Lezen

Nog één stevige tak te gaan

Intro: onlangs waren we in het vogelopvangcentrum. Er was een eekhoorn voor verzorging binnen gebracht. Wat had het arme dier meegemaakt? Op de fiche las ik: uit een boom gevallen. Iemand uit de schrijfgroep stuurde een tekening door waarop je een eekhoorn boeken ziet dragen naar de holte in een boom. Het beeld inspireerde mij. Ik schreef deze tekst. Het wordt een verhaal, ik heb er nog werk aan.     Juul was al langer dan een uur bezig met het dragen van leesvoer. Hij bracht de dunne en ook de dikke boeken naar boven. Nog één stevige tak te gaan, dit was de veiligste weg naar de ingang. Dan uitrusten, het zweet van zich afschudden. Tuur had de hele tijd staan kijken zonder te helpen. --Overdrijf je niet een beetje? Juul schudde met z'n kop, hij kon goed ontkennen. --Ik wil dat je ermee stopt Juul, ik woon hier ook. --JIj woont boven, beet Juul. --Ik moet je wel passeren om naar buiten te gaan, verdedigde Tuur. Met al die rommel breek ik nog eens mijn nek! --Goed, zei Juul. En een ruzie werd vermeden. HIj schikte de boeken per onderwerp. Hij kon al een hele tijd lezen, en sinds hij las was hij niet meer van verhalen weg te slaan. Tuur daarentegen speelde spelletjes. Dat beweerde hij althans. Het was nooit bij Juul opgekomen om van dichtbij te gaan kijken wat al dat spellawaai betekende. Waar kwam het eigenlijk vandaan? De hele winter lang zochten ze elkaar niet op, hun kamer was privé. Tuur was een beetje overstuur met al die boeken op de vloer, en ging vroeger dan gewoonte naar boven. Juul wreef zijn pootjes warm aan een heimelijk plan. Het bos werd aan de randen donker, het maanlicht naderde. Juul kon het verlangen naar die ene bundel niet opzijzetten, maar hij had het wel geprobeerd. Hoe dan ook wilde hij die bundeling gedichten ook in zijn hol. Dat zou het verschil niet maken, zijn broer zou dat extra boekje niet eens opmerken. En bovendien; hij wilde zo graag leren dichten. Gedichten lezen was bijgevolg geen tijdverdrijf maar een noodzaak. Hij was er zeker van dat hij op de tast op die ene brede tak in evenwicht kon blijven. Hij knoopte zijn pels tot aan zijn kin dicht. Er stond wat wind. Vanop de hoger gelegen kamer kwamen meerdere knallen, alsof er iets afgevuurd werd. Juul zag beukennootjes door de lucht vliegen; een visioen in zijn blije geest. Tuur speelde door en daar kon zijn broer handig gebruik van maken. Om de uitgang van de boom te bereiken moest Juul voorzichtig over al de geschreven woorden, al de vermoeide zinnen, de geeuwende komma's, de in-de-ogen-wrijvende vraagtekens. Hij voelde de drang om even, heel even bij een openliggend boek te gaan zitten. Hij ging er zelfs bij liggen, op z'n zij, linker poot als steun onder z'n kop. Een droom zocht naarstig naar de slaperige geest van een dier, liefst van een eekhoorn. De heldere droom had daar zo zijn reden voor. Uitgedoste eekhoorns gaven hun ticket af aan de balie. Iedereen nam plaats, het licht werd gedimd, één spot vlammend op het podium. Juul nam zelfzeker de bundel, zijn eerste boekje poëzie in handen, las enkele gedichten voor. Het publiek vroeg om meer.

