Lezen

Een kortverhaal schrijven? Zo begin je eraan

Doelgroep De doelgroep van de schrijfcursus 'Een kortverhaal schrijven? Zo begin je eraan' zijn volwassenen met schrijfervaring. Ze hebben ervaring met :   vertelstandpunten research beeldspraak dialogen en innerlijke monologen lay-out (interlinie, leestekens, spaties, alinea …)   De deelnemers volgen de cursus omdat ze benieuwd zijn hoe je aan een kortverhaal begint, hoe de spanningsboog opbouwt, welke elementen erin (moeten) zitten … Sommigen kunnen het zien als een opstap naar het schrijven van een roman.   Leerdoelen De cursist leert:   personages maken een thema bedenken over de structuur van een kortverhaal scenes met een spanningsboog schrijven over andere elementen in een kortverhaal: de locatie, time-lock, symbool of gimmick   Na de workshop kan de cursist zelf een kortverhaal bedenken, uitwerken en evalueren.   De workshop   Vooraf gemaild Breng mee (niet verplicht): je laptop (we geven feedback op elkaars teksten. Als we kunnen meelezen is dat handiger. Het is geen probleem als je niet wil dat je tekst wordt geprojecteerd)   Breng mee: harde kaft als onderlegger kladpapier stylo met verschillende kleuren, potlood   Opbouw klaslokaal halve cirkel tafels met materiaal (zie verder) bespreek met de organisatie of de cursisten op andere plekken kunnen werken dan in het klaslokaal     Praktische afspraken toilet, drinken, eten, pauzes   Powerpoint Grafisch vormgegeven presentatie met kernwoorden, videofragmenten met tips van andere schrijvers …   Cursus Voorzie in een cursus met een gedetailleerde uitleg   Start workshop Verwelkoming Je stelt jezelf voor. Deelnemers stellen zich voor, vertellen de reden om deel te nemen en wat ze verwachten te leren.   Even los schrijven Aan het werk Werkwijze: associatie-oefening Je hebt kaartjes met woorden. Deelnemers kiezen er willekeurig een. Ze nemen een blad papier en associëren met dat woord (maximaal twee woorden, zaken die je kan vastpakken). Deelnemers geven kaartje door. Bij dat woord associëren ze twee bijvoeglijke naamwoorden. Nu hebben ze 5 woorden. Met die vijf woorden schrijven ze (het begin van) een verhaal van tien regels. 3 van de 5 woorden komen voor in de scene en er zit één vergelijking in. Wijs er tijdens de workshop enkele malen op dat de methode misschien van pas komt bij de uitwerking van een verhaal.   Definitie kortverhaal Licht toe aan de deelnemers: Er zijn heel uiteenlopende definities van een kortverhaal. Er bestaat zelfs verwarring over de schrijfwijze: kort verhaal, korte verhaal. De definitie gebaseerd op de bibliotheek voor de Nederlandse letteren vat het goed samen.   Aan het werk Werkwijze: Deelnemers lezen de definitie in stilte (3 minuten). Daarna vraag je wat hen opvalt, welke elementen ze terugvinden, wat de elementen volgens hen betekenen (15 minuten).   "Gezien de beperkte ruimte concentreert het verhaal zich doorgaans op één essentieel gegeven. Aantal personages, beschrijving van de setting en karakterevolutie zijn tot het functioneel noodzakelijke beperkt. De aandacht is vaak gericht op één personage dat getoond wordt in een schijnbaar willekeurige situatie waarin hij een dilemma, probleem of conflict wil of moet oplossen. Heel wat kortverhalen beginnen midden in de actie en hebben vaak een open einde."   Licht toe aan de deelnemers: Als we de definitie ontleden zien we de elementen die we tijdens de workshop behandelen: lengte, personages, locatie, thema, opbouw (conflict), time-lock, symbool.   Lengte Licht toe aan de deelnemers: Over de lengte bestaat veel discussie, want wanneer wordt een kortverhaal een novelle. Van sommige kortverhalen zal je denken: 'Is dit een kortverhaal? Dat is bijna een roman.' Zo zijn heel wat films gebaseerd op kortverhalen (Brokeback Mountain) waarvan je kan denken dat het om romans gaat.   