Lezen

OUD IJZER, KOPER, LOODZWARE JOB

Voor de derde keer op rij passeert er vandaag al zo’n wagen door mijn straat die oud metaal ophaalt. Het zijn er telkens andere, want wat er uit hun goedkope luidsprekers ontsnapt is inhoudelijk dan wel gelijkaardig, er zitten nuances in die duidelijk onderscheid brengen in het landschap der schrootcollectionneurs. Het moet wel een lucratieve business zijn.Deze morgen was de eerste aan zet: ‘Oud metaal, oud koper, oude fietsen, oude stoven, oude batterijen’. Deze man hecht een waarde aan de oudheid van het materiaal dat hij ophaalt. Voor nieuwe fietsen of recent aangekochte kachels haalt hij zijn neus op. De cadans en de toon van zijn woorden werken als een mantra, haast hypnositerend. Waarschijnlijk lukt het hem om mensen die helemaal niet de intentie hadden hun oude fietsen buiten te zetten in een hypnose te brengen waardoor ze dat wel doen. En zodus zal opa zich in de haren krabben, wanneer hij die Gazelle die toch maar in de garage stond en die hij vorige week aan zijn kleinzoon had beloofd niet meer kan vinden. De tweede metaaljager daarentegen gooit het over een heel andere boeg. Hij onderbrak de stilte tijdens mijn lunch met de profetische woorden: ‘Oud aaazer, loewd, koper en zink. Platte batteries en wrakken van awtoos’. Deze man speelt meer in op de omgeving, door het eren van het plaatselijke dialect. Ook heeft hij meer aandacht voor het metrum, waarbij hij erg slim jambische versvoeten afwisselt met de anapeste variant. Persoonlijk vind ik die menging van hoge en lage cultuur erg tot de verbeelding spreken. Maar het is toch de laatste goudzoeker die me het meest doet mijmeren. Haar lokroep – een vrouw deze keer, die ook in deze sector moet opboksen tegen een masculien monopolie – klinkt nogal achteloos, maar het is niet alleen haar stem die scherp over de Ter Rivierenlaan schalt. Je kan ook duidelijk het geluid van een kleuter horen. Een klein meisje dat af en toe iets brabbelt of ‘mama’ zegt. Dat zet me aan het denken. Ik ga ervan uit dat het niet live wordt omgeroepen (dus niet zoals die grap met de aftelklok voor een bom in de respectievelijke Naked Gun-film) maar dat het een op voorhand opgenomen tape betreft. Dan kunnen er twee dingen aan de hand zijn. Ofwel heeft deze vrouw de tape opgenomen terwijl haar kind aan het tekenen was of riep om haar billen te komen afvegen en had zij het niet nodig gevonden om de opname eens te beluisteren alvorens te gebruiken. Ofwel was zij gewoonweg tevreden met het resultaat, wat ik toch minder geloofwaardig vind. Tussen ‘ijzer’ en ‘lood’ en ‘zink’ en ‘oude stoven’ hoor je telkens ‘mamaaa!’ Het kan ook nog een bewust statement zijn, waarmee ze met haar dagelijkse rondrit aanklaagt dat ze zelfs tijdens het opnemen van haar leuze niet even op haar man had kunnen rekenen omdat hij niet wist hoe hij op de kinderen moest passen. Tenzij het natuurlijk allemaal wél live gebeurt. In dat geval moeten we toch meer respect opbrengen voor dit harde werk. Vooral voor moeders die deze carrière kiezen.Stel je voor, je bent aan het rijden en je moet goed uit je ogen kijken voor zowel potentiële klanten als het reeds buitengezette ijzer. Je dient ook je snelheid aan te passen aan de bebouwde kom, en ook omdat je anders moeilijk kan stoppen voor wanneer iemand snel beslist oud ijzer uit zijn garage te toveren. En tijdens die intense focus moet je dezelfde leuze continu in je luidspreker herhalen (in de correcte volgorde, anders sla je een flater) en dat allemaal met een jengelende kleuter op de achterbank. Nou, niet simpel! Ik ben blij dat ik gewoon in het onderwijs sta.

