Lezen

Hij

Je leert iemand kennen en hebt het gevoel. Je weet wel; de neiging om iemand beter te leren kennen en hopeloos verliefd te worden. Je start met praten. Er is meteen connectie. Gewoon een keer praten gaat over naar dagelijks uren aan een stuk praten. Je leert de persoon kennen op alle manieren. Soms wordt er iets flirterig gezegd, vaak in een dronken bui, dan voel je die tinteling.    Je gaat van gewoon praten naar afspreken. Elkaar eindelijk nog een terug zien. Enerzijds voel je enorm veel stress en heb je het gevoel dat je hem totaal niet kent, anderzijds lijkt het of jullie elkaar al jaren kennen. Het is gezellig. Je hebt de neiging om hem meteen te kussen en te knuffelen, maar jouw verstand spreekt tegen.    Dus je besluit meer en meer afspreken. Het gaat over naar handjes vasthouden. Je voelt de warmte door je lijf stomen alsof het zomer in jouw lichaam is. Het besef komt. Dat hij de persoon is waar je tijd mee wilt delen, waar je van wilt dat hij de jouwe is.    Van het één komt het ander en jullie kussen elkaar. Je wereld staat die seconden stil en de kus duurt net een eeuwigheid. Je kan aan niets denken. Je hart wint van jouw hoofd. Op een paar maanden is een willekeurig persoon belangrijk. Enorm belangrijk.    Hoe verder jullie relatie vordert, hoe meer je beseft wat ‘liefde’ inhoudt. Als je naar hem kijkt, betrap je jezelf op een spontane lach. Hij is het, denk je elke keer dat hij zijn lippen zacht op jouw lippen drukt.     Op een bepaald moment, besef je dat je niet meer zonder hem kan. Dat hij dé persoon is. De persoon is waar je jouw leven mee zal delen. Je vertrouwt hem elk deel van jezelf toe: de mooie, de lelijkere, de gênante, de goede, de slechte & toch weet je dat hij je altijd graag zal zien. Hij weet alles en kan jou op elk moment breken & je vertrouwt het dat hij die macht niet zal misbruiken. Het is gek hoe je iemand zo graag kan zien dat je er alles meteen voor zou doen. Dat je er letterlijk en figuurlijk een kogel voor zou vangen.    Je wordt blij van hem & bent triest wanneer je hem moet missen. Hij is het eerste en het laatste waar je aan denkt, eigenlijk waar je altijd aan denkt. Hij is alles wat je nodig hebt om tot rust te komen. Alles wat je wilt in een persoon.  Een beter persoon wil je enkel voor hem zijn. Je schrikt vaak van hoe je positief veranderd voor hem. Van hoe 1 enkele persoon je iets slecht kan afleren en iets goed kan bijbrengen. Hij steunt je. Moedigt je aan om dingen te doen. Geeft je dat kleine duwtje om iets te durven. Dat ene duwtje dat je net nodig had om jouw leven zelf net iets beter te maken    Hij past bij jou alsof iemand jullie voor elkaar gemaakt heeft. Alsof jullie puzzelstukjes zijn die elkaar nodig hebben. Hij maakt jou compleet.    Liefde is gek. Compleet geschift eigenlijk. Dat is ook net haar charme. 