Je bepaalt zelf de lengte die je nodig hebt om je verhaal te vertellen. Maar in een kortverhaal krijg je maar een beperkte tijd om iets te vertellen. Daarom houd je in de structuur rekening met bepaalde afspraken. Daar komen we later op terug. In bepaalde gevallen, zoals bij  schrijfwedstrijden, krijg je een bepaalde lengte opgelegd: 2 A4's, een mini- en maximaal aantal woorden …   Het kortverhaal dat je tijdens deze cursus schrijft, is tussen de 2 en 3 A4's lang (Times New Roman, lettergrootte 12, interlinie 1.5, links en rechts uitgelijnde tekst)   Personages   Aan het werk Werkwijze: achteraan in het lokaal staat een tafel met daarop foto's uit magazines (geen bekende mensen), foto's gevonden op rommelmarkten, Google … cursist kiest willekeurig twee foto's. Mag die foto meenemen naar zijn werkplek. Nadien terug bezorgen. niet te lang nadenken: je krijgt 2 minuten om de foto's te kiezen en terug plaats te nemen.   Licht toe aan de deelnemers: Wat de personages betreft: aantal (1 tot 3) antagonist (hoofdpersonage) protagonist (werkt het hoofdpersonage tegen, de twee personages moeten botsen met elkaar) enkele karaktereigenschappen of rake trekken (zenuwachtig, zachtaardig, agressief …),  fysiek (geur, manier van bewegen …), naam, kleding, manier van handelen (hoe iemand reageert op iets zegt veel over hem, of net niet), archetypes of net niet innerlijk conflict conflict met het andere personage (zie later).   Reik hulpmiddelen aan om de personages te typeren. Interview je personage: (wie, wat, waar, wanneer, hoe, welke, hoeveel …) Bij ieder ander antwoord kan je doorvragen, maar houd er rekening mee dat je in een kortverhaal geen uitgebreide karakterschets kan doen. Misschien komen elementen die je nu bedenkt niet terug in het uiteindelijke verhaal. hoe sta je in het leven, hoe vul je je dagen, … ben je een man of een vrouw, jong of oud, ziek of gezond, … welk beroep doe je, wat is je sociale situatie … wat doet je bij een probleem, als je gelukkig bent … waar bevindt je je, waar vul je je dagen mee, waar kijk je tegen of naar op … in welke tijd leef je … hoeveel geld heb je op de bank, hoeveel kinderen heb je, hoeveel vrienden heb je … waarom ben je nu ongelukkig …   Verwijs naar de vraagstaart van Proust.   Aan het werk Werkwijze:  Met die kennis gaat de cursist aan het werk. Gebruik de twee foto's en pas de theorie toe. Maak per personage een biografie van tien regels (mag doorlopende tekst zijn of kernwoorden, licht het verschil toe tussen halve pagina geschreven of getypt, als er tijd over is mag het langer zijn) Tijd: 30 minuten   Locatie Licht toe aan de deelnemers: Bij een kortverhaal kies je bij voorkeur voor een omgeving waar iedereen zich direct iets bij kan voorstellen: bushalte, park, bankkantoor, fastfoodrestaurant, langs de snelweg … Je hebt niet de tijd om die uitgebreid te beschrijven.   De typering van de locatie geef je in stukjes prijs in je verhaal. Dus geen volledige alinea over de locatie. Maar bijvoorbeeld in alinea 1 geef je iets visueels, in alinea vier iets over de geur enzovoort.   Aan het werk Werkwijze:  De cursist kiest een locatie. Daarna zetten ze zich met twee of drie samen. Ieder vertelt wat zijn locatie is (één of twee woorden). De anderen zeggen wat daarbij hoort: wat zie je, ruik je, hoor je, voel je. Cursist noteert die info. Tijd: 5 minuten per deelnemer. Geef aan wanneer de tijd om is.   Thema en conflict Licht toe aan de deelnemers: Een kortverhaal heeft een boodschap. Het maakt duidelijk wat je met het verhaal wil zeggen. Meestal kan je een thema in één zin geven. Het onderwerp van het verhaal is niet hetzelfde als het thema. Het onderwerp vat in één zin het verhaal samen. Het thema is wat je tussen de regels leest.   