavreysen
0 0

Spinnen

Ik vertel mensen vaak hoe gelukkig ik ben, hoe goed alles gaat met Nick. Ik zeg hen dan dat hij echt goed bij me past en me gelukkig maakt. Dat tegen anderen kunnen zeggen geeft me ook een goed gevoel. Maar ik stel mezelf steeds vaker de vraag of dat wel echt zo is. Maakt hij me echt gelukkig?    Ik merk dat hij me goed begint door te hebben. Hij ziet het aan me als ik met iets zit en hij ziet het aan me als hij me blij maakt. Gisteren zat ik met iets en ik wou wel dat hij het wist maar ik wou het hem niet vertellen, dus ik verstopte het. Hij merkte toch op dat er iets was en ik vertelde dus wat er op mijn hart lag. De reden waarom ik het niet wou vertellen was omdat ik niet wou zagen of onzeker wou overkomen want ik weet dat hij daar moeilijk mee om kan. Gisteren reageerde hij echt rustig op wat ik hem zei en stelde me gerust. Het verbaasde me dat hij zo goed met mijn onzekerheid omkon, zo ineens. Maar dat ene gesprek nam natuurlijk niet al mijn zorgen weg.    Ik word zo onzeker als ik bij hem ben en ik kan me niet herinneren dat vroeger bij een ander lief gevoeld te hebben. Ik weet niet wat ik moet zeggen of hoe ik hem moet bezighouden. En ik wil hem zo graag zeggen dat ik hem doodgraag zie maar ik ben bang dat hij het niet terug zal zeggen. Ik weet dat hij z'n best doet en niet kan weten wat er allemaal in me omgaat dus ik probeer niet te veel te verwachten maar los daarvan voelt het ergens niet juist. Ik stuur hem nog steeds niet uit mezelf en wacht altijd tot hij stuurt. Ik zeg vreemde dingen als er stiltes vallen die ik wil opvullen, maar als het niet ongemakkelijk was dan zou dat toch niet nodig zijn? Ik durf mezelf niet te zijn. Is dat normaal? Kan dat ooit nog veranderen? Ik hoop het, maar dan zal ik meer moeten zeggen wat ik voel en dan zal hij dat moeten aanvaarden. En dat is de reden waarom ik hem nooit durf zeggen wat ik voel, dat ik bang ben dat hij daarvan gaat weglopen en het niet gaat aankunnen. Maar ik weet niet of ik dit nog lang aankan. 

