Lezen

Gesjareld op de Parking

Dat van alle Belgische steden de meest fiere, fantastische en, naar wat sommigen beweren, zelfingenomenste als eerste voor de bijl ging, was ook voor mij een verrassing. Dat wij, de spreekwoordelijke parking, als verre provinciegenoten ook zouden worden meegesleurd in de natte droom van burgemeester De Wever met avondklokken en meer, was voor deze Heist-op-den-Berger een nog veel grotere verrassing. Tot zover onze provinciegrenzen overschrijdende samenhorigheid, lieve lezer. Tot zover die gevonden verbondenheid in ons gevecht tegen een gezamenlijke tegenstander, vele malen intenser dan wat een EK of Olympische Spelen ooit hadden kunnen teweegbrengen. Vanaf nu is het ieder voor zich. Moge de sterkste winnen. Of beter, moge de meest sociaal angstige, columns tikkende schrijvers, die zich al hun hele leven gepassioneerd hebben toegelegd op de buitenwereld buiten houden – en masturberen op Goedele Wachters, maar da's niet relevant hier – winnen. Helaas is de strijd al grotendeels gestreden, zelfs in voor wat moest doorgaan als één, aan hetzelfde zeel trekkende provincie. Ik lijst even op welke extra maatregelen volgens de media sinds deze week van kracht zijn in de provincie Antwerpen: 'U zult te allen tijde in de publieke ruimte een mondmasker dragen. U zult in uw woonst blijven tussen 23.30 uur en 6 uur tenzij u essentiële verplaatsingen moet doen, zoals naar het werk rijden of naar het ziekenhuis omdat u bv. uit een mengeling van verveling en frustratie beslist hebt om een nagel in de muur te kloppen met uw voorhoofd. Betreffende de arbeidsdaad bent u verplicht tot thuiswerk, dus als de politie u om 23.31 uur met uw voertuig een halt toeroept, kan het maar beter zijn omdat u op weg bent naar het hospitaal terwijl het bloed uit uw voorhoofd gutst.' Waarom ik deze jou ongetwijfeld reeds gekende regels herhaal, lieve welgeïnformeerde lezer? Omdat het verhaal van de media in de verste verte niet overeenkomt met hoe het er echt aan toegaat in onze provincie. Om te beginnen de mondmaskers. Wat je favoriete nieuwslezer – de mijne is Goedele Wachters – vergeet te vertellen, is dat iedereen die niet uit de stad Antwerpen zelf is, dat met een aanduiding op het mondmasker moet tonen. Ter verdediging: de op te naaien gele sterren met daarin het parking-icoontje zaten al heel snel in de brievenbus, alsof de stad hier al enkele jaren op voorbereid was. Verder mag intensieve sport zonder mondmasker, maar wat de rest van België niet weet is dat buiten 't Stad hardlopen verplicht vervangen werd door huppelen. Een rit op de koersfiets is enkel nog toegestaan wanneer er speelkaarten met wasknijpers aan je voorvork bevestigd zijn en je om de tien meter 'broem, broem' roept. Zwemmen mag, mits het huren van een Speedo en mondmasker in het zwembad. Ook daarbij een kleine voetnoot: omwille van waterbestendigheidsredenen krijg je geen echt mondmasker, maar een tweede zwembroek, die je over mond en neus dient te bevestigen. Nu weet ik niet of dit de vaste procedure is, maar mijn Speedo-mondmasker was nog nat, harig en rook naar iets tussen een te lang geopende pot augurken en een te kort gebakken cervela. Mijn Speedo-zwembroek was proper en droog. Al deze maatregelen in acht genomen, snap je dat vandaag iets als over het perron huppelen om je trein te halen er nog beschamender uitziet dan het al was toen je nog kon lopen. En probeer na je vaste zondagsrit maar eens met een uitgestreken gezicht een Duvel te bestellen als je twee minuten ervoor nog als iemand uit een Dieter Coppens-programma – eender welk – met ratelende wielen arriveerde. Maar laten we vooral de groep niet vergeten die werkelijk alle respect en geloofwaardigheid is kwijtgeraakt: de triatleten. Tot slot nog een paar andere voorbeelden van hoe de diamantstad de rest van de provincie bij de kroonjuwelen heeft: barbecueën buiten 'A' mag met 30 personen, maar uitsluitend met veganistische vleesvervangers (niemand barbecuet hier nog). Alcohol kopen na 22 uur mag, zolang het Radler, Strongbow en Wittekerke is (niemand drinkt hier nog). En seks buiten het huwelijk is nu écht niet meer toegestaan (niemand sekst hier nog). Masturberen op een op pauze gezet beeld van het journaal met Goedele Wachters kan gelukkig nog ongestraft plaatsvinden. Laat het duidelijk zijn: er is hier veel meer aan de gang dan wat het nieuws je vertelt. Daarom raad ik je ten zeerste aan om niet alles te geloven wat je leest of hoort. Blijf sceptisch, check je bronnen en laat je niet in de maling nemen. Maar vooral, hoed je voor de grote overname van 't Stad. In onze provincie is ze alvast ingezet. De rest mag dan wel parking zijn, maar zoals iedereen met zelfrespect, en dus een auto die geen Nissan Micra is, weet: van parking is er nooit genoeg.

