Lezen

Waarom Sinterklaas soms een slagzin uit “Van Vlees en Bloed” gebruikt.

Het is zaterdag. Baddag dus.Sinterklaas is bloot op zijn mijter na. Hij stapt in een ruime flamingoroze badkuip. Hij heeft vandaag geen zin om zijn haar te wassen. Zijn schedel jeukt nochtans en zijn baard schilfert wat. Maar ’t is toch zo’n gedoe, vindt hij. Hij gaat wachten tot hij terug in zijn Andalusische haciënda is. Daar heeft hij zijn verzameling shampoos die hij van over heel de wereld bijeengesprokkeld heeft. En daar heeft hij ook méér tijd en een flinke haardroger te zijner beschikking om zijn weelderige haardos en knevel te föhnen en in de juiste vorm te brengen.Jaja, Sinterklaas is best een fiere man.   Hij zet de kraan helemaal open. Geen druppel komt er uit.‘Nicodemus,’ roept hij. Zijn Opperpiet kan hem niet horen. Hij staat wat verderop in een gesloten douchecabine. Maar hij heeft hetzelfde droogteprobleem.De Sint stapt dan maar weer uit bad. Afdrogen hoeft niet, want hij is niet nat.Nicodemus komt aangelopen in adamskostuum en niet in zwarte-pieten-pak. Het is een gek zicht: een moorkop op een wit lijf.‘Ook geen water in de douche?’ vraagt de goedheiligman.‘Geen water en ook geen zeep. Geen handdoeken en ook geen washandjes,’ zegt Nico wat knullig.‘Spijtig voor de Gamma. Kom, dan proberen we eens in de Brico, hier om het hoekje,’ zegt Sinterklaas enigszins beteuterd en hij vervolgt:‘Euh Nicodemus, zodra je aangekleed bent ga jij dan eerst met Slecht-Weer-Vandaag naar de carwash? Doe maar alles erop en eraan voor mijn witte schimmel.’Sinterklaas heeft binnenpretjes en roept zijn hoofdpiet nog na:‘Ik ben toch nogal een kerel hé. Met mij kunt ge nog eens lachen’.

Marc M. Aerts
73 1

Exit Machina

Hey, hopelijk heb je vandaag een betere dag. Ik ga straks zwemmen. Fingers crossed dat het niet te druk is. Groetjes Sammy Het was niet druk, dat was fijn. Misschien moeten we volgende keer samen gaan zwemmen - vraagteken - knipoog Heb ik iets fout gedaan of gezegd - vraagteken – grt - S Gemiste videochatoproep WAAROM NEGEER JE ME - vraagteken - vraagteken – uitroepteken – vraagteken Gemiste oproep Vraagteken Droevige emoticon Fijn weekend - kus   Ik ween nogal vaak op openbare plekken. Geen idee waarom. Geen idee waarom ik apathisch voor me uit blijf staren wanneer het noodlot Jack en Rose treft (hoewel ik erbij blijf dat Rose Jacks hand wel zeer gemakkelijk loslaat) maar dat ik om een of andere vreemde reden mijn tranen niet kan bedwingen wanneer ik me in de openbare ruimte bevind. Als ik op een publiekelijke plek vertoef en er loopt iets mis, iets kleins, iets groots, iets van middelbare grootte, het zoveelste iets, kortom iets dat niet mis had moeten lopen, dan klem ik telkens mijn tanden zo stevig mogelijk op elkaar in de hoop mijn opkomende woedetranen toch nog tegen te houden. Uiteraard lukt zoiets niet om zeer gefundeerde fysiologische redenen en zet de eerste traan al gauw zonder gêne zijn lange nederdaling in. Onder het motto ‘eentje is geentje’ volgt er een ontketening van losgerukte tranen.   Tranen die ik had moeten laten toen Rose ervoor koos om Jack niet op haar plankje te laten drijven, maar haar onmogelijke Titanicromance 3 uur en 15 minuten lang gretig met de rest van de wereld wil delen. Tranen die ik had moeten laten toen X!nk het Junior Eurovisiesongfestival niet won hoewel ik ervan overtuigd was dat de vriendschapsband het ultieme winnaarsnummer was. Tranen die ik had moeten laten toen ik thuiskwam van zeeklassen en niet meer omver werd gesprongen door mijn kwijlende vierpotige huisgenoot. Tranen die ik had moeten laten toen mijn ouders aankondigden dat ze gingen scheiden. Tranen die ik had moeten laten toen mijn leerkracht Lichamelijke opvoeding mij buisde omdat ik niet over de plint kon springen, wat meteen mijn allereerste onvoldoende was. Tranen die ik had moeten laten toen ik eindelijk over diezelfde plint kon springen, maar dat er ondertussen verwacht werd dat de leerlingen met een hazesprong over een plint konden springen, dus opnieuw gebuisd was. Tranen die ik had moeten laten toen ik ontdekte dat mijn biologische moeder mij helemaal niet wou en me heeft afgestaan. Tranen die ik had moeten laten toen ik niet goed genoeg was. Niet goed genoeg als dochter, als lief, als vriendin, als kandidaat voor het nieuwe seizoen van de Mol (fuck you Woestijnvis), als student, als sollicitant, als burger, als eender welke rol.   Toch wordt die onuitputtelijke zoutlozing telkens gestopt door een redder in nood. Een persoonlijke deus ex machina. Een mannelijke deus ex machina. Een mannelijke deus ex machina van middelbare leeftijd die me wil troosten met een ongemakkelijk schouderklopje nadat hij zijn zakken tevergeefs heeft afgetast, zoekend naar een onvindbare zakdoek. Een deus ex machina die vaak iets wil gaan drinken… om me te troosten. Vervolgens zijn gsm kwijt speelt waardoor ik hem niet moet troosten maar moet bellen. Een deus ex machina die zich niet langer aan zijn rol wil houden en een grotere rol opeist.   Ik ween nogal vaak op openbare plekken, ik weet nog steeds niet waarom, maar alstublieft lieve mannelijke medegebruikers van de openbare ruimte: negeer mijn tranen. Loop mij en mijn overstroomde zoutwaterkanalen voorbij. Stop met mijn deus ex machina te spelen, anders blijft mijn leven een persoonlijke tragedie on repeat. Ik dank u!