vb. onderwerp: Frank heeft al het geld van de wereld, heeft nood aan en koopt heel wat leuke spullen en feestjes, maar drinkt zich te pletter omdat hij eenzaam is. thema: begeerte en geld zorgen niet voor liefde.   Een kortverhaal heeft een conflict nodig dat te maken heeft met het thema.   conflict: Frank geeft een feestje voor vrienden. Een van hen hoopt dat hij zo'n feestjes blijft geven, voor een gezin is hij toch te oud. Door die opmerking slaan de stoppen door bij Frank.   Aan het werk Werkwijze: Neem de biografie van je twee (of drie) personages Kies je hoofdpersonage (antagonist) Stel jezelf de vraag wat die persoon bezighoudt. Je kan daarvoor dicht bij jezelf blijven en de vraag stellen: 'Wat houdt mij bezig in het leven? Wat vind ik belangrijk? Waar maak ik me druk over of ben ik heel gelukkig over? Probeer die gedachte in één of enkele woorden samen te vatten. Als iemand het thema niet kan definiëren, dan mag die langs de lesgever gaan. (10 minuten)   Licht toe aan de deelnemers: Nu je het thema hebt bepaald, en je weet wie je personages zijn en waar het verhaal zich afspeelt, kan je het conflict bedenken.   Aan het werk Werkwijze: Schrijf het thema in het midden van een blad Links schrijf je de antagonist, rechts de protagonist Dankzij je biografietjes, locatie en thema kan je jezelf de vraag stellen: 'Hoe laat ik die twee personages botsen?' Schrijf onder het conflict verschillende mogelijke probleemsituaties waar die mensen in terecht kunnen komen en die te maken hebben met je thema. (Misschien is het iets dat je zelf meemaakte, dat je zag gebeuren, waarover je iemand hoorde vertellen, waarover je las (leg enkele krantenartikels achteraan op een tafel) …) Kies er een conflict uit.   (15 minuten)   Structuur Licht toe aan de deelnemers: Geef info over opening, conflict, middenstuk, crisis en slot.   Er is geen ruimte voor een nevenverhaal (nevenlijnen). Bouw minstens drie hindernissen of keerpunten in die het hoofdpersonage belemmeren om het doel te bereiken. De hindernissen worden steeds groter en moeilijker: dit komt niet goed (1), nee, dit komt echt niet goed (2), oh nee nee nee dit loopt helemaal niet goed af (3). Zo bouw je de spanning op.   Schematisch    Hier komt een schematische voorstelling van de structuur van een kortverhaal   Aan het werk Werkwijze:    Je hebt alle bouwstenen om de structuur van je kortverhaal op te stellen: personages, lengte, thema … Bouw je structuur op en licht elk element in één of twee zinnen toe (opening, conflict, hindernis 1, 2 en 3), crisis, slot. Het is geen probleem als je de crisis of het slot nog niet weet. Misschien komt dat inzicht na de derde hindernis. De structuur biedt je een leidraad om telkens naar een volgende stap in je verhaal te werken. Je hoeft nog niet te weten wat er bijvoorbeeld tussen hindernis 1 en 2 gebeurt, maar door ze te beschrijven weet je welke richting het uit moet. Het is geen probleem om achteraf nog bij te sturen.   vb. Opening: Frank licht in zijn jacuzzi, geniet van zijn drankje, denkt na over hoe de avond gaat verlopen. Conflict: hij krijgt een sms dat zijn vriendin toch niet veel zin heeft om af te komen. Hij belt een callgirl. Hindernis 1: er wordt aangebeld. Het is toch zijn vriendin die hem wilde verrassen. Hij krijgt niet de kans om de callgirl te annuleren. Hindernis 2:  …   Uitwerking Licht toe aan de deelnemers: Schrijf je verhaal. Je krijgt daar 1.30 uur de tijd voor. Het maakt niet uit hoe ver je geraakt. Daarna bespreken we de verhalen en geven we feedback.   Ter info: timelock en symbool zijn op deze pagina's nog niet uitgewerkt   Bronnen: Inge Schouten (Van kort verhaal naar roman), Leen Van Den Berg (cursus kortverhalen), Google, Bart Van Lierde (Een bestseller schrijven voor dummies).