Layla Clarke
0 0

Misschien komen we nooit meer terug

“Nee, Jimmy... Dat is echt geen goed idee.”   Ik heb het nog al moeilijk met slechte ingevingen goed te keuren. Niet omdat ik het altijd beter weet... meestal wel. Maar er zijn meningen en visie’s die verschillend kunnen zijn. Ideeën zijn echter het tegenovergesteld, daar kan je beter niet met naar mij stappen. Toch al zeker niet de ideeën waar Jimmy Frey met rondliep toen ik zijn tourmanager was.   Begrijp me niet verkeerd maar de entourage waar deze cultrocker zich door liet omringen was verre van beperkt. Er werd iemand aangesteld voor de persoonlijke catering van hem, die tot in de puntjes voorbereid moest worden. Zo stond Jimmy er op dat zijn boterhammen met salami zonder boter gesmeerd moesten worden en dat het al zeker geen look mocht bevatten. Naast de catering supervisor waren er nog masseurs, die alles optimaal moesten voorbereiden om “the one and only” tot een hoogtepunt te brengen. Jimmy dulde absoluut geen pottenkijkers tijdens zijn prostaatmassage. Maar het werpte zeker zijn vruchten wel af toen hij verschillende podia betrad. Logistic officer had dan weer de taak om alles op tijd ter plaatste te krijgen... Niet alleen de Poolse background-danseressen uit Terneuzen, maar ook gans de entourage, “the one and only” himself, lichten, vuurwerk, een rookkanon. Special guests zoals een stel wilde olifanten, hamsters, nijlpaarden, een anaconda, drie giraffen, zijn parkiet Daisy. Zijn gouden microfoon en bijpassend ivoren statief. De fake zonnenbril van Gucci die hij in Egypte op het strand had gevonden tijdens de opnames van de videoclip “Nick, let me ride on your dick”. Een boek tarotkaarten. En natuurlijk de cowboyhoed die hij van een legende in Lichtaart had gekregen, Bobbejaan Schoepen. Zonder zijn gelukshoed ging Jimmy nergens heen, hij zette de hoed wel af als hij werd aangekondigd om te gaan optreden. Hij wou zich niet belachelijk maken op het podium. Er werd ook een mental coach aangesteld die Jimmy moest motiveren om weer eens een show neer te zetten die de mensen omver deed blazen. De mental coach deed eveneens dienst als personal supplier van speed zodat “the one and only” zich voor het bisnummer “Saragossa” nog even kon oppeppen. Hij had eens gehoord dat Lemmy van Mötorhead dat ook deed, en dan moest Jimmy dat ook maar doen. Hij was niet altijd even vindingrijk, maar zo zijn supersterren denk ik?   Dat kopieergedrag valt niet alleen bij rocksterren te bespeuren, maar ook bij schrijvers. Zo af en toe merk ik eens op dat er veel “wannabe haantjes de voorste” zijn, die vervolgens een gooi doen naar mijn plaatsje, nummero uno, in de lijst van Bekend Schrijvend Vlaanderen.   Biljetten van €500 werden trouwens uitgevonden door Jimmy Frey zelf, zo goed gingen de zaken dat de Europese Unie moest ingrijpen door het beschikbare gamma van 6 bankbiljetten uit te breiden naar 7.   Jimmy kwam na een drukke zondag, helemaal bezweet en koekescheef van de speed, naar mij gestapt. Na optredens in het rustoord “Sint-Jozef” te Haaltert, Café “De Vrede” in Denderleeuw waar er een heus verrassingsfeest werd voorzien voor de jarige voorzitter van de Oost Vlaamse duivenbond, Frans Hermans. En als aflsuiter zong Jimmy voor de derde keer “Saragossa” voor die bende janetten in Aalst die één keer op het jaar in het nieuws komen hoe ze zich anders ook zouden gedragen.   “The one and only” zag het groots... “Bartje!!! Ik wil meer!!! Meer speed!!! Meer van die Poolse trutten die tegen hun goesting staan te dansen!!! Meer giraffen, olifanten, nijlpaarden, hamsters, vuurwerk, lichten!!! Ik wil ook 2 anaconda’s ipv één, en ik wil een groter rookkanon!!!”   “Jim, rustig... ik ben van oordeel dat uw ideeën rotslecht zijn. Maar wat je hier allemaal opsomt kan nog wel eens een realistische uitdaging worden.”   