Hans Verhaegen
6 0

over turnen, Turkmenistan en machtsmisbruik

Om aan de top te komen is doorzettingsvermogen nodig. Daar is consensus over. Hoe doorzetten gestimuleerd wordt, is niet eenduidig. Gerrit Beltman werkte, samen met andere trainers, volgens de ‘domme koe’- methode. Die methode bestond uit het kleineren, vernederen, bodyshamen, onverantwoord omgaan met blessures (over de omschrijving van blessures kunnen we het later nog hebben, maar ik geef nu al mee dat ‘kruisbanden scheuren’ niet in de lijst staat), slaan, in het gezicht spuwen en ga zo maar door. Mentale en fysieke mishandeling van gymnasten zit ingebakken in de turnwereld. En niet alleen op het hoogste niveau. Jonge meisjes die topprestaties neerzetten zijn bijzonder kwetsbaar. Een ondersteunende omgeving is cruciaal. U hoeft geen motivatiepyscholoog te zijn om dit te begrijpen. Er bestaan verschillende manieren om te motiveren: door factoren buiten de persoon (‘ik ben gemotiveerd omdat ik afgestraft word als ik niet win’) of door factoren binnen de persoon (‘ik ben gemotiveerd om te winnen omdat ik dat zelf wil’). Dat laatste heet autonome motivatie. Uit de schrijnende getuigenissen van vele turnsters is duidelijk dat er geen sprake was van autonome motivatie. De trainer ziet winnen als zijn doel en reduceert gymnasten tot het middel om tot dat winnen te komen. De hele turnwereld stond erbij en keek ernaar. De mea culpa mantra van trainers is nobel, maar ontoereikend om dit probleem systematisch aan te pakken. Veel turnsters hadden na hun carrière traumatherapie nodig. Dit is misselijkmakend. Nu wordt er gegoocheld met ethische commissies en gedragscodes om tot een gezond topsportklimaat te komen. Maar een omwenteling van de heersende cultuur zal meer nodig hebben, zoals een gedegen opleiding voor trainers, waarbij ze kennis maken met de ware toedracht van autonome motivatie en motiverend coachen. Ik maakte laatst kennis met de president van Turkmenistan (niet persoonlijk, maar online, zoals het moderne mensen betaamt). Meneer Berdimuhamedov (moeilijke naam om te onthouden, gelukkig mag ik hem met zijn voornaam aanspreken: Gurbanguly) is niet alleen de autocratische leider van een politiestaat, hij heeft ook een obsessie met winnen. Hij heeft heel wat titels van het Guinness Book of Records op zijn naam staan. Dat gaat van de stad met het grootste aantal gebouwen bedekt met wit marmer, over het grootste indoor reuzenrad, tot het ‘achter elkaar rijden’ van 3246 fietsers. Hij gaf miljarden uit om deze records te behalen, terwijl de mensenrechten in het land ontelbare keren geschonden worden. Rest alleen nog de vraag: wie haalde de mosterd bij wie? De ethische standaarden tussen Turkmenistan en de gymnastenwereld zijn te gelijklopend om toeval te zijn. Bovendien zouden beide partijen geen genoegen nemen met een gedeelde eerste plaats. Daarom een nieuwe wedstrijd: om ter snelst een ethische standaard bereiken die hoger is dan het grootste indoor reuzenrad en die meer turnsters omhelst dan die schamele 3246. Wat er te winnen valt? Een stukje respect en als u geluk hebt ook een fractie van de veerkracht en het doorzettingsvermogen van alle turnsters die deze wandaden moe(s)ten doorstaan.   Dochter (wijzend naar de tv): Waaw, heb je gezien wat die turnster op de balk deed? Moeder: Ja, echt fenomenaal. Dochter: Waarom wrijft die trainer in zijn ogen? Moeder: Hij probeert die balk uit zijn ogen te krijgen.