Chloë
0 0

NIEUWJAARSNACHT IN THE HELL HOLE

Waren jullie, net als ik, van die mensen die diep verontwaardigd waren toen Trump over ‘the hell hole Brussels’ sprak?  Fronsten jullie ook de wenkbrauwen toen de Antwerpse burgemeester verkondigde dat onze gemeenschap alleen maar last had met de Berbermarokkanen? Wij kopen op de markt steevast , kruiden, fruit en groenten bij het Marokkokraam en onze e-bikes bij een goedboerende Marokkaanse fietswinkel. Buiten het feit dat ze hun cultuur door onze strot proberen te duwen, trachten de meesten te werken, proberen ze alsnog te integreren, laten hun dochters meer en meer hun sjaaltjes thuis en brengen ze wat multiculturele restaurantjes in ons straatbeeld.  Maar, nu gaan jullie mij toch niet wijsmaken, dat make en pake Marokkenbeek totaal niet weten waar hun legsel zich op oudejaarsavond mee bezig hield? Ik kan me voorstellen, dat als moe Fatima op 1 januari de kamer van haar lieverdjes opende en ze daar drie computerschermen, 5 smartphones met opladers, 10 doosjes antitiotica, 2 flessen Listerine, 5 pakjes Neurofen, 20 dozen condooms, 1 fles shampoo tegen psoriasis en 3 pakjes blarenpleisters ziet liggen, ze zich niet gaat afvragen of  Bolcom en Farmaline ook op Nieuwjaarsdag geleverd hebben. Schiet ze in een Arabische colère en geeft ze Mohammed, Abdul en Bashir onmiddellijk een veeg uit de tagine, omdat ze zich realiseert, dat als haar half minderjarig nageslacht alsnog geïdentificeerd wordt, zij als ouders voor al de schadeclaims zullen moeten opdraaien. Of vindt ze het achteraf wel fijn dat ze nu voor verschillende jaren genoeg gratis paracetamol in de kast heeft staan. Steekt ze straks haar hoofddoekhoofd in het Saharazand als de politie op de stoep staat en zal ze blijven beweren dat haar kroost om middernacht braaf met ma en pa rond de feesttafel zat, met de waterpijp, de thee, de couscous en de baklava. “Ik zweer het!” Hingen ze ook uit het raam toen ze de sirenes hoorden en de blauwe flikkerlichten zagen? Of dachten ze nog steeds heel naïef dat dit het Belgische vuurwerk moest voorstellen? Zien die ouders ’s anderdaags ook die beelden op de televisie, van kapotgeslagen bushokjes en bankautomaten, in brand gestoken auto’s en geplunderde winkels, of zien die huishoudens alleen naar het nieuws op El Jazeera en 2M Maroc? Bij die 200 à 250 kleine criminele eikeltjes die in Molenbeek alles kort en klein sloegen, die een computerbedrijfje en een apotheker plunderden, die politie en brandweer met bakstenen bekogelden, horen evenveel ouders bij die hun crapuulrelschoppers niet in de hand hebben. Eventjes zagen die ouders het licht aan het einde van hun tunnel. Marokko voert dit jaar opnieuw de militaire diensplicht in voor mannen en vrouwen tussen de 19 en 25 jaar. Veel Molenbeekse ouders hopen dat daar hun onhandelbare zonen eindelijk in het gelid zullen moeten lopen en respect gaan leren. ‘Law and order’! Pa Molenbeek haastte zich op nieuwjaarsdag, zo snel als zijn djellaba en zijn babouches hem konden laten spurten, naar de moskee om daar te bidden, dat de leger- oproepingsbrieven sneller in hun brievenbus zouden willen vallen dan dat het Belgische gerecht hun zonen zou kunnen identificeren. Maar hun hoop wordt onmiddellijk de kop ingedrukt als even later het bericht komt, dat de Belgische Marokkanen wel welkom zijn, maar niet naar het leger moeten! En dat is nu juist het probleem van de meeste jeugd, ze mogen maar ze moeten niets meer. Als straks zo’n ettertje toch voor het gerecht moet komen, dan is daar zeker weer zo’n links pro deo advocaatje dat, tegen de meestal vrouwelijke rechter, opnieuw de slechte jeugd breeduit uitspint. Dat zijn cliënt nooit mogelijkheden gehad heeft, dat hij sinds zijn kleutertijd tegen het Belgische racisme heeft moeten opboksen, dat hij als tiener op elk moment, van de dag en nacht, zijn identiteitskaart aan de politie moest laten zien, ook