Helemaal verstijfd begon Jimmy mij te kietelen, een beetje te plagen, ik schoot natuurlijk in de lach en kietelde hem terug. Toen het even bedaard was ging “the one and only” verder op zijn elan... “Ik zie het groots Bartje!!! Ik wil optreden op Pukkelpop!!!”   “Nee, Jimmy... Dat is echt geen goed idee.” Repliceerde ik met de nodige angst van deze zot onder speed... “Ik!!! The one and only!!! Zorg wel dat ge verdomse ne laptop hebt gekregen voor uwe nieuwjaar zo dat gij uw miezerige, belachelijke teksten kunt schrijven é snotneus!!! Hebde gij wel een besef dat er verdomse miljoenen jonge knapen zijn die maar al te graag uw plaatsje willen inpalmen als tourmanager van “Jimmy Frey, and the Kumbaya Journey”!!!”   ...     “Luistert Bartje, ik ben al heel tevreden van het geleverde werk van u, en ben u zeer dankbaar dat je bepaalde optredens hebt kunnen strikken zoals het 2de optreden in café “De Vrede” bijvoorbeeld. Maar als gij!!! Mij niet naar Pukkelpop kunt brengen dan stopt onze samenwerking hier!!! Gij met uw groot bakkes altijd, als ik uw teksten zo lees dan zijde verdomse God, krijgde alles voor elkaar!!! Brengt mij naar Pukkelpop of ik garandeer u dat je de laatste tekst hebt geschreven in uw leven!!! Belachelijk ventje!!!”   Jimmy Frey heeft zo zijn kantje als hij onder de stress en speed zit. We kwamen zo eens Chuck Norris tegen toen we in Amerika tourden als voorprogramma van The Prodigy. Chuck wou na het optreden even op de foto met “the one and only”... Wat niet naar de zin was van Jimmy omdat hij een oog heeft voor B-acteurs. Wat volgde was een ultimate stare down tussen deze 2 mannen. De stare down van Chuck Norris is berucht, ik was ervan op de hoogte... Ik fluisterde het nog snel in Jim zijn oor. Maar Jimmy glimlachte eens naar mij. Die glimlach werd alleen maar groter toen Chuck begon te huilen.   Met de gedachte die me nooit heeft los gelaten wist ik dus maar al te goed dat Jimmy het meende. Ik belde meteen naar Chokri, wist hem te overhalen dat een festival georganiseerd door een bruine toch ook wat meer kleur kon gebruiken, hij twijfelde niet en voegde “the one and only” aan de line-up van Pukkelpop toe.   Met een stoet papegaaien om ons heen, trokken we met een circus naar Kiewit. Eens aangekomen op de weide, viel het Jim een beetje tegen dat hij al om 13h moest spelen op de Main Stage. Maar hij was nuchter en dankbaar voor de kans die hij kreeg. We kozen voor dezelfde show die we altijd al hadden performed. Aan succes mag er niet te veel gesleuteld worden.   Na afloop van zijn optreden bleef Jimmy in zijn loge speed snuiven. Koning was hij, en terecht. Hij heeft “alternatief” Vlaanderen laten zien dat er wel degelijk plaats is voor cultrockers van eigen bodem op Pukkelpop.   Ik besloot om de festiviteiten eens onder ogen te komen. Wat maakt nu van een festival als Pukkelpop een statement van liefde, verbroedering, vrede, witte duiven, lelijke poezen, duurzaamheid en bewustheid?   Ik schrok mij een bult toen ik over de festivalweide trok... €15 voor een pintje, €30 voor een hamburger, €50 voor een stuk pizza, €80 voor een chokri-kebap. Tickets kosten blijkbaar maar liefst €7500 voor één dagje genieten van Pukkelpop, en zijn hemel die ze op aarde wisten te brengen. Om nog maar te zwijgen over al die jongeren die er op MD wat staan te knallen en politieke discussies niet uit de weg gaan als ze helemaal “Jimmy-scheef” zijn.   Blijkbaar staat er op het alternatieve gedachtengoed, waar er voor geld geen plaats is, ook een hypocriete prijs.   Ik had mij nu wel iets ander voorgesteld hoor Chokri.   Geef mij maar 4dagen...   Saragossa, Saragossa... Dat is de stad van mijn dromen! Saragossa, Saragossa... Waar nooit de winter zal komen! Je zult je hart verliezen in Saragossa! Voor ’t vrije leven kiezen in Saragossa! Ja, alle wegen leiden naar Saragossa! Misschien komen we nooit meer terug?!