Liessah
12 0

Lois Lane met een wit giletke

Later, als ik groot ben dan… word ik bakker, leerkracht, Lois Lane. Of misschien word ik wel gewoon de liefste mama van een nest kinderen – net zoals de mijne. Dat laatste weet ik zo goed niet meer. Het hoeft alleszins niet nu. Maar al die andere dingen. Why not?    Ik herinner het me nog, de tijd van het onbezorgd dromen over later. Hoe fantastisch alles eruit zou zien als ik op een dag groot zou zijn. Wat ik zou doen, eten, zeggen, kopen. En wat ik zo zonder meer zou schrappen. Gedaan met elke dag mijn bed opdekken. Nooit meer strijden met die biefstuk op mijn bord. Weg met lastige oefeningen op de vierkantswortel. En vooral, adieu prikkelende souspull met dat wit giletke erbij. Ach, wat voor zorgen had ik toen.     Nu ik dan eindelijk groot ben –of toch groter. Nu wil ik al te vaak terug naar die tijd van toen. Vroeger.Toen stempelen met aardappelen een ernstige aangelegenheid was. Toen mijn to do-list bestond uit bellen blazen en bloemenkransen maken. Toen de pot pudding uitlikken nog een voorrecht was. En toen zaterdag gelijkstond met langer opblijven – met op topdagen een zakske chips erbij. Alles was zo simpel. Alles was kinderspel met een snuifje liefde.   Zo loop ik verloren tussen vroeger en later. Op zoek naar verbinding met het hier en nu. Wie ben ik? Waar ben ik? Waarom? Met wie? Ik, vroeger nog de primus van de klas, ik weet het soms zo goed niet meer.   De tijd van verstoppertje spelen is voorbij, maar we spelen het nog vaak. Ik speel verstoppertje met mezelf, met jou. Jij speelt mee met mij. We verstoppen wie we zijn en wat we willen. We zoeken wel, maar vinden niet. Maar dat spreken we nooit hardop uit. We schreeuwen veel liever dat we zijn wie we zijn. Dat doet toch iedereen? We schermen met het woord authentiek. Ook ik noem mijn schrijfsels puur. Maar, zijn ze ook zo puur als die dromen van toen? Terug naar toen, maar dan nu – het vroegere later.   Bakker zijn, dat lijkt me fijn. Of beter, bakkersvrouw. ‘s Ochtends werken, verwarmd door een zoet aroma. Onder de mensen komen. Er voor mensen zijn. Alle soorten, alle vormen. Nu eens lachend, dan bezorgd. Opgewekt of uitgeblust. Monter en half slapend. Veel zien en horen. Veel weten, maar slechts spreken als het broodnodig is. Jammer alleen dat mijn tong rare kronkels maakt zodra er een suikerkorrel op belandt – een akkefietje en cours de route. Zonder dat had ik nu mijn bakkersmuts op.   Leerkracht dan? Leren, blijven leren, aanleren. Vormen, omvormen. Tof! Maar… wordt het té belerend, té strak, té voorgevormd, dan dreig ik af te haken. Ja, ook dat is bij mij onderweg veranderd. Waar ik me vroeger nog als een vis in het water voelde binnen strakke collegemuren, ondersteun ik nu vooral de creativiteit die vrijkomt binnen laissez faire-structuren. Niet dat colleges alle creativiteit ontmoedigen. En ok, elk gemis aan discpline is wellicht ook niet wenselijk. Wellicht, want wie ben ik om opvoedkundige raad te spuien. Ik mag me gelukkig beperken tot mijn rol als trotse suikertante. Alleszins, als leerkracht zou ik dus nog niet meteen mijn plekje kennen. Maar dat weerhoudt me natuurlijk niet om mijn bescheiden kennen en kunnen te delen. Dat doe ik met plezier. En eerlijk, ik doe het niet voor niets. Wat ik geef, ontvang ik dubbel terug. Zo blijft mijn voorraad inspirerende prikkels en mijn collectie ervaringen altijd aangevuld.   Daarin zit het voor mij. In die prikkels en die ervaringen. In het delen en het in contact treden met. Met wie ook, waar ook, waarom ook. Ja, zelfs zonder een duidelijke waarom. In het ont-moeten en het ont-dekken, met nadruk op het niets moet-gehalte. Nieuwsgierig en gedreven zoals Lois Lane. Zou haar job dan die van mijn droom benaderen?   Aan mij om het uit te zoeken. Op mijn pure wijze: verscheurd tussen mijn perfectionistische natuur en mijn drang naar ruimte, vrijheid, flexibiliteit. Zo stap ik voorzichtig voort. Als een Lois Lane met mijn wit giletke. Voorzichtig ja, zo ben ik. Maar daardoor marcheer ik niet minder voluit. Misschien val ik, misschien niet. Ik ga en probeer. Vol vertrouwen op mijn talenten. Talenten die ik investeer. Ik maak mijn dromen waar. Ik leef.