als hij niet op de hoek van de straat drugs dealde en dat dit dus zijn frustratie tegen de openbare macht alleen maar deed toenemen. Dat de rechter moest begrijpen dat zijn cliënt alleen maar een oudejaarsavondmeeloper was. Dat justitie zijn vorige 22 inbraakjes, zijn pesterijen tegenover hoofddoekloze meisjes die hij hoeren en kegs noemde, zijn twee fietsdiefstallen en carjacking en zijn jonge drugsverleden niet weer opnieuw in het vonnis moest opnemen, want dat deze zaken allemaal door de vorige rechters met moederlijke gevoelens en de mantel der liefde geklasseerd werden.  Zo’n advocaat legt dan ook de nadruk op het feit dat zijn cliënt nog een paar maanden onder de 18 is en dat er toch nergens plaats is om criminele minderjarigen op te vangen. En, als de rechter toch beslist om een gevangenisstraf uit te spreken, deze zeker niet in een gewone gevangenis mag uitgezeten worden, want dat dan UNIA en Child Focus heel boos gaan worden. Dus wordt zo’n gefrustreerd macho- relschoppertje weer met een vermanend pampervingertje en een eventuele werkstraf met uitstel opnieuw de straat opgestuurd. Klaar om volgende jaarovergang andermaal keet te gaan schoppen. Het is fantastisch dat eindelijk één Marokkaanse jonge vrouw opstaat en op You Tube, de relschoppers openlijk veroordeelt! Hopelijk wordt ze niet een dezer dagen in een ondergrondse parkeergarage door de ettertjes in elkaar geslagen! Waarom reageren die ouders niet? Waarom trekken die hun losgeslagen haantjes niet aan de oren naar het politiebureel, zodat justitie niet meer al die beelden moet analyseren om hun boefzoontjes te identificeren? Zijn ze het misschien toch eens met de rebellie van hun nazaten? Is Brussel en maw Molenbeek dan toch het hell hole?? Ik heb een gat in de markt ontdekt. In plaats van een cordon sanitaire rond bepaalde partijen te trekken, zouden wij bij rellen veel beter de politie samen met het leger inzetten en een cordon rond het misdadig feestvierdertjescollectief  opzetten, ze bijeendrijven en de kring kleiner en kleiner maken. Vervolgens moeten ze met een plofkofferinkt op alle onbedekte lichaamsdelen mikken. Liefst geen bruin of zwart maar degelijk fluo purper of  metallic biljartgroen. Het wordt min of meer het principe van paintball;  op de ogen bij de bivakmutsen , de handen en het haar onder de houdi’s. Deze verf moet minstens een maand als een schofttattoo zichtbaar blijven. Ze kan noch bij het wassen, het douchen en het haarkleuren verwijderd worden. Vroeg of laat moeten deze ingekleurden de woonst verlaten en kunnen onze ordediensten ze zonder veel problemen oppakken. Een paar aan de school, in het theecafé en sommigen op de hoek van de drugsstraat. Leest de politie mee? Goed idee? Wij sluiten dan al het gepaintball volkje op in een grote kooi, ergens in het midden van de grote markt, waar vroeger de schandpaal stond.  We houden de rechts georiënteerde partijen weg van het event, want die zouden toch maar alleen met bijlen, hamers en bakstenen afzakken, maar we delen rotte eieren uit aan de apothekers en beschimmelde tomaten aan de computer- winkelmedewerkers. We laten de politie wat experimenteren met pepperspray en een beetje traangas. De Lijn en de ‘brandende autoslachtoffers’ mogen zich uitleven met pek en veren en de brandweer mag vervolgens het zootjes lamstraalrelschoppers dag en nacht natspuiten. Het mag zelfs tot ze behoorlijk onderkoeld zijn want thuis ligt toch nog de ganse gestolen medicatie op de kast waarmee ze de opkomende verkoudheden kunnen te lijf gaan. En natuurlijk vinden wij het fijn, dat Adil, Bilal, Kamal , Ish, burgemeester Mohamed en nog zoveel meer nieuwe Belgen de weg vinden om samen met ons een samenleving op te bouwen, alleen spijtige dat op één nacht door een paar asociale nitwits een ganse bevolkingsgroep weer door ons geviseerd zal worden.   Sim, 2 januari 2019, met veel verontwaardiging.          