Joris P.
2 0

The Clouds

Hank pressed the bell, and not even two seconds passed before the door opened up with a cracking sound. A man appeared with a bald spot on top of his head, but long hair on the sides. He must have been close to fifty years old, was wearing a white shirt with stains on it, brown pants and black leather shoes. Taking a step back, Hank watched the man look at him with a wondering stare. He looked like he had been painting, and had been disturbed during one of his most intimate artistic endeavours.   “Yes?”, the man asked. Hank spread out his arm, and handed the man a piece of paper. “It’s for the room sir, I saw the newspaper ad.” “What…”, the man looked over the paper, and wondered through his mind. “Oh yes, the room, of course!”. He gestured Hank to come in, and stepped forward into the house. “I’m so sorry, I completely forgot about the ad”, the man said, “but yes, I do have a room for rent”.   They left the dark blue hallway and came into a living room. The walls where covered by books in oak tree bookcases. Some of the cases were divided by painting of clouds. “Oh, you’re a painter?”, Hank asked while pointing to a picture of a thundering storm. “Yes, you could say that I’m a painter”, the man smiled.   “So, this is the living room, but your room is on the second highest floor”. “And how many floors are there?”, Hank asked. “Not sure”, the man proclaimed while holding his hands in the air. “I only stay at the lowest and highest floors, not sure what happens in between.” “wait, what? You don’t know what happens in your own house?” Hank just couldn’t believe it. “Well, I know the floors are there, I just don’t know what they are used for”, the man said. “But how can you not know?” “You tell me, do you know what every mouse, every insect, every bird or every sparkle of dust does in every building you know?” “No, but..” “Then don’t assume that I know what happens on every floor of this house”, the man interrupted him. “Come on, I’ll show you your room”.   They left the living room, went back into the hallway and started ascending the stairs. Hank looked up the staircase, that looked like the deepest cave hanging upside down. How high was this house? But the man didn’t seem to notice Hank’s shock, so they continued their way upstairs in silence. After what seemed like an age, but what was only five minutes, they stood in front of a light blue door. “So, this is your room, well, if you like it of course!”.   When the man pushed down the handle and stepped into the doorway, Hank was struck by the glares of light. A big round window was placed in the northern wall of the room. It offered a splendid view of the sky. Hank could see the summer blue in between white fluffy clouds. How marvellous they seemed. They looked like a picture you might see in a museum, he thought.   The man stood in the middle of the room and spread out his arms. “So, what do you think?” Hank, still mesmerized by the big window, looked around. Just like in the living room, the walls were covered by bookcases and paintings. There were no paintings of thunderous storms, but only of bleu summer skies. The room was a gentle one. In the left corner stood a small wooden bed.   “It looks fine, splendid even! Hank couldn’t believe it. Sure, the man was weird, but the house and room looked amazing. “I’ll take it”, he said with a smile like he had just made the deal of his life. He turned to the man. “I’ll unpack right away, so my stuff won’t be in your way.” “Oh, that’s quite alright. You can take your time. I’ll just be upstairs for a while, but why don’t we have dinner together? I’ll cook something up for you.” Hank was surprised, the man didn’t really look like much of a cook, but then again, so didn’t he. “That’s nice, I’d love to. When will we eat?” “I don’t know, I don’t like to eat before it gets dark. How does 8 pm sound?” Hank was used to eating sooner, but he didn’t want to be impolite, so he said “that’s fine by me. “Okay, I’ll see you then.” The man turned around, walked out of the room and closed the light blue door behind him.   While the clouds passed by, the sun lowered itself towards earth. Time passed, and soon it was 8pm. Hank went back down, into the book-filled living room. Darkness was being chased out of the house by two lights. They gave a warm glow to the books.   The man had just set the table, when he turned to Hank. “Ah, just in time, please sit down.” Hank sat down, and watched his plate, that was filled with sausages and cream puree. It looked delicious, how can a puree be so soft and creamy? “So, if you don’t mind me asking sir, you said you are a painter. Is that all you do?” “Yes, but I’m not just an amateur, mind you. My work has been seen by the entire world.” “So, I might have seen your work is some museum?” “That depends, you could say you can see my work while being in a museum.” “How do you mean?” “Well, if you see something while staring out of a window of a museum, is that something then in that museum?” “No.. So you’re a street artist?” “I wouldn’t call myself that, it just sounds so … cliché. I mean, yes, most people see my work while walking down the street, but I’m not a guerrilla hippie with nothing else to do then painting the pavement.”   Hank couldn’t figure it out. Until now, the man had been nothing but a mystery to him. While eating another piece of cream puree, he became determined to look for answers. The semi-bald man would become a light in a dark forest.   But for now, Hank was happy to enjoy his meal. Once again he wondered about just how fluffy cream puree could be. it was like a soft southern spring sky in his mouth. When they finished their meal, the man said “so tell me, what do you think of the house?”. “It’s very nice,” Hank said “but I still have to figure out how many floors there are though.” “Oh, I wouldn’t mind that. I’ve lived here for an eternity, and I still don’t have an answer to that.” Hank sat back, and took a sip of his wine. “Just explain me if you will, how can you not know how many floors your house has?” The man chuckled. “Well, everyone has a favourite room in his house, right? I like floors. I like this floor and the highest. This is where I relax, and up there is where I work.” “And why do you work on the top floor? You must have really strong legs to walk up and down the stairs all the time.” “Yes, my legs are wonderful, believe me. But I need the height for my work, you see. The second floor wouldn’t do.” Hank thought about that one for a while. “But, why exactly do you need the height?” The man frowned, “Now young man, don’t be stupid. Every painter needs a canvas, right? That’s where mine is!”