Nooit meer?
We kennen allemaal de moraal van het verhaal, wanneer het gaat over de Tweede Wereldoorlog. Onder het bewind van Hitler overschreed Duitsland morele grenzen op een schaal die in de recente geschiedenis nauwelijks geëvenaard is. Ongeveer zes miljoen Joden werden vermoord. Naar schatting 2,7 miljoen van hen werden gedood in vernietigingskampen — de zogenoemde fabrieken van de dood. Anderen werden vermoord door massa-executies, doelbewuste uithongering, mishandeling en levensomstandigheden waarin ziekte vrij spel kreeg.
Wie in de concentratiekampen bij een selectie arbeidsgeschikt werd bevonden, kon soms tijdelijk aan de onmiddellijke dood ontsnappen. Vervolgens werd die persoon als dwangarbeider uitgebuit — vaak tot ook het lichaam het begaf.
Sindsdien heeft Duitsland zich intensief en niet zonder spanningen met dat verleden geconfronteerd, onder meer via de zogenoemde Vergangenheitsbewältigung. Het verleden mag niet ontkend, verbloemd of verzwegen worden. De waarde van de Duitse herinneringscultuur ligt niet in erfelijke schaamte, maar in de belofte dat historische kennis het handelen in het heden moet veranderen.
"Nooit meer", werd gezegd.
"Nooit meer", werd beloofd.
Anno 2026. De wereld is een bosbrand die we niet krijgen geblust. Gewone burgers zijn vaak de bomen die als eerste sneuvelen door het vuur. Nota bene aangewakkerd door hun eigen leiders. En in mijn hoofd gonzen veel vragen, maar twee vragen komen steeds sterker naar voren.
1) Hoe lang nog?
2) Geldt "Nooit meer" alleen maar zolang het ons niets kost?
De Israëlische regering, aan de macht in een staat die zichzelf expliciet als Joods definieert, maakt het leven in de Gazastrook steeds moeilijker en voor velen zelfs vrijwel onmogelijk. De Palestijnse bevolking daar leeft feitelijk in een openluchtgevangenis. De geschiedenis herhaalt zich niet in dezelfde uniformen of met dezelfde slachtoffers. Maar mechanismen van ontmenselijking, opsluiting, collectieve bestraffing en strategisch stilzwijgen kunnen terugkeren — ook bij staten die hun identiteit mede ontlenen aan een geschiedenis van vervolging en slachtofferschap.
Daarnaast woedt de oorlog in Oekraïne, een andere vuurhaard. Dat wij de Oekraïense bevolking aan het oostfront van Europa steunen, is terecht en noodzakelijk. De Verenigde Staten zijn cruciaal voor bepaalde wapensystemen en munitie, terwijl vooral de Europese landen — met Polen, Finland en de Baltische staten in een uitgesproken voortrekkersrol — én Canada grote inspanningen leveren om Oekraïne overeind te houden.
Maar wie de complexiteit nog niet ziet van die twee conflicten, die soms meer verweven raken dan je zou vermoeden, loopt achter in het verhaal dat zich vandaag voltrekt. De verbinding tussen beide conflicten loopt in belangrijke mate via Washington: Europa rekent voor de verdediging van Oekraïne nog sterk op de Verenigde Staten, terwijl het daardoor terughoudender dreigt te worden wanneer diezelfde bondgenoot Israël politiek en militair blijft steunen.
Europa houdt de Verenigde Staten te vriend. Die militaire afhankelijkheid verkleint echter zijn handelingsruimte en bemoeilijkt het innemen van een werkelijk onafhankelijk standpunt. Europa bewijst niet dat het de Holocaust heeft begrepen door die ieder jaar te herdenken, maar door te tonen wat het doet wanneer burgers vandaag worden ontmenselijkt — ook wanneer optreden strategisch ongemakkelijk is.
Inmiddels worden de Israëlische militaire campagne en het beleid in Gaza door verschillende mensenrechtenorganisaties en VN-onderzoekers expliciet als genocide omschreven, terwijl een definitief oordeel van het Internationaal Gerechtshof nog uitblijft. Op 16 juli rapporteerde VN-organisatie OCHA opnieuw dat humanitaire diensten door onveiligheid en toegangsbeperkingen werden opgeschort of ernstig gehinderd.
Dit plaatst de Europese burger in een uiterst oncomfortabele politieke en morele spagaat.
Moeten we kiezen tussen de verdediging van Oekraïne en de bescherming van Palestijnse burgers? Of wordt die keuze zo gepresenteerd?
Misschien moet de zwijg- en vergoelijkingscultuur plaats maken voor dieper gaande dialoog.
Dan hoeven we onszelf later tenminste niet wijs te maken dat we machteloos waren. Wij leven immers niet onder een totalitair regime. We beschikken over beelden, getuigenissen, rapporten, verkiezingen en vrije meningsuiting. Juist daarom kunnen wij ons moeilijker verschuilen achter de woorden waarmee mensen zich na eerdere gruweldaden probeerden vrij te pleiten: we wisten het niet, we konden niets doen.
Wel, beste lezer: u weet het. U bent op de hoogte. De tijd tikt door. Mensen sterven. De haat nestelt zich verder in de harten van wie vandaag geliefden verliest door geweld dat politiek wordt gedekt.
Ik sluit graag af met deze woorden uit "Map of the problematique" van de muziekband Muse.
"(...) And no one thinks they are to blame. Why can't we see, that when we bleed, we bleed the same? (...)"