Sim
42 0

Nieuwjaarsbrief aan mijn tv-provider

Geachte heer, mevrouw   Ik maak er een gewoonte van om in het begin van het jaar enkele nieuwjaarsbrieven te schrijven. Voor mijn familieleden en vrienden, maar ook naar enkele instanties om geheel vrijwillig mijn diensten aan te bieden. Dit jaar viel de keuze op uw firma. Ik weet niet of u zich nog herinnert dat een bepaalde minister op een gegeven moment het kijk- en luistergeld heeft afschaft. "Het is niet meer van deze tijd, een belasting heffen op tv-kijken", verklaarde de minister. De commerciële tv betaalde zichzelf immers al met met reclame en de overheidszender kreeg een jaarlijkse dotatie. Ik kan me niet meer voor de geest halen hoeveel het kijk- en luistergeld exact was, maar het moet zo ongeveer in de richting gaan van het bedrag dat we nu maandelijks betalen voor uw diensten inzake digitale televisie, telefoon en internet. Het moet natuurlijk allemaal betaald worden, dat hoort u me niet zeggen. We kunnen bovendien tal van tv-programma's opnemen met onze digicorder of TV decoder, om ze op een later tijdstip te bekijken.   Alhoewel, daar zit eigenlijk het probleem. Tijdens de eindejaarsperiode zijn er op de nationale zenders heel wat mooie programma's te zien. Nieuwe series, jaaroverzichten, conferences, klassieke films en meer. Het toestel draait overuren. Maar telkens als we meer dan twee programma's tegelijk willen opnemen, krijgen we de boodschap dat er een conflict is. Ik begrijp dat niet. Enerzijds zou het mogelijk moeten zijn, maar ook het woord stoort me. Want meteen verplaatst het conflict zich naar onze huiskamer. Ruzie, omdat iemand zijn of haar geliefde programma moet schrappen.   Daarom stel ik voor om enerzijds de mogelijkheid te voorzien om minstens vijf programma's tegelijk te kunnen opnemen. Voor het bedrag dat we jaarlijks aan uw firma betalen, zou dat toch een optie moeten zijn. Anderzijds geef ik u graag een alternatief voor de term 'conflict'. Dat ligt nogal zwaar op hand. Het betekent letterlijk een 'strijd'. Want denkt u van een 'dilemma'? Dat is 'een keuze tussen twee of meer alternatieven'. Beter, niet? En zachter. Mocht u zich hier in kunnen vinden en het daadwerkelijk gaat toepassen, mag u als tegemoetkoming altijd een bedrag naar keuze aftrekken van mijn maandelijkse factuur. Indien u niet meteen een bedrag kan verzinnen, wil ik dat graag in uw plaats doen.   Steeds tot uw dienst en alvast een vreugdevol 2019.   Met vriendelijke groeten Rudi Lavreysen