.   Hank lost it completely. “But that hasn’t got anything to do with the height? If you put your canvas on the second floor, you’d be fine!” The man sighed. “You simply don’t have the imagination to understand, and that’s a pity. How old are you?” “I’m 24 sir, but what does that have to do with it?” The man suddenly stood up, with his fists planted on the table. “See, it’s the disease of our times! 24 and already you have lost all your imagination.” The man walked round the table, stood beside Hank, raised his finger and said “Tomorrow you’ll see me work, and you’ll understand. But until then, no more questions. Good night”.   The man left the room. For a while Hank sat there and watched the cloudy darkness out of the window. He felt sleepy, so he got up and made his way up the long stairs. In his room, he closed the curtains from the big round window and got into bed. He fell asleep instantly.   The next morning, Hank woke up at a huffing and puffing sound. What on earth is that? “When you get your rigid mind out of your bed, come join me on the top floor. There’s no time to waste in the morning”, he heard the old man shout through the light blue door. Hank heard the man pause for a while and then the huffing and puffing sound started again. He got up and spread out his arms. A pity, the bed is so soft. I wonder where he got it from, Hank thought.   He made his way up the stairs and stopped before a white door. This is it, now I’ll finally know what the hell is going on here. Hank knocked on the door, and heard the man stammering “Come on in, mmpff!” He opened the door and saw the bald spot of the man going up and down. The guy was doing push ups! After two more times going up and down, he jumped up on his legs. “No need to be surprised young man. When you paint, you need strength. You need to be a force against the powerful paintbrush”. Hank smiled. Obviously, the man was a looney, a simpleton. But when he looked away, he watched the room in full amazement. There were no books or paintings covering the walls here. they were simple splattered with paint. But what struck him most, was that the northern wall was made of glass. The window had massive wooden frames, made out of oak tree, Hank noticed. it looked out over the morning sky. it was still dark, but a lonesome cloud was hovering next to the house. A tiny companion to the mighty sea of stars.   Hank saw the man crossing the room towards the window. He spread out his arms and started pushing the wooden frames. With a gentleness that surprised Hank, the window opened up. “It’s spectacular huh”, the man said. “I have never gotten used to the sight. It’s just too beautiful.” A soft breeze filled the room, but the man didn’t seem to notice. He took some cardboards and divided them over the floor. Then he started to pour out tubes of paint on them. Each colour had his own place. First white, then yellow, afterwards blue and finally black. “But where is your canvas? You said you needed this floor just for your canvas?”, Hank asked “Still you don’t see it, just wait”, and the man took up his paintbrush. First he pushed it heavily in white, spread it over a vacant cardboard and then dipped the brush gently in black. With a patience only old people and artists have, he began mixing the colours. It became light grey. Then he pointed the brush to the sky and started moving it. “What…”, Hank shook his head. “Now just wait! have some patience dammit!”, the man cursed.   As the brush moved over nothing but the air, a soft grey form appeared. It looked to Hank like a pillow someone just slept on. “You see, I paint the sky”, the man said with a smile. He started colouring in the pillow. He added some dark touches, which gave it some depth. “But… I mean… How does it stay up there?”, Hank asked with a bewildered gaze. “It stays up there, because I painted it there. But wait, the best is yet to come”. When the cloud was done, the man put aside his brush, watched his creation and simply blew on it. The pillow slowly moved out of the window, like when you walk to the toilet in the middle of the night.   That can’t be, he must have drugged me. The dirty bastard is probably playing some tricks on me while I’m fast asleep. Wake up Hank, goddammit! “I see you still don’t believe it”, the old man started cleaning his brush with an old cloth. “But this cloud will be taken by the western winds, all over the world you know.” He put down the cloth on a nearby table. “So you see, I didn’t really lie when I told you my work has been seen by the entire world.”   Hank stood amazed by what he had seen. The freshly painted cloud floated next to the house. It would begin its journey over the entire world. Pass through storms and keep the moon company is pure silence that only true friends can appreciate. Outside the house, the sun rose like a sleepy child, slow and warm. Life had just started over for Hank, even though he didn’t know it yet.   The man stood by the window. He closed his eyes halfway, as the sunlight came into the room. Suddenly they could see all the dust particles hovering in the light. Hank came closer to the man. “I don’t understand. Does this mean that every cloud I’ve seen in my life was painted by you?” “Most people don’t get it, but clouds are silent witnesses to their lives. The first time you kissed a girl, and looked up to the sky with the feeling you don’t need anything else, a cloud was there. When thunderstorms came into your head as a loved one died, and you sit hurled away in your room, the clouds see your sadness as they pass your house. They are the most intimate pieces of art you’ll ever see.”   “You know what the most beautiful thing is about clouds?”, the man walked away from the window and picked up his paintbrush. “Their beauty lies in their form. No one will ever see the same cloud. You might see a duck in it, as you lack the imagination, but others might see a white cherry tree in full blossom. Something that helps them through the day. A storming wave over the land that inspires them to unknown symphonies and poetic activities.”   The man dipped his brush in the white and yellow paint. “It feels like a good day, doesn’t it? Time for some colour to brighten the mood.”