Aline
0 0

zeester

En hij kleedde mij uit tot Ik niet meer was dan een junk Voor eeuwig verslaafd aan het genotVan seks op het ritme van Daft PunkWat waren ze plots toch ver De beloftes die ik hem maakteIk lag op zijn matras als een zeesterDie een arm kwijtraakteIk kon niet meer bewegenKreeg niets meer gezegdIk heb mij daar dan, weinig verlegenEn zeer onelegant, bij neergelegd   Hallo. Ik ben Lieselot en ik begin mijn teksten altijd met ‘hallo’.Ik gebruik ook nooit moeilijke woorden.Dan zeg ik dat ‘dat mijn stijl is’ .En zo laat ik in het middenOf ik die woorden zelfs ken   Hallo, ik ben nog altijd Lieselot en ik ga zo meteen een tekst brengen die gericht is aan iemand die niet mijn lief is – en ik heb er een – iemand die biologisch gezien perfect mijn vader kan zijn en waarvan ik sinds kort hoop dat hij dat in de verste verte niet is.  Ik heb al zoveel geschrevenEn niks pas bij elkaarHet lijkt wat op mijn levenOp de knopen in mijn haar   Ik weet niet of ge het zietMaar: ik ben ‘t kwijtWat gij ziet zie ik nietEn, de laatste tijd   Ben ik vergeten hoe ik moet lopenHoe ik moet pratenAdemen en hopen   Wat ik was, wie ik benWat ik worden wilWaar ik van houd, wie ik kenMan. Da’s hier stil   Ik was toch van het geschreeuwDat ik zelfstandig wasNu het zielig welopverschot van de leeuwDat laatste, meest breekbare ras   Het lijkt alsof ik nog snelDrieeëntwintig jaren zonder stukkenMoest vullen met relEn kei veel ongelukken   Sadistisch van genotenEn nu soms nogAlsof ik hou van verklotenEn geil word van bedrog   Toeval is wat ik vraagAls alternatief voor de rampDie zegt dat ik gewoon graagAlles kapot stamp   Neem me meeStop me onder je jasBreek me in tweeZodat ik in je binnenzak pas   Draag me als een kind En draag me danAlsof elk zuchtje windMe breken kan   Pak mij vast zo ruw Tot witte plekken na het loslatenMe vertellen dat uwHanden daar zaten Kwil da ge me dingen leertFysica, chemie, veel seks en wat taalEn dat ge me zuigend markeertOngeacht hoe fucking puberaal Zorg dat ik alle hoeken vanUw kamer zo hard voeldeDat ik geen idee heb wat een manOoit met een cirkel bedoelde Dat elk risico dat bestaatOp besmetting door contactVerdubbeld wordt in ‘t kwadraatWegens allesbehalve mis – paktOntleed me als een dierZoals vroeger in de klasMaar dan voor het plezierIn 't midden van uw matras Geef mij overal rustBehalve in bedLaat mij daar gekustEn tegen de muur gezet   En kleed mij nietTot op de huidMaar nog net ietsVerder uit. Mijn hoofd is de chaos van een tijd geledenJarenlang geordend, en plots: tevreden. En dan gij. Gij schudt alles door elkaar. Godverdomse klootzak, schud nog eens? Ja, DAAR.