Bart Van de Peer
0 0

Vroeger? Toen ging ik op pensioen.

What’s the story, morning glory?   Verdomse wat heb ik met dat veel afgevraagd... Er zullen veel verklaringen zijn wat de betekenis nu juist is van het geweldige nummer van Oasis. Volgens sommigen, verwijst de titel naar een ochtenderectie. Er kunnen natuurlijk ook andere interpretaties gevormd worden zoals een verslaafde die zijn coke aan het versnijden is op een spiegel. Maar dat vind ik niet echt gepast omdat ik als één van de weinigen hipsters beschouwd kan worden die nog nooit een lijntje naar binnen heeft gesnoven. Maar! Over ochtenderecties kan ik zeker meespreken! Niets zo leuk dan smorgens wakker te worden met een beenharde pekker, om hem vervolgens bloedserieus te vragen “What’s the story, morning glory?”   Ik geniet er van, echt waar. En ondanks dat ik de grap zelf ben, en ironie zo wat een oplossing biedt voor alles... Ben ik mij er nog wel bewust van dat er tijden zijn geweest dat hij niet altijd Piet Paraat heeft gestaan. Het zou trouwens nog een leuke zomerhit kunnen worden. “Piet Paraat, Piet Paraat. Schip ahoy, hoy, hoy... Dat is jouw kameraad... Schip ahoy, hoy, hoy. Met zijn pik de Harde Schuit vaart hij alle dagen uit. Piet Paraat, Piet Paraat, Piet Paraat!!!”   Dat ik net nu als hobbygoeroe beschouwd kan worden valt mij bijzonder zwaar, want ik had er in mijn meest depressieve periode wel iets met kunnen doen om antwoorden te vinden in de spiritualiteit, in plaats van drank en medicatie. Verdorie wat heb ik het toch goed kunnen begaaien, snap niet dat mijn zelfbeeld zo laag was, en nog steeds een beetje is. Dat ik zelf dat niet als iets kon beschouwen wat ik echt goed kon. Begaaien, weglopen van alles, me even verstoppen voor die boomerang, mezelf sussen dat het gwn wel zou goedkomen zonder iets te ondernemen. Good old days. Sarcasme en ironie vieren hoogdagen op azerty, tenminste als je werelds beste schrijver aanklikt.   Maar als er morgen iets mis is met uw vriend “de vleestoeter”, dan maak je u wel zorgen. Niets zou nog een taboe mogen zijn, en zo dus ook niet mijn trouwe metgezel die al gedurende 28jaar tussen mijn gespierde benen hangt te bengelen.   Vroeger toen ik nog voetbalde hier bij de lokale voetbalclub K. Oelegem S.K. kon ik mezelf omschrijven als een karaktervoetballertje. Toen de prijzen tenminste verdeeld werden bij de duiveltjes en de preminiemen. Ik moest het niet hebben van versnufde dribbels, in tegendeel. Een goede pass geven, duels winnen tegen een andere snotter, eens diep gestuurd worden, achter de bal lopen als een volharde spartaan, ... Ik deed het graag, heel graag. Maar mijn eeuwige vijand genaamd “Tijd” zat lustig elk week-end mee te kijken. Genietend wnr zijn tijd zou komen om eens goed te lachen met Bartje. Jaren vlogen voorbij, en zowat iedereen om mij heen ging mee behalve ik.   