Lezen

kerststal

Van buiten beet de bittere koude zich een weg naar de matig verwarmde, door een grote tl buis verlichte, kleedruimte van het parochiaal centrum. Sonja, Raf, Rudy en Anja kleedden zich om. Het jaarlijkse hoogtepunt van hun aller theatercarrières brak thans aan. Ze zouden opnieuw gestalte geven aan de levende kerststal van het dorp. Dat dorp zat geplet tussen snelwegen en bestond voornamelijk uit lintbebouwing. De huizen deden nog het meeste denken aan architecturale dwangarbeid uit de goelags. Ook de rest van deze verzameling stenen die men dorp placht te noemen deed in min of meerdere mate denken aan een ver vervlogen tijd waar de Sovjet-Unie een prominente rol leek te spelen. Ontzettend veel tinten grijs leken zich te verdringen en zo de toevallige passant nooit het gevoel te geven echt welkom te zijn. Het was misschien daarom dat het dorp zo op zichzelf gekeerd was. De meeste mensen woonden hier al hun gehele leven. Zonder ook maar een voet uit het dorp te zetten. Gekneld in een muurvaste situatie, niet te bewegen. Raf bijvoorbeeld was nog nooit uit zijn dorp geraakt. Hij had misschien ooit eens geprobeerd ergens heen te gaan, maar dat was hem niet gelukt. Zijn leven was een perfecte driehoek: ouderlijk huis, eigen woning en -uiteindelijk- urneveld. Hij kon op dit moment in zijn leven beide andere hoeken overschouwen. Uit zijn ouderlijk huis kachelden langzaam wolkjes verlangen naar lichtere tijden. Dagen van zon en groene lente. Raf wist dat we deze periode door moesten. Hij hield van zijn dorp en iedereen die er woonde, hij hield ook van het landschap en het uitzicht. Wie niet van hier was kon het onmogelijk mooi vinden maar voor wie hier opgegroeid was kroop de schoonheid onherroepelijk in diens ziel. Raf lachte wanneer hij, met zijn gemoed in sluimerstand, dacht aan vroeger. Nu iedereen was aangekleed stapten ze statig, helemaal in hun rol, naar buiten. Daar werden ze aangemoedigd door steeds dezelfde menigte. Het was, voor de bewoners van het dorp, een excuus om buiten te komen en Glühwein te drinken. Want drinken dat konden ze. Nachtenlang als het moest. Iedereen behalve Anja die, na jaren vechten, eindelijk de drankduivel had weten te verslaan. Deze periode was voor haar natuurlijk extra moeilijk. Overal kon je drinken, ook in de kerststal. Het was een ware beproeving voor haar. Ze moest zich sterken en hopen dat niemand op compleet nonchalante wijze een restje jenever aan de kerststal zou achterlaten. Al wist ze heel goed dat wanneer ze zich zou laten verleiden tot het opdrinken van een bodempje wat voor drank dan ook ze onmiddellijk zou hervallen in haar tot bodemdrift gedoemde rituelen. Ze dacht, heel kort, aan nachten naaktdansen op tafels van cafés met slechts cowboyboots aan. Ze slikte haar tranen door en proefde de melancholie. Stoetsgewijs liepen ze naar de kerststal om daar hun plaatsen in te nemen. Rudy had pech dit jaar, hij moest de ossenkop op. Al was het ook een zegen want hij nam, telkens hij op scène stond, kalmeringspillen om toch maar rustig in zijn rol te kunnen ademen. Toch voelde hij zich in zijn eer gekrenkt dat hij dit jaar quasi onherkenbaar deel moest nemen. Achter zijn façade dacht hij aan een eeuwigheid Gran Canaria. Raf was Jozef. Met zijn staf in de hand nam hij zijn plaats in aan de kribbe. Hij liet zich niet van de wijs brengen door de talrijk opgekomen vrienden en familie, die toch iedere keer trots waren. Hij staarde in de verte en dacht bij zichzelf: eerst nog maanden grijs en dan, uiteindelijk, terug de geur van vers gemaaid gras en zon. Met in zijn ogen dat verlangen verstilde langzaam zijn beeld en dat was goed. Hoog in de hemel van de donkere nacht flikkerde een ster.

Thomas De Mulder
6 0

Expeditie Hulst

Dag één Ok, ik heb het even gehad ; de boog kan niet altijd gespannen staan.Ik vertrek vandaag naar het buitenland ; corona of geen corona.Naar een plaats waar het uberkapitalisme verwoestend heeft uitgehaald.Goedkope sterke drank, exotische streekdelicatessen, te veel sleazy bars, een permissief drugsbeleid, bizar geklede losse (vrouwen of mannen je weet het soms niet). Tussendoor ga ik op een shoppingspree langs de talloze al dan niet verboden onder 18 shops en hopelijk kom ik geen bekenden tegen zoals die gênante vorige keer. Op naar Hulst !!!En wat happens in Huls, stays in Hulst. Dag twee Jumping Jezus on a Pogo-Stick !!! Expeditie Hulst is op een fiasco uitgelopen. Mijn Oranje Ros weigerde dienst wegens kapotte batterij. De vriendelijke mensen van de depannage kregen mijn auto weer aan de praat maar de batterij moest vervangen worden. Het gaf me geen keus, ik moest naar de dichtstbijzijnde Auto 5 om dit euvel te repareren. Het was een drukke dag bij Auto 5 en ondertussen reeds tegen de middag. De auto zou zeker in orde zijn tegen de vroege avond. Eigenlijk was het de moeite niet om met het openbaar vervoer naar Antwerpen