Lennart Vanstaen
10 0

AAA*

  Drie weken voor de A.A. bijeenkomst begon ik te beseffen waar ik aan begonnen was. Ik stopte met joints, alcohol en andere versnaperingen. Drie weken later was mijn hoofd drie keer zo groot geworden van de ontbering. Vroeg in de ochtend stond ik te wachten op het perron van het treinstation in mijn kleine dorpje. Aangezien ik nog even moest wachten, besloot ik koffie te gaan drinken. Op zondagochtend in een klein dorp in West-Vlaanderen is er nu niet veel bedrijvigheid meer vergeleken met vroeger. Op zondagochtend was er vroeger een drukte van belang. Mensen gekleed in hun beste kleding stroomden de kerk in aan de ene kant van de straat en aan de andere kant van de straat stroomden mensen het café in. Maar nu niet meer. In het café zag ik alleen een paar andere mensen, zoals de voormalige burgemeester, die smekend naar me keek. Hij was ooit even beroemd geweest en wist inmiddels wat dat betekende. Naast de vriendelijke opmerkingen krijgen beroemde mensen ook vaak hatelijke opmerkingen naar hun hoofd geslingerd. Dat had de man niet verwacht. Ik knikte hem vriendelijk toe en hoorde hem opgelucht zuchten toen ik voorbij liep. Terwijl ik de vertrektijden bekeek, zag ik opeens een man van middelbare leeftijd in de richting van het station komen. Vanaf een afstand kon ik al horen dat hij binnensmonds aan het praten was, duidelijk nog de naweeën van de vorige nacht. Op zo'n moment is het belangrijk om iemand heel nadrukkelijk te negeren, dus ik keek zeer geconcentreerd naar het A4-velletje waarop de vertrektijden stonden aangegeven. Hij liep rakelings langs me heen terwijl hij in een onbekende taal mompelde. En toen deed hij iets wat niemand in ons dorp ooit deed: hij stak niet via het tunneltje de spoorweg over, maar liep over de rails, gewoon over de spoorweg heen. Na enig getreuzel kwam de trein die me naar Brugge bracht. Maar in het hele treinstation van Brugge kon ik nergens Mister Cach vinden. Pas drie kilometer verderop vond ik de eerste geldautomaat. Brugge, zo mooi en toch zo achterlijk. Na een paar uur reizen kwam ik aan in Antwerpen. Ik verliet het station via het Astridplein en werd overweldigd door het enorme plein dat door een of ander architectonisch trucje toch klein leek. Het hotel aan de overkant droeg daar waarschijnlijk aan bij. En na een paar stappen in de buurt waar ik jarenlange woonde kwam ik aan bij het ECO-huis. De knapste mannen die ik de laatste tijd had gezien liepen daar zomaar los, al die studs bleken de dichters en schrijvers te zijn.  Ik was enthousiast en mengde me in het gejoel. Eén van hen vertelde me dat hij ooit gestopt was met drugs en dat maakte indruk op me. Er waren ook enkele vrouwen aanwezig en na een paar uur kennismaken werden we uitgenodigd om het huis te betreden en kon de kennismaking formeler verlopen. Toen ik daar was, werd mijn dichtkunst met enorm applaus en toejuichingen begroet, wat me tranen van vreugde bezorgde. Na ongeveer een kwartier was het voorbij en verliet ik het ECO-huis. Ik kwam de beroemde schrijver VITALSKI tegen en we omhelsden elkaar en kusten. Hij noemde me "VERF ED, de beroemde fotograaf" en ik vertelde hem over mijn bezoek aan de A.A.* en gaf hem een dichtbundel van de geniale schrijver B.V. die bekend was bij Sabine Luipaerts. Hij was blij met het boek en vertelde me dat hij in één van de krotten in de buurt woonde. Voordat hij vertrok, vertelde hij me dat hij de website zou bezoeken en als er een onbekende fb opduikt, weet ik waar het vandaan komt. Maandag was de dag van de flauwte door de hitte. Het deed me denken aan wat me ooit overkwam in Barcelona. Mijn reizen naar Barcelona begonnen meestal in Figueres, eerst het DALI-museum en daarna de stad Barcelona. Tijdens mijn eerste reizen leefde de GROTE MEESTER nog. In Cadaqués, waar de grote meester woonde, keek ik met bewondering naar zijn modernistische huis. Plotseling zag ik een schaduw toen ik mijn blik omhoog richtte. Ik staarde sprakeloos naar het gezicht van de oude MEESTER. Na een angstaanjagende stilte sprak hij me aan met de woorden "Hoe gaat het met je?". Natuurlijk sprak hij in het Spaans, maar mijn Spaans is niet zo goed, dus ik verstond niet wat hij verder zei. De laatste woorden die hij tegen me sprak waren "een cervesa ?". Ondertussen wist ik ook wel dat het niets met worsten te maken had. In Spanje drink ik nooit bier, dus ik antwoordde "een carajillo". Zijn ogen lichtten op en hij riep uit "FLAMENCO". "Ja, Vlaams en zigeuner", antwoordde ik. De MEESTER had me niet gehoord en liep wild en enthousiast de weg op naar zijn huis, luidkeels roepend "FLAMENCO", "FLAMENCO", "FLAMENCO". Plotseling begreep ik dat hij het had over de vogel. Maandag was goed begonnen met een tocht door Antwerpen. Ik vertrok vanaf mijn verblijf op het Kiel en liep via de Nationalestraat en Aalmoezenierstraat naar De Boer op het Mechelseplein. Daarna ging ik via het Elisabethziekenhuis naar De Wapper, waar het al druk was. Op de Meir was het een stroom van mensen en op de Ossenmarkt zag ik lummelende studenten. Nadat ik de Leien was overgestoken, kocht ik een friet met drie sauzen en een koude lookworst bij de frituur op de hoek. Met deze lekkernij in mijn hand liep ik het De Coninckplein op. Tot mijn verbazing werd ik hongerig aangestaard door zwarte medemensen. Ze hadden nog niet vaak een blanke man gezien die rondliep met een dikke, vettige stapel friet. Ik liet me bewonderen, maar toen ik het Rozenveldplein opstapte, kreeg ik een appelflauwte. Het immense plein was vol met mensen en de drukte benam me even de adem. Gelukkig kon ik veilig terug naar mijn logeeradres met de tram. *A.A., Anonieme Auteur tekening Salvator Dali ----TE KOOP -----