Typisch.   Blijkbaar had  “Tijd” een pact gesloten met “Moeder Natuur” om mij als allerlaatste in het rijtje te houden om een scheut te geven. Het schaamhaar dat ik nu scheer van mijn pik, kwam er toen maar niet. Tot groot jolijt van mijn ploegmakkers waar “Tijd” en “Moeder Natuur” het niet zo op gemunt hadden. Ik zag ze wel wansmakelijk naar me kijken toen ik na de training of wedstrijd onder de douche ging. De momenten waar ik nu zo zeker van ben, wel die waren er toen helemaal niet, en ik zag ook niet echt licht aan het einde van de schacht, euhm tunnel. Dus ik kapte met voetballen.   Alles bleef natuurlijk aanmodderen bij mij, verdorie toch. Waren de jongentjes van toen ook al geen echte mannen die met hun “zatte 5 pinten verhalen”, brommertjes die racemotors waren, het versieren van meisjes op boerenfuiven, ... Konden uitpakken? Ik kon er natuurlijk niet van meespreken. Hoogdagen waren het voor “Tijd”, toen hij met “Moeder Natuur” een zoveelste vervolg aan het compileren was van “ Wat nu, Bartje?”   Het werd afgezaagd. “Moeder Natuur” verliet uiteindelijk het toneel om dan later nog eens lekker “hallo” te komen zeggen in mijn leven.   Bij mij kost alles tijd, en ik heb verdomse “Tijd” zelf eens goed te kakken gezet toen er na 28jaar de “vind ik leuk meter” verbonden werd aan mijn zelfbeeld.   Ik heb eigenlijk al een soort van leven geleid of gelijd gehad. Ik was na een bepaalde tijd verward door mijn biologische klok die nog op winteruur stond, waarvoor dank meneer “Tijd”. Ik leefde het leven van een gepensioneerde zageman vol zelfbeklag, medelijden, aandachtsperikelen, signalen die nooit zijn aangekomen, boodschappen waar niemand wijzer van werd. Ik was zelfs zo gepensioneerd dat ik geen aandacht had voor mijn floeper, helemaal slap door de medicatie en een libido waar Moeder Theressa zelfs niet geil van wordt. Ik deed met mijn leven eigenlijk ook echt niets want ik was gepensioneerd, ik verdiende rust. Althans dat maakte ik mezelf wijs. Ik rookte, dat deed ik wel goed. Ik was een gedreven roker. Daar werd ik wakker voor. Ik vulde mijn dagen wel met te gaan werken. En dat was dan meer dan genoeg. Ik was gepensioneerd, ik bedoel echt zooo gepensioneerd. Men kan toch niet veel meer verwachten van mij? Zo lui van lui te zijn, dat is verdorie iets vermoeiend.   Alsof het hier allemaal maar om tijd blijkt te gaan, besloot ik om mijn pensioen op te zeggen. Het was de spirituele ik, en nog een tal van debiele verzonnen karakters die me wakker hebben geschud. Maar een vos die zich verschuilt in een beer verliest zijn streken natuurlijk niet helemaal.   Ik heb het verdomse nog altijd moeilijk om op “Tijd” op te staan.   Van een einde is er nog geen sprake.       Nee.