Ingrid Strobbe
43 0

Vol van genade

Het was al donker toen één van de politiemannen me vond. Ik had me verstopt omdat ik bang was en Hendrik niet meer bewoog. Ik kende ook de weg naar huis niet; Hendrik had me meegenomen naar het bos en me de klimboom laten zien. Toen de politieman en ik uit het bos kwamen, zag ik mama en papa. Mama zat te huilen in een politiewagen en papa liep rond met zijn handen achter zijn nek en was de hele tijd aan het uitademen. Een vrouw die bij de politie was, gaf me een flesje water en zei dat het niet erg was dat ik me verstopt had; ik had Hendrik toch niet meer kunnen helpen. Ik zei haar dat Hendrik uit de boom was gevallen. De vrouw knikte en zei: 'Dat weten we.' Daarna bracht ze me naar een ambulance en wachtte terwijl een dokter mij onderzocht. Toen de dokter klaar was, gaf de vrouw me een boterham met kaas uit haar brooddoos. Ik at de boterham op en ook de korsten en de graantjes erop. Mijn handen waren vuil.   Ik bleef logeren bij oma en opa. Ik moest niet naar school en mocht de hele dag met Lego spelen, opa helpen met werken en de hele dag koeken eten. Af en toe kwamen mama en papa langs, om te praten met oma en opa. Dan zette oma de televisie voor me op. Wanneer mama en papa weer weggingen zeiden ze dat ik weer naar huis mocht komen als ze met alles klaar waren.  Wanneer ik opa hielp in de tuin of in de schuur, begon ik soms te huilen. Ik huilde om wat er met Hendrik gebeurd was of omdat ik mama en papa miste en soms zomaar. Opa zei dan dat ik naar oma moest gaan. Oma knuffelde me dan tot ik geen tranen meer voelde en opa weer kon gaan helpen. Wanneer ik ’s avonds niet kon slapen, kwam oma bij me in bed zitten en bad stilletjes een rozenkrans terwijl ze door m’n haren wreef. Dan sloot ik mijn ogen en luisterde hoe ze 'wees gegroet Maria, vol van genade, de heer is met u,' fluisterde, tot ik in slaap viel.   Op de begrafenis voor Hendrik waren veel mensen en ook de school was er. In de kerk moest ik vooraan naast mama en papa gaan zitten. Toen ik op het podium aan de microfoon iets moest vertellen, ging papa met mij vooraan staan. Oma had me gezegd dat ik geen slechte dingen mocht vertellen, dus vertelde ik hoe Hendrik me leerde voetballen en niet over hoe we vaak ruziemaakten omdat ik altijd in het doel moest staan en Hendrik veel te hard op mij probeerde te trappen. Ik vertelde dat ik Hendrik miste, maar dat ik ook een beetje blij was omdat hij nu andere kinderen in de hemel kon leren voetballen.  Toen we naar buiten gingen, zei mijn juf dat ik mooie dingen had gezegd en kreeg ik van de kinderen uit mijn klas een grote tekening. ’s Avonds spreidde ik de tekening uit op de tafel en raadde ik wie wat had getekend.   ’s Nachts stond ik bij oma en opa in de slaapkamer omdat ik weer niet kon slapen. Oma stond op terwijl opa luid verder snurkte. Oma veegde mijn tranen weg en stopte me weer in bed. Ze kwam naast me zitten,  wreef door mijn haren, liet de kralen van haar rozenkrans tegen elkaar tikken en begon stil te bidden. Toen zei ik dat ik Hendrik uit de boom had geduwd. Oma stopte even met haar rozenkrans en zei: '’ts niet erg, jongen. ’t Is niet erg.' Daarna bad ze verder en viel ik in slaap.  De volgende ochtend aten opa en ik om ter meest pannenkoeken met suiker. Ik at er vijf en ik won. Daarna kwamen mama en papa mij halen. Ze waren klaar.