Lore Dewulf
23 0

Muntenverzamelaar

Een muntenverzamelaar kan je mij bezwaarlijk noemen maar sinds jaren bewaar ik enkele oude munten en biljetten in een bokaal in een lade van mijn bureau. Meer dan twintig jaar na mijn reis naar Berlijn stond de muur nog overeind. Nu meer dan dertig jaar na de val van de muur doe ik een vondst. In mijn confituurpotje vind ik een muntje met het opschrift: ‘Deutsche Demokratische Republik’. Het maakte ooit deel uit van het blikken geld dat je aan checkpoint Charlie moest inruilen voor Westers geld. Bij een bezoek aan Oost Berlijn hoorde je inderdaad minimum vijf zulke Ostmarken aan te kopen met Westerse Duitse Marken of liever nog Amerikaanse dollars, die door het DDR-regime zeer gegeerd werden. Het volledige bedrag moest ter plaatse gespendeerd worden en het overschot moest bij terugkeer afgegeven worden. Onze groep bestond uit mannen en jongens van alle leeftijden, van achttien tot zestigjarigen. Bij de terugkeer naar West Berlijn hadden enkele ouderen het overgehouden geld weggeschonken, anderen hadden het zelfs in een vuilnisbak gedeponeerd. Wij, jongeren hadden in een herberg voor de lokale argwanende bevolking drank gekocht. Het overgebleven kleingeld hadden we in onze broekzak verstopt. Aan een zwaarbewapende Vopo (Volkspolizist) die amper onze leeftijd had, toonden we onze lege geldbeugels. Gelukkig liet hij ons ongemoeid, maar in onze broekzakken gloeiden de geldstukjes. Ze hadden nooit waarde en of ze die nu meer dan vijftig jaar later hebben, is zeer de vraag. Als souvenir is hun sentimentele betekenis daarentegen onbetaalbaar.

Vic de Bourg
24 0

Papa in "de Congo".

De bar van het woonzorgcentrum is weer open. Ik maak een afspraak om mijn vader te zien. “Niet in de kamer, maximum 1 uur, in de bar, het liefst buiten.” Ik respecteer het huis. Zoals de zon over onze oude huiden wreef, zo gewoon gelukkig zaten vader en zoon weer samen. We lachten en we praatten enkele biertjes weg. We wuifden naar de vrijwilligers. We bedankten het personeel. Zijn nieuwe vriendin Helena zat aan het tafeltje naast ons. Het deed iedereen deugd onze “oudjes” terug te mogen zien. “Erwin,” vroeg hij mij. “Kijk jij naar ‘Kinderen van de kolonie’ op Canvas?” Ik zei neen. Omdat er veel te luide stemmen zijn die mij dingen verwijten die ik niet ben, nooit ben geweest en nooit zal zijn. Ik ben niet geprivilegieerd. Ik ben niet wit. Ik weet wat discriminatie is en ik weet wat racisme is. En ik ken onze geschiedenis. Activisten moeten zich niet zo dwangmatig en neurotisch opstellen en hun veel te complexe woorden moeten van mijn lijf blijven. In serieuzere zaken is mijn vader een man van weinig woorden. Niet omdat hij verbitterd of getekend zou zijn door de strengheid van zijn generatie en de armoede van het Vlaamse platteland tijdens WO II. Zijn blik dwaalde af naar Congo. “Wat ik daar allemaal gezien heb... Wat ik daar allemaal heb moeten doen...”. Hij herbeleefde Congo, ik zag het in zijn lichaam kruipen. Meer dan het gekrijs van jonge activisten die racisme mengen met gender politics en kolonisatie met identiteitspolitiek, op TikTok en in de krant, lag in die enkele woorden van mijn vader het leed van zwarte mensen dat ook zijn leed is geworden. Meer dan jonge activisten was het voor mijn vader helemaal niet vermoeiend om het “weer eens te moeten uitleggen”. Hij sprak, hij vertelde het verhaal. Met emotie. “Die mensen uit Congo verdienen niet wat wij daar gedaan hebben.” Mijn vader is geen geprivilegieerde blanke man. Hij is dat nooit geweest en zal dat ook nooit zijn. Ik volg hem daarin. Mijn vader was in “de Congo” en zijn verhaal is ook mijn verhaal en het verhaal van alle Belgen. Nieuwe Belgen en minder nieuwe Belgen. Ik luister niet meer naar het geroep en het getier. Het is te vermoeiend. Het zegt niets. De toon van mijn vader daarentegen is rustgevend. Zijn herinnering leerrijk en van zo groot Belgisch en Congolees belang dat de verhalen van onze vaders ook gehoord worden. Ook door een blanke man die er was. Ik luister morgen verder, dan is het zijn verjaardag, en ik zal (uitgesteld) kijken maar alleen omdat mijn vader erover verteld heeft. De verhalen in de woonzorgcentra zijn voor mij de verhalen die tellen. Omdat ze echt zijn, omdat ze niet verwijten, omdat ze niet betuttelen, omdat ze niet arrogant zijn, omdat ze me niet willen opvoeden. Omdat vele verjaardagen later mijn vader er niet meer zal zijn maar Congo door hem en door mij Congo de plaats zal krijgen die het verdient. Gelukkige verjaardag, papa!