Lot
6 0

Vermist: één paar Espardrilles

Hallo, ik ben Lieselot en al mijn teksten gaan over mijn lief. Al mijn teksten gaan trouwens over een ander lief. Of een niet-lief waarvan ik graag wou dat het mijn wel-lief was. Of andersom.   Ik heb ook een tekst waarin ik zeg dat ik eens graag een jood omver zou willen stampen. Gewoon voor de lol.   Maar dat is de uitzondering tussen mijn teksten. Vandaag schrijf ik over Bram. Bram is mijn nieuw lief. Nu ja, ‘nieuw’: ik heb hem intussen al wel gebruikt. Maar als hij een schoolboek zou geweest zijn, zou ik hem gegarandeerd nog kunnen verkopen als ‘amper gebruikt, niet in gemarkeerd’. Wel in geschreven. Mijn handtekening staat op zijn bovenbeen getatoeëerd. Kwou met zijn paraf mijn BFF choqueren Maar haar reactie verwachtte ik niet “Allez, Lieselot wie laat nu een penis tatoeëren” Vlak naast haar rechtertiet En inderdaad, een B met erdoor Een soort langwerpige krul Is perfect te verwarren voor Twee ballen en een lul   Kijk, ik kan ‘t best schrijven Over seks, rampen Hoe ik zonder te overdrijven Alles kapot kan stampen Maar vandaag ben ik minder grofgebekt En nog op zoek naar mijn draai “Hallo ik ben Lieselot en mijn nieuw lief is perfect” Klinkt toch extreem saai? Maar goed: het is niet anders. Daar zat ik dan weer Daar zat ik dan, zat En om vijf uur zorgde de zon elke keer Voor een zielig zwart gat Te dronken voor mijn bed En ook te boos op het licht ‘K doe de gordijnen toe met Mijn hoofd en ogen dicht   Het helpt geen kloten De gordijnen hebben me niet gered Alle bars zijn gesloten De wereld ligt in bed   Mijn iTunes shuffle’de Beyonce All the single ladies   Ik had het plots door Alle single ladies zitten op Tinder En scheren hun poes voor De eerlijke vinder   ‘K heb toen ge-sms’t naar naar Een kerel die jaren niks tegen me had gezegd Dat zegt mogelijk heel veel over waar Ik mijn lat intussen had gelegd   ‘K had mijn tong zo’n vijf jaar Geleden in zijn mond gestoken Hij opteerde voor een ander exemplaar En is vervolgens ondergedoken Na verloop van smsende tijd verplichte ik hem tot een afspraak De date waarop ik hem een verwijt Over zijn lelijke Espadrilles maak De date waarop ik kei Ongeïnteresseerd leek waarop ik hoopte dat hij mij als ik opstond achterna keek Kwam thuis en ‘k zette 99 Luftballons op terwijl Ik graag met hem wou trouwen Kvroeg me al zingend af in welke stijl Hij een huis zou willen bouwen ‘K was heel even aan ’t hopen Dat er echt vlinders begonnen te leven Maar eens naar ‘t wc gelopen Moest ik toch gewoon overgeven`     Twee maand na die dag Was de seks zich aant opbouwen Tot er een doosje tussen mijn tieten lag Lotje, wilt ge met mij trouwen Mijn poes, voorheen kletsnat Kreeg geen tijd om op te drogen Het vocht dat eerst beneden zat Kwam plots uit mijn ogen Of dat romantisch was daar Ik nog niet helemaal uit Ik op bed, verloofd, helfgaar Hij met een semi stijve fluit Khad in mijn leven al vaak spijt Van de keuze voor een antwoord Soms lijk ik slim, van tijd tot tijd Pleeg ik sociale zelfmoord Ik reageer op iedereen die ooit Een verjaardagswens voor me had Niet met dank, maar met een verstrooid Ah, voor u ook proficiat Maar op zijn vraag- Vond ik mijn antwoord gewoon: ‘goe’ Ik zei simpelweg ja, Is ‘t oké als ik kleren aandoe En even naar buiten ga?                                                       