Levi Heusdens
0 2

11/11/2022

Omdat een dagboek door één paar ogen gelezen wordt - of dat toch de bedoeling is - en dit gelezen moet worden door een paar andere dan de mijne. Gewoon om het bestaansrecht te geven. Soms kom ik liever niet onder ogen wat onder mijn neus gebeurt. Eergisteren kreeg ik het telefoontje. Om eenentwintig uur vijftig. De dokters hebben hun handen vol met je. Niemand mag je zien. Er is geen plaats op intensieve, dus brengen ze je naar het eerstvolgende dichtstbijzijnde ziekenhuis. Je wordt geëscorteerd, opnieuw door de MUG. De kans dat je de overplaatsing niet haalt is reëel. Je ademt zwaar, ze beschrijven het als snurken. Maar niemand krijgt je wakker. Van de weinige vermoedens verklaart geen enkele volledig de toestand waarin je je bevindt. "Levensgevaar" valt op de achtergrond.  Wat later wordt abrupt afgelegd. Nog wat later gaat mijn telefoon niet een keer volledig over voor ik alweer grondgenageld aan de lijn hang. Wat ondubbelzinniger hoor ik over goede uitslagen van bloedafnames en longfunctie. Alleen is het niet goed, want waarom gaat het dan niet goed? Ik antwoord niet op de gestelde vragen, omdat ik het niet weet en omdat ik allemaal niet weet. Scans zijn gepland. Uitsluitsel kunnen ze niet geven. Hierna kom ik te weten dat je subcomateus bent. Sub. Subcomateus. Ik hoor het als "een beetje in coma" en dat klinkt absurder, hoe meer ik erover maal. De wereld is één grijze zone, tussen al het zwart-witte, en waar ik me precies op die schaal van geloof bevind heb ik nog niet uitgemaakt. Alleen weet ik heel goed waarin ik níet geloof; het subtotaal bij een afrekening. Het blijkt altijd erger. Twintig minuten mocht ik je zien vandaag. Ik was voorbereid - dacht ik. Ik verwachtte teleurstelling, dan kan het alleen maar beter zijn - maar dat was het niet. Je benen en armen gingen bruusk alle kanten op. Je blaassonde trok je uit tot er een bloedbad ontstond. Je infuus staken ze in het grootste bloedvat - die in je hals blijkt te liggen. Op prikkels reageerde je niet. Ook niet op de prikkel die in tranen je hand vastnam en al honderden keren eerder je reactie peilde met een "Ik zie je graag". Ik heb gelezen dat je alles kan horen in die momenten, dus: "Ik zie je graag. Je hoeft niet meer te vechten als dat te moeilijk is. Je mag gaan en voor geluk kiezen, als je te veel pijn hebt..." "... Je mag ook koppig zijn en niet luisteren naar wat ik net allemaal heb gezegd." Ik heb nog twee lutele minuten over om te delen wat ik morgen wil vergeten: Een coma komt niet in voor doornroosjesgeur en maneschijn.

Amarant Plas
24 2

Aan zij die de wereld op hun schouders dragen

Zacht zoekend mens, jij met je voorzichtige tred, die doornige paden effent. Moederziel alleen in de grootse luidheid van alles tegelijk. Wat ben je moedig en te afgeleid om dat zelf te kunnen zien. Wat ben je krachtig, doch ontvleugeld en gekooid. Klein en kwetsbaar werd je dit leven ingeworpen, als een zaadje in een stervende bodem. Het lag niet aan jou dat wortelen moeizaam ging. De ware aard van jouw potentie werd jou verzwegen. Of afgedaan als onzin. Had het niet aan het leed gelegen, dan had je nog steeds geen flauw benul.Ja, dat leed. Al dat leed. Een stippenlijn op de kaart van jouw leven. Een lijn in jouw handpalm. Het heeft jou op de knieën gedwongen. Je hebt meermaals de levenszin uit jouw hart voelen vloeien. Smekend, smeulend, stervend. Je was bereid een pact met de duivel te tekenen. Als het lijden maar zou stoppen.Tastend in pijn (waar is de les?). De uitgeteerde verlangens opgeborgen (bestaat er een ‘later’?). Alle vensters uitzichtloos (is er een uitweg?)Jij, mooie ziel, jij bent een soldaat. Een magische krijger. Getraind om te overleven in tergende omstandigheden. Geleerd en gevormd door een wereld die de jouwe niet is. Gevoel is de klei waar jij mee schept. Stilstand geeft jou voorsprong. Met de ratrace in de zijlijn, zichzelf traag opbrandend, groei jij steeds dichter naar de kern van jouw bestaan. Te midden van stinkend slijk strek jij je kruin uit, een meesterlijke prestatie die ongemerkt blijft voor naar buiten gerichte ogen. Jouw miskende vermogens worden steeds scherper. Met jouw rantsoen aan lijdenslessen, kom je meerdere winters door. Waar anderen doodvriezen, is de koude jouw deken.Jij kent de diepte van het water, toen je dook en nooit dacht boven te komen. Jij vindt wegen in het donker en weet waar de valkuilen liggen. Jij bent gestorven zonder te vertrekken. Lieve engel, jouw slingerend dwaalspoor ontvouwt zich als een leidraad voor anderen. Jouw gespartel is een bevrijdende dans. Jij bent het gouden laagje onder de alom dwarrelende en kleverige oppervlakkigheid. Jouw bestaan is een ongevierde overwinning.Deze woorden worden uitgestuurd om jou te eren, bevestigen en erkennen. Je wordt gezien. Je bent niet alleen. Weet dat jij een verschil maakt. Dat jij de belichaming bent van hoop, wilskracht en puurheid. De ingetogen vonkjes die schitteren in jouw kielzog, groeien al snel uit tot kampvuren waarrond wij de essentie bezingen. Heb maar vertrouwen in jouw authentieke wil die je in ogenschijnlijk averechtse wegen kletst.Oprechte dank voor het licht dat jij bent en uitzendt. Bedankt om te bestaan en om, ondanks alles, ook te blijven. Bedankt voor het voelen, doorheen ziel en been.Dit is een ode aan de absoluut niet te onderschatten subtiliteit en sensitiviteit. Herinner wie je bent en blijf herrijzen, transformeren, groeien en stralen. Weet dat eigenliefde geen leegtes vult, maar ze oplost, dus zorg goed voor jezelf. En geef je over aan de golven van het zijn.Liefs, Karolienhttps://www.karoliendeman.com/blog/2022/11/10/aan-zij-die-de-wereld-op-hun-schouders-dragenFoto door Toni Meert ©