Erwin Abbeloos
21 0

over wikipedia, astronauten en Tanja Dexters

‘Heb je een pagina op Wikipedia?’, vroeg hij. ‘Nee? Dan ben je klaarblijkelijk niet belangrijk genoeg’. Ik kon niet uitmaken of hij een grap maakte. Het feest liep ten einde en de betere gesprekken lagen al ver achter ons. Op weg naar huis kon ik maar één ding denken: ik schrijf zélf mijn Wikipagina, om zijn ongelijk te bewijzen. Maar dat bleek niet zo simpel. Dat ik niet in aanmerking kom voor een Wikipagina, kan ik begrijpen, maar ook personen die er wel één verdienen, krijgen er geen. Maak kennis met Donna Strickland, een Canadese hoogleraar Natuurkunde, die tot voor kort geen Wikipagina had. Iemand diende in 2018 een bijdrage over haar in, maar deze werd door een vrijwillige redacteur geweigerd omdat Stickland ‘niet aan de noodzakelijke criteria voldeed’ om gepubliceerd te worden. Later dat jaar won Strickland de Nobelprijs voor de Natuurkunde voor haar onderzoek in de laserfysica. Ze kreeg uiteindelijk wel haar Wikipagina. Je moet als vrouw blijkbaar een Nobelprijs winnen om in aanmerking te komen voor een Wikipagina (Ja, Tanja Dexters, ook hier ben jij door de mazen van het net geglipt, met je Wikipagina en zonder Nobelprijs). De Vlaamse Angelique Van Ombergen is een academicus die in 2019 door Forbes opgenomen werd in de lijst ’30 under 30’. Haar Wikipagina beperkt zich tot het Forbes weetje. Dat kan beter, hoor ik u denken. Zoveel is zeker. Ze deed niet alleen baanbrekend onderzoek naar hoe de hersenen van astronauten zich aanpassen aan een verblijf in de ruimte, ze won verschillende internationale awards, schreef kinderboeken over ruimtevaart en organiseerde ruimtekampen voor kinderen. In 2020 zijn minder dan 20% van de Wiki biografieën van vrouwen. Onze geschiedenis leest als een mannelijk verhaal. Terwijl vrouwen wel degelijk geschiedenis maakten. Het is alleen nog niet neergeschreven. Wikipedia is in de markt gezet als één van de grootste online encyclopedieën. Het vormt voor velen een vertrekpunt in hun zoektocht naar informatie. Als vrouwen systematisch ontbreken, dan heeft dit grote gevolgen voor onze perceptie van de geschiedenis. Ik zocht het even op: Wikipedia is een samentrekking van Wiki en Encyclopedie. Wiki is Hawaïaans voor snel, vlug. Snel staat in veel gevallen niet gelijk aan nauwkeurig. Wikipedia is in snelheid gepakt. Het is dringend tijd om de informatie over vrouwen neer te schrijven, anders verdwijnen ze geruisloos of gaat waardevolle informatie verloren. Op de Wikipagina van Tanja Dexters word ik doorverwezen naar haar eerste hit ‘Out of my mind’. Ze zingt: ‘I can’t get you out of my mind’. Je hoeft geen Nobelprijs in huis te hebben om te weten dat dit over alle vrouwen gaat die een Wikipagina verdienen.   Moeder: En hoe heette die schrijver? Dochter: Dominique… En nog iets. Is dat eigenlijk een jongen of een meisje? Moeder: Ik weet het niet. Weet je hoe we daar snel kunnen achter komen? Eens checken of die een Wikipagina heeft.

Lore Dewulf
13 0