Simon Sileghem
0 0

Je koffie

1.Als de vogels       donker boven je hoofd  vliegenen de kastanjesnaast je open barstenvallen de deuren op slotperst de geur van schimmeldoor het nieuwe plafonden sta je                            stilje beseft als een zweepslagin een mierennestdat je onderwegde ‘route du soleil’kwijt speelde- tijd voor koffie - zwart en bitterdie je voor de zoveelste keernaar binnen gietmokkend ergens op een                                          Hoog VerdiepIn een stadbadend in de echovan wat boegeroepterwijl de spiegel weigertje nog langer aan te kijkende vogels grijs boven je hoofd dreigen aan te vallenzolang het nat nietvan je gelaat glijdtals een masker van“ik ben niet hier”   2. Totje daarje koffietot je neemtals een oude hoer die niets meer doet                                dan oude klanten afwerken- buiten dromen de spiegelbeelden -alles raast voorbij vanachter de glazen straatomdat je niet vooruit wilen je de shotgun neemtnetjes verborgen onder een versleten boxeren knalt die godverdomse grijze vogelsuit die verdomde versleten luchttot, het valt,              jij valt,                         zij valt de koffieis op, de motorstoptdoor het vensterraam vang je nog een glimpvan een stad die daaltzie je daken zoals je ze nog nooit zagje glimlachtje schuift je stoel naar achterenlaat de vogels vrij en de koffie koud - zo daar ga je dan -het is al laatrust numaar.

Bart Vermeer
29 0

wat zie je?