KarolienDeman
33 0

Gedachten tijdens een lange rit

* Hoe heerlijk is het om vroeg in de morgen nog even de ogen te sluiten op de passagiersstoel en je lot volledig in handen te leggen van een bestuurder die er alles zal aan doen om iedereen (2 mensen, 2 dieren) veilig op de bestemming te laten arriveren.* Je voelt hoe je hoofd zwaar wordt en naar beneden zakt, je zoekt steun voor je hoofd tegen het raam, de anorak maakt te veel lawaai, het hoefijzerkussentje verplicht je hoofd om hoog te blijven zodat je de hemel goed ziet.* Vreemd is het gevoel te ontwaken in een rijdende auto én in een ander land.* Telkens je de ogen opent, ontrolt zich een ander landschap. Vlakke akkers - zien we daar nog een veld zonnebloemen in november? - herfstkleuren, industriegebieden, ronde bergen, drukke valleien, parkings vol vrachtvervoer dat de zondag doorbrengt met wachten, zouden sommige chauffeurs naar de Autobahnkirche gaan?* Wolken wekken altijd verwondering op. Een Schilder heeft eerst alle kleuren blauw in de lucht gesmeerd en daarna witte stippen, slierten, vegen, vlekken... pointillisme op grote schaal. Er vliegt een heks op een bezemsteel door het zwerk, twintig kilometer verder heeft ze zichzelf getransformeerd tot een draak.* Dieren verplichten je om regelmatig halt te houden. Ook zij moeten het nieuwe land besnuffelen.* Om vier uur 's middags duikt de maan op aan de horizon, even wit als de wolken. Een koeltoren stoot zijn witte pluim tegen haar ronding.* Hoe erg is onze manier van reizen veranderd tegenover pakweg 200 à 300 jaar geleden. Geen karossen met paarden meer. Ondanks werken, files en omleidingen leggen we op een dag 760 kilometer af, ons continent binnen rij-bereik. Geen jaren onderweg door Europa zoals Leopold Mozart met zijn 2 wonderkinderen die dit avontuur ternauwernood overleefden. Is reizen dezer dagen veiliger dan toen? Of kennen we nu andere gevaren... Een vraag die goed is voor langeafstandsargumenteren.* Hoe komt het toch dat er, net als je wil tanken, tientallen kilometers lang geen tankstation te bekennen valt? Ha ja, dit land is groter dan het onze.* En dan een Italiaan waar allemaal Italianen werken, behalve de kok. Die komt uit Sicilië... En eindelijk een warm bed in een (te) warme kamer.                 Leuk   Opmerking plaatsen  Delen  