Rudi Lavreysen
37 0

Aline

Eugeen was verliefd. Hij was verliefd op de mooie vrouw in de trein naar zijn werk. Maanden en maanden had hij haar beloerd zonder er een woord tegen te zeggen, tot een gemeenschappelijke kennis hen samenbracht en na enkele stations met hun twee alleen achterliet. In het gesprek dat volgde, praatten ze over dingen die hij nu niet meer weet, gevangen als hij zat in het moment en in haar mooie ogen. Ergens onderweg verklapte ze haar naam.   Aline doorspookte sinds die ene treinrit de nachtelijke en wakkere dromen van Eugeen. Dan besnuffelden ze elkaar in lange gesprekken vol slimme uitspraken met dubbele bodems waarin veel werd gelachen en waarin hun ellebogen elkaar veelvuldig per ongeluk raakten en waarvan het voortdurend herbeleefde einde altijd uitdraaide in een omhelzing of, wanneer Eugeen het aandurfde, een kus.   Het echte leven kon het tempo van Eugeens droomwereld niet volgen en het duurde opnieuw meer dan een maand eer hij Aline nog een keertje sprak. Het gesprek ging over niets bijzonders, maar volstond om in het verliefde hoofd van Eugeen de kiem te planten van de onredelijke overtuiging dat de verliefdheid die hij voelde voor de mooie Aline niet op dode grond viel, maar dat ze, weze het in nog prille mate, naar het zich liet aanzien, wederzijds was.   Dan gebeurde het, door een toeval of een andere oorzaak waarvan ik de natuur niet heb kunnen achterhalen, dat Eugeen tot zijn eigen stomme verbazing kennis kreeg van het mobiele telefoonnummer van Aline, een nummer dat hij met groot gemak onmiddellijk opsloeg in zijn eigen geheugen, met groot gemak zoals gezegd, want het verschilde slechts één cijfer van dat van zijn moeder. Dit gelukkig voorval, echt waar zonder dat er een zinnige uitleg voor te verzinnen valt, sterkte Eugeen nog meer in de overtuiging dat Aline en hij voorbestemd waren tot iets groots.   Met de overtuiging groeide de moed. Lang zocht Eugeen naar een manier om Aline op gepaste wijze kond te doen van zijn romantische gevoelens voor haar, een mededeling die haar in zijn spookachtige dromen steevast deed zwijmen en die zij zonder uitzondering beantwoordde met de hartstocht en de passie zoals Dulcinea van Toboso die betoonde aan de Ridder met het Droeve Gelaat lang voor hem. Hele treinritten zat hij zo te dagdromen, echter zonder dat hij ook maar één ogenblik het momentum ontwaarde om droom in daad om te zetten.   Dat gebeurde toen Eugeen na een avondje stappen met een vriend huiswaarts toog en onderweg een groot plein overmoest waarop in het midden, badend in een artificieel hemels licht, een telefooncel stond. Opnieuw zonder dat er een geloofwaardige uitleg voor te verzinnen valt, vielen bij Eugeen alle puzzelstukken in elkaar. Voortgestuwd door de voltooide puzzel en het hemelse vocht van het avondje stappen vond hij de moed om zijn dromen te doen uitkomen en gaf hij zich over aan het herkende momentum.   Eugeen stapte naar de telefooncel, stak enkele munten in de gleuf en draaide het nummer dat hij zo goed kende. Terwijl hij in stilte luisterde hoe ergens de telefoon overging, zocht hij in gedachten naar de juiste woorden die hij Aline zou toespreken. Zo kwam het dat Eugeen, toen hij hoorde dat aan de andere kant de telefoon werd opgenomen, geen aarzeling kende noch twijfel en hij, nog voor Aline hallo zeggen kon of iets anders, van wal stak met de meest romantische bewoordingen die spontaan aan zijn brein ontsproten en die hij sprak met zoveel oprechte liefde dat hij een steen had kunnen doen blozen en die wij hier kort en beknopt zullen parafraseren.   Ik was alleen met jou in mijn hoofd. En in mijn dromen kuste ik jouw lippen wel duizend maal. Soms zie ik je passeren langs mijn deur en dan vraag ik me af: Ben ik het die je zoekt?   Ik zie het in je ogen. Ik zie het in je lach. Je bent al wat ik verlang, mijn armen zijn open voor jou. Want jij zegt altijd precies de juiste dingen. En weet altijd wat je doet. En ik wil je zo graag zeggen: ik hou van jou.   En Eugeen zou nog zijn verdergegaan, over het zonlicht in haar haar, ware het niet dat hij vlak voor hij daaraan kon beginnen werd onderbroken door een zachte, enigszins onzekere maar onbetwistbaar verbouwereerde stem die hem stilletjes toefluisterde:   ‘Eugeen, ben jij dat?’   Met geen woorden in het heelal valt te beschrijven hoe Eugeen zich voelde bij het aanhoren van deze woorden, zo zacht en onzeker uitgesproken door de stem aan de andere kant van de lijn en moeilijk valt het hem te verwijten dat zijn gevoelens hem nadien te machtig werden, waarbij hij tegen wil en dank warme tranen voelde opwellen in zijn ogen, die weliswaar enigszins verschrikt uit hun kassen keken en het moet gezegd, al weze ook dat hem vergeven, dat er enige stilte passeerde alvorens Eugeen, voor de volle honderd procent van zijn melk door het onvermoede, stilletjes terugprevelde:   ‘Ma?’

joris
5 1