Lot
0 0

Stel, een stel (het is maar een stelling)

Hallo, ik ben Lieselot en ik begin al mijn teksten met hallo. Daarna vertel ik iets over een lief. Ik heb nog nooit een relatie gehad die - zoals het hoort - begon met een seksdate op Tinder, verder ging naar een date op een plaats waar seks geen legale optie was, evolueerde naar een nog meer seksloze date met de schoonouders en eindigde met twee kinderen en alimentatiegeld. Mijn nieuw lief leerde ik vijf jaar geleden kennen. Mijn zus stelde hem aan me voor met ‘Testelmans, dit is mijn zusje, daar blijft ge met uw poten vanaf’. Dat zei ze – zo bleek - omdat hij nooit ergens van af bleef.  Hij is met zijn poten van mij afgebleven en heeft dan zijn tong gebruikt. Vijf jaar geleden dacht ik dat hij mijn lief zou worden. Dat heb ik één week gedacht En daarna vijf jaar niet meer. Ik kon ook niet meer goed denken, want ik heb in die vijf jaar samengewoond met iemand die het huis vulde met cannabisrook. Verder heb ik hem ook gewoon niet meer gezien. Maar dat kan door de rook geweest zijn. Mijn ogen prikte op een gegeven moment te hard. Ik heb de cannabisjongen gedumpt. Ik wou zeggen ‘op straat gezet’, maar omdat het huis van hem was, wou hij liever binnen blijven.  Eens op straat, kwam ik de man van de tong tegen. Zijn tong was alleen. Dus we gingen op date. En toen op meerdere dates. "Ik heb gesolliciteerd voor een job in Spanje. Ik heb de job. Ik zou daar twee jaar mogen werken als animator. "  Zei de man van mijn dromen. Hallo, ik ben Lieselot en ik heb een tekst geschreven in die vijf dagen waarop ik dacht dat de liefde van mijn leven een seksloze LAT-relatie ging voorstellen.   Man. Wat wou ik Dat mijn hersenmassa niet bestond Dan maakte ik een valstrik Die ons voor altijd verbond   Dan stopte ik met de pil En beet ik op mijn lip Kortgerokt en verleidelijk stil Veel meer sluier dan tip   Van uw zorgeloos bestaan Waren de laatste uren geteld Ik liet u in de waan Tot aan het alimentatiegeld   Dan ontbrak ik alle hoeken Kzou gewoon, onbekwaam Vragen of ge mee wilt zoeken Naar een goede naam   Kzou hem 'Ongelukje' dopen Terwijl ik hem had gepland Samen met u kleertjes kopen U bellen om elke losse tand   Stel, stel, stel: gisterenavond Puur hypothetisch gesteld Dat de stem uit uw mond Minder rampen had verteld   Stel dat wij een akkoord konden bekomen Over elke dag op elkaars kap Stel, hypothetisch genomen Ik als uw overtreffende trap   Stel dat ge mij zou kunnen verdragen Elke ochtend in uw bed Stel dat ge u zonder zou afvragen Hoe het toch zou zijn mét   Stel dat de gedachte u zot Zou maken tot op een punt Dat ge tot door uw huid en op het bot Nooit meer zonder mij kunt   Stel dat ik in u al het leven Blies als een kind in een ballon Stel dat geen adem u kon geven Wat de mijne u geven kon   Stel dat ik het ritme in u wals Zoals iemand die hartfalen lijdt Met pleisters op uw borst en hals Aan mij verbonden zijt   Stel dat gij allergisch zou reageren Op elk ander lijf dan het mijn Stel dat ge het niet meer zou kunnen keren Van de jeuk, afkeer en de pijn   Stel dat ik als behandeling bestond Een wandelend doktersrecept En dat gij driemaal daags mijn mond Medisch gezien nodig hebt   Stel u voor Dat ik Bij u hoor  

Lot
0 0