Vera Steenput
6 1

Dag 4 Novembervers

Freewrite vandaag Sta op. Sta op komaan neen niet wachten tot exact de 10 minuten verzette 3e wekker afgaat terwijl u ogen wagenwijd open zijn STA OP drukke dag. Medicatie ga vista+cal D halen (I didn't) neem lecocentrizine tegen allergieën (I did) kleren aan croptop voor later vergeet u cursus Thermodynamica niet (proceeds to bring that but no noteblock to write in). Eten onbijt insta oh grappig focus eten oh een bericht op Messenger neen eten FOCUS tijd tikt tikt tikt terwijl ik mij haast en te weinig eet zodat ik een half uur te vroeg op school aankom.  Pyhton begint soms wat te knellen maar wurgt nog niet. Thermo is daarentegen een echte boa constrictor. Blijf focussen hou vol motivatie oh **** mijn leven **** thermo mijn neus zit vol met snot DIE GAST ACHTER MIJ MOET NI EERST ZAGEN DA IK NI MOET SNIFFEN TERWIJL SNUITEN MIJN NEUS ENKEL MEER VERSTOPT OM DAN OP DE FUCKING 5E RIJ VAN EEN GIGA AULA VROLIJK ALS EN DOM KALF DE HELE VERDERE LES STOREND LUID OVER ALLES EN IEDEREEN TE ZITTEN LOEIEN Hoe vol. Negeer da. Focus middagpauze eindelijk ETEN hey Zoë catch-up ik voel mij eindelijk eens een middag welkom aan en tafel voor het eerst in maanden. Ohja en ik ga naar Juliette haar optreden, tickets geboekt tijdens de les thermo daarstraks!  Daarna econo vreemd genoeg mijn favoriete vak als schakelende ingenieur in wording maar man kunnen die docenten nog wa leren van Mevr haar lesstijl. Einde lesdag snel vragen het was vlamio (niet vlamjo!) op de fiets met mijn mede student-ondernemer tot ziens ballonsvaartman ik ga mijzekf wat laten zakken in het bos met mijn generatie-genoten van vocals cadansen en tracks om u tegen te zeggen god eleonora is zo'n adhder and I love her for it en fuuuu NOOR GAAT DAAR EFFE UITHALEN waarom ik ni zingen ma ze hrbben gelijk ik ben er klaar voor nu rusten. Naar huis eten bestellen met kip cordon blue in de hand de verschillende visies op veganisme en vleesconsumptiereductie besprekend gaan we de geografisch vergelijkende tour op ik ben op in de zeten naar bed mijn bed nu insta oops afgeleid... bijna 1. Slaapwel

Tijs
3 0

Dag 1, 2 en 3 van Novembervers (2 voorbije dagen ziek geweest, vandaar inhaalmanoeuvre)

1 November: Slijm in mijn keel keel hebben is overweldigend op een sensorisch niveau wanneer ik een micro voor mijn neus zet. 2 November:  "-Hey man, gelukkige verjaardag hé. - Merci, gij ook ne gelukkige!" Conversatie tussen juist 23 jarige ik en juist 12-16 jarige jongen, die door puur toeval in hetzelfde restaurant zijn verjaardag kwam vieren als ik met wie ik samen ervoor gezorgd heb dat het hele restaurant niet 1 maar 2 keer heeft kunnen genieten van hetzelfde 3-delig verjaardagsdeuntje op 1 avond, toen zowel hij als ik tegelijk vertrokken. Comotapas us trouwens echt een aanrader 3 November : Soms heb ik van die momenten waarop ik besef/beredeneer dat sommige zaken in en taal wel/niet/potentieel bestaan, vooral tussen 2 talen (voornamelijk Engels en Nederlands). En dan kan ik gemakkelijk een half uur spenderen aan het uitdokteren hoe dit toch zou werken in beide talen.  2 voorbeelden die ik me vanochtend op de fiets bedacht: - De Engelse taal heeft geen woord dat voormiddag scheidt van ochtend (+ het uitdenken voor welke uren ochtend, vm, nm en av toepasselijk zijn in zowel Engels als Nederlands). Technisch gezien wel eigenlijk (before noon) ma dat is ni 1 woord zoals afternoon en wordt naar mijn weten zelden tot niet gebruikt. - Gekmakend is het Engels is "maddening". Bij gevolg bestaad ook iets met een gekmakkend gehalte (een zekere gekmakendheid) in "maddeningly". Da is al spicy and tickles me in my literary place. Maar wacht, het beste komt nog: gekmakend is het de bijvoegelijk naamwoord geworden vorm van gek maken, wat betekend dat in het engels ook "enmadden" mogelijk moet zijn. EN "enmaddening". EN ZELFS F'ING "ENMADDENINGLY".... en dan vragen mensen zich af waarom ik van taal hou.

Tijs
6 1