verf ed
10 0

Eindelijk een boek!

Na jaren van protest omdat ik een roman schrijven maar niks vond, is het er toch van gekomen. Een proces van twee jaar met vallen en opstaan. Met veel zelfkritiek en tegenargumenten omdat ik romans vaak inhoudsloze larie en apekool vond, kwam Lillyficatie ter wereld. Het werd gewist en in de prullenmand gegooid, om er dan twee dagen later weer uitgehaald te worden. Het werd verguisd en bemind en in een rollercoaster van emoties neergepend.  Het doorstond vlagen van twijfel en zelfspot, iets waar ik te lang en te veel op geoefend had. Worstelen en doorzetten waren sleutelwoorden. Een half jaar geleden was ik klaar om de knop om te draaien. De innerlijke criticus moest z’n kop maar eens houden. En ja, het stroomde eruit. De rups die zich ontpopte als een ‘pantser’, pur sang. Wat een ervaring. Wat een genot. Ik vergat me te wassen, verwaarloosde man en huis, en schreef tot het klaar was. Hallelujah!  'Lillyficatie' werd een volwaardig boek. Een beetje mager van formaat, maar gezond qua inhoud:  “Lilly heeft op het eerste zicht haar leven helemaal onder controle. Ze bereikt waar velen van dromen; maakt van een hobby haar beroep en bouwt een leuk leven uit in een hippe stad. Alles lijkt haar voor de wind te gaan. Een burn out steekt stokken in de wielen, maar blijkt uiteindelijk een verrijking te zijn; het dwingt haar om alles anders aan te pakken en het brengt verrijkende inzichten. Ze wordt beter, maar haar leven blijkt nog niet compleet. Als ze een groot verlies lijdt, valt ze opnieuw in een gat. Ze kruipt hier andermaal uit en herwint haar levensvreugde. Toch blijft er een leegte. Een spirituele ervaring helpt bij haar ultieme genezing, en het vinden van 'ware liefde', is de kers op de taart.“  'Essentiële zaken zoals ware liefde en spiritualiteit, ontbraken in het leven van het hoofdpersonage. Deze twee elementen werden uitgelicht om aan te tonen dat je alles kan hebben waar je van droomt, maar als ware liefde en de erkenning van spiritualiteit ontbreken, kan er een leegte blijven hangen.'    

Heidi Schoefs
17 0