Perceptie.   "Kijk eens goed.  Wat zie je?": vroeg ze me plots op nogal indringende toon als in een kruisverhoor. Althans zo kwam de onschuldige vraag bij mij binnen. "Heu.. ik zie jou denk ik": antwoorde ik aarzelend veilig, maar met genoeg besef dat mijn antwoord een dikke onvoldoende zou opleveren mocht dit een proefwerk zijn. Neen neen, dat bedoel ik niet, wat zie je echt.  Kijk even rond en wat zie je? Wat valt je op? Wat trekt je aandacht. Wat vind je mooi? Was het de onverwachte vreemde vraag die me uit mijn lood sloeg of was het de plotse interesse die me een ongemakkelijk gevoel bezorgde? Maar iets leek me te waarschuwen dat ik op mijn quivive moest zijn. Dit was niet zo maar een vraag maar een goed gecamoufleerde valkuil.  En ik? Ik voelde me de nietsvermoedende prooi die straks de takken onder zijn poten zou voelen wegzakken. Dit moest de ultieme test zijn. Een toets waar gelijk welk antwoord het foute zou zijn. De repliek, compleet naast de kwestie.  Even bekroop mij het gevoel dat wat ik ook zou "verklaren" bepalend kon zijn voor onze relatie, onze toekomst en mogelijks de opwarming van de aarde en de werelvrede. De neocortex draaide plots op volle toeren, verwerkte de beschikbare info in een verschroeiend tempo  en beraamde als vanzelf in een nanoseconde een passende afweerstrategie.  Ga je bijdehand doen?  Ga je me straks mijn mannelijkeid verwijten?  Heb je een nieuw kapsel of nieuwe mascara en heb ik dat over t hoofd gezien? Een nieuwe BH? Gelaserd, misschien? Die laatste 2 vragen lagen klaar om afgevuurd te worden maar die heb ik olie op vuur vermijdend niet gesteld. De ongepast aggressieve toon van mijn repliek moest iets losgemaakt hebben want ze ging, helemaal niet op haar quivive, rustig ontwapenend verder.   Maar nee Janneke. Help me eens even. Speel eens mee.  Ik zou zo graag een punt maken maar dat lukt alleen als je even meewerkt. Toe zeg het me. Wat zie je rondom jou? Nog steeds op mijn hoede maar al iets minder ongerust dat indien mijn antwoord fout zou zijn we plots zouden overspoeld worden door een metershoge tsunami.   Ik wurmde me haastig in een ongemakkelijk bocht om iets te prevelen dat leek op een geïnteresseerd antwoord. Heum. Wat ik precies zie? In volgorde van belangrijkheid?  Of doet dat er niet toe?  "... Dat doet er niet toe..." Met "Ik zie, ik zie wat jij niet ziet en het is beige.... " probeerde ik vergeefs alles nog even af te wimpelen. "Janneke?  Serieus? Komaan... wat valt je op? Ik zie heum... Een bruine tafel. 6 stoelen en een bijpassende dressoir. Op de tafel staat een witte orchidee en liggen 6 beige onderleggers te wachten tot er nog eens volk komt eten. De dressoir is voorzien van 2 glazen schuifduren.  Achter de schuifdeuren zie ik 2 leggers waarop boeken zijn uitgestald. Van klein naar groot. ik zie foto's van de familie.  Rechts zie ik een beige leren salon, opgesplitst in een 2 en 3 zit. Flatscreen 120 op 50 denk ik, te duur betaald trouwens dat vind ik nog steeds.  De flatscreen staat op een ikea kastje dat veel te snel in elkaar is gesmeten en daarom 2 krassen vertoont.  Leuke lichtjes.  Links splinternieuw gordijn .. the wave toch he? zo noemde die verkoper dat gordijn toch he.  The wave? Design éénzit. Keuken, 6 barkrukken, netjes. Modern  design, greeploze kasten. Ziet er duur maar is het niet. Functioneel. Praktisch.   Voila dat is het zo wat denk ik. Ben ik er door? Weet je wat ik zie? Vroeg ze misterieus, mijn antwoord niet afwachtend. Ik zie... ik voel mijn thuis... mijn haven. Ik voel gezelligheid, warmte en liefde.  Rust ook.  Ik ruik de kaarsen die ik daarstraks aangestoken heb.  Die waren je trouwens niet opgevallen want je hebt ze niet vermeld in je opsomming. En ik zie ons volgende etentje met leuke mensen en dan fantaseer ik wat we zullen eten en drinken en waarover we het allemaal zullen hebben. Ik zie ons oud worden in dit huis. Zo voel ik het aan. Ben je nu helderziende geworden.  Zie jij dat dan allemaal? Wat ik je eigenlijk wou zeggen is dat het allemaal niet zo belangrijk is.   Het is niet zo belangrijk wat je ziet of hoe je het ziet.  Wat essentieel is is dat zelfs wij op een verschillende manier kijken naar hetzelfde. We ruiken, voelen, proeven en fantaseren verschillend maar we bedoelen het juist en goed omdat we het zelf zo aanvoelen. Als onze politiekers nu ook eens af en toe aan elkaar zouden vragen... wat zie je?  Misschien zouden ze dan van elkaar begrijpen en het eens worden dat ze het niet over alles eens moeten zijn. Euh... moest ik daarom? Laat maar... we hebben een schoon huis.  K ben er wreed content mee.  Met jou trouwens ook ook al stel je soms van die rare vragen.