Bart Van de Peer
0 0

VAN DE PRINS GEEN KWAAD WETEN

Dus vanaf dit najaar moet Laurent naar de voedselbank. Eindelijk hebben de Belgische burgers de moed gehad om ’s lands grootste werklozensteuntrekkende nutteloze sprookjesfamilie aan de kant te schuiven.  Ex vorstenpaar, ma en pa rentenieren in Zuid Frankrijk of in Italië, met het door ons gesponsorde, riante familiefortuin. Broer en zus belegden hun dotaties en leven nu rijkelijk van de intresten. Maar zoals in elke gewone doorsnee familie is er wel een zwart schaap te bespeuren en dat is nu eenmaal de gewezen prins rebel. Hij zit gehurkt tegen de muur van het Brusselse Noordstation en zet ietwat verlegen zijn kleine zwarte hoedje voor zich neer. Reizigers die hem voorbijsnellen, bekijken hem meewarig. Zij kunnen hem echt niet direct plaatsen, maar het gezicht van die haveloze dikke dakloze komt hen wel ergens bekend voor. Is dit een te vroeg uitgedijde werkeloze televisievedette van Temptation Island? Was het een charmezanger die na één hitje de mist in gegaan was? Was het een failliete nitwit van het ‘Sky is the limit’ programma? Veel tijd om erover na te denken hebben deze treinreizigers niet, want de job roept. Een passant kan zijn ergernis niet onderdrukken en roept: ‘Ga godverdomme werken zoals wij, in plaats van hier je botten te schuren!” Laurent beseft dat het helemaal verkeerd afgelopen is. Hij knikkebolt. Hij droomt van dat fantastische dutje dat hij had, op de Belgische nationale feestdag, toen hij mee de militaire défilé moest aanschouwen. Geeuwverwekkend saai vond hij dat. Zijn broer en schoonzus hadden hem verontwaardigd op het Koninklijke matje geroepen, de halve Belgische koningsgezinde bevolking had schande geschreeuwd, terwijl de andere helft juichend geroepen had, dat het tijd werd om die vorstenhuisfamilie eruit te flikkeren. Laurent gniffelt als hij bedenkt dat het ordinaire burgervolkje nu zelf voor een geldverslindende president zal gaan stemmen. Krijgen ze straks zo’n Moe Merkel, die alles schafft, aan het roer of zo’n Trump-a-like die al twitterend en klimaatopwarming ontkennend zijn eigen ondergang bewerkt. Hij heeft voor alle zekerheid zijn Laurent- twitteraccount snel afgesloten. Laurent begreep het allemaal niet meer zo goed. Toen hij zijn boekje ‘de hond als gids’ schreef, noemden men hem vertederend ‘Prins Woef’. Nu hij zich wat op serieuzer diplomatieke zaken had toegelegd, was men ineens zijn fratsen beu en werd hij plots, ‘de prins met het hoekje af’ genoemd. Oké, hij was soms eventjes depressief geweest, je zou van minder met zo’n Koninklijke pokkenfamilie. Hij heeft het nooit ten volle beseft maar hij werd al eens om één of andere reden kunstmatig in een coma gehouden.  Maar hoe hij ook stuntelde, hij deed het toch allemaal maar voor België. Aanwezig zijn op de 60e verjaardag van het Chinese leger, met zijn stichting in het Midden Oosten wat bomen gaan planten en ja inderdaad, hij had vroeger wat schimmige uitspraken over de Belgische regering durven maken.. maar om hem hiervoor nu ineens zo te straffen en zijn dotatie af te nemen!! Dotatie, dotatie, alimentatie, alimentatie, man, man, man!  Hij zucht en denkt aan zijn drie kinderen die nu bij zijn ex vrouw wonen. Claire werkt terug en dreigt ermee dat hij zijn kinderen niet meer te zien krijgt zolang hij geen alimentatie betaald! Hij kan toch moeilijk reclamefoldertjes in de brievenbussen gaan steken, aan de lopende band gaan staan, achter de vuilkar gaan lopen, want hij kent niets! Hij is alleen een steuntrekkende prins geweest. Hij zakt wat verder weg tegen de stationsmuur en mijmert over zijn tijd in villa Clémentine. Waar was de tijd toen hij hottel de bottel verliefd was op dat zwartharige fotomodel- zangeresje.  Die wist van wanten! Hij was voor haar de prins op het witte paard.  Jarenlang heeft het Belgische volk zijn hypocriete vader onderhouden. De koninklijke schuinsmarcheerder, die het vertikte om zijn liefdeskind te erkennen en juist deze, naast de pot pisser, had het lef om een stokje voor zijn kikkerprins romance te steken.  Als kind werd hij telkens bij oom Boudewijn en tante Fabiola gedropt. Elke dag als hij eens wat kattenkwaad uitgehaald had, moest hij op zijn blote knietjes in de Koninklijke kapel voor het grote christelijke kruis om vergiffenis vragen voor zijn zonden. Heel zijn leven lang, voor alles wat hij zei, deed of dacht heeft hij tegen iedereen sorry moeten zeggen.. Hij kijkt in zijn hoedje waarin alleen een luttele hoeveelheid koperen centjes  liggen. Hij kruipt omhoog, trekt zijn te smal geworden jas wat dichter rond zijn buik en wankelt onzeker richting Maximiliaanpark. Hier schuift hij mee aan, met de honderden vluchtelingen aan de voedselbedeling van de ngo’s. Hij voelt zich wat onwennig tussen al die zwarte transitmigranten. Slapen in het park durft hij nog niet. Als straks de honger Afrikaantjes te weten komen dat hij een directe familiebloedband heeft met de Congo uitbuiter, de exploiterende, handen afhakkende Koning Leopold II, gaan de poppen aan het dansen. Waar kan hij, als ex prins, asiel aanvragen? Ma en pa hebben hem verstoten en dobberen bruinend op hun jacht in de Middellandse zee. Broer, schoonzus, zus en schoonbroer kijken hem met de nek aan. Zij hebben zich een jetset leventje toegeëigend. Alleen zijn halfzuster Delphine wil hem nog kennen, maar alleen dan als hij zijn dna wil afstaan. Wie wil hem nog? Wie wil deze kikkerprins nog kussen? Ach volgens hem hebben de Belgische burgers het prinsenkind Laurent prematuur met het badwater weggegooid! Hij, Laurent van België had een fantastische koning geweest!

Sim
36 0