jan pultau
0 0

Brief aan mijn on(geboren kind

Hoe moet ik een brief aan mijn al dan niet geboren kind , of kinderen, beginnen? Laat me eerst mijn schrijversangst bedwingen alsof alle kinderen samen zingen! Ik hoef niet persé te rijmen, laat mijn kind ook mijn geesteskind a.u.b. een ongerijmd leven leiden en niet lijden. Lijden gebeurt in deze wereld al genoeg en ik wil over Hoop schrijven, mijn zwarte doemdenkerij laten verdwijnen zoals sneeuw wijkt voor zon en groen overwoekert beton... Vandaag, tegen de avond, op een warme zij het regenachtige julidag, heb ik met een jongetje gevoetbald. We wisselden trucjes uit, gaven mekaar hoe kan het anders gepastte passes, de ene keer was hij keeper, dan ik, en het leven rolde net als de bal en de wereldbol vanzelf. Kon dat jongetje weten dat ik me als 56-jarige even terug jong voelde? Samen ravotten, tegen een bal schoppen, door weiden lopen, in bossen rondhossen. Ons samenspel deed me deze naht naar mijn pen grijpen. En ik schreef deze woorden... Al heb ik natuur-gewijs de neiging moralistisch of filosofisch te schrijven, ik wil even bij dit éne mopment blijven...   Op het einde van onze voetballes(ik leerde hem en hij leerde mij zoals het zou moeten horen) gaf ik hem enkele snoepjes (chocolade met kokosnotenvulling) : hij keek me dankbaar aan terwijl hij even in mijn bescheiden sociale woning binnenkwam. Hij mopelde deze voor mij zo waardevolle woorden: "wat is het hier mooi". Ik weet nog steeds niet wat hij precies mooi von: de wanorde op mijn tafel met al die lege en gevulde sigarettenpakjes vast niet.Zou het dan over mijn schilderijen gaan? De inrichting? De goedgevulde boekenkasten? De platenkast? Wat fascineerde dat jongetje wat hem die gevleugelde woorden ontlokte: "wat is het hier mooi"? Een jongetje helaas niet mijn zoon zelfs geen familie... (On)dankbaar gemis. Triest en Hoopvol verleden. Gemiste en gekregen kansen. Ik zou hem willen overstelpen met wijze woorden zoals ik hem voetbaltrucjes leerde. Helaas, in en voor hét echte leven bestaan geen trucjes. Tenminste: ik weiger ze te gebruiken of te misbruiken. Hij zal zijn weg moeten zoeken in en buiten het voetbal. Zoals ik mijn levensdoel zoek in kunst. Ja, misschien waren het toch de schilderijen, de boeken, de platen. Beeldende Kunst, Literatuur en Muziek. Mijn drie Karma's. Mijn drie Musketiers. Mijn Heilige Drievuldigheid.   Ach, beste kinderen van de wereld, ik zou jullie zoveel willen meegeven, meedelen, al mijn levenswijsheid gegroeid uit levensdomheid delen, ongelimiteerde antwoorden geven op de belangrijkste vragen en kinderen kunnen veel vragen, maar bovenal wil ik jullie HOOP OP EEN RIJK GOEDGEVULD LEVEN geven. Dezelfde hoop die dat voetballende jongetje me gaf toen hij die oh zo belangrijke woorden uitte: "Wat is het hier mooi". Hoeft het nog gezegd? De Waarheid komt komt uit een kindermond en dat is pas gezond!!! Droom nu maar in je slaap dat je ooit een Rode Duivel wordt kaliber Eden Hazard of Kevin De Bruyne of Thibout Courtois, dat wens ik je toe, droom zacht en doe je oogjes maar toe! Je toekomst lacht je toe!   Reacties welkom: Danny Smolders tel 014/210983  GSM 0471/415713 danders@telenet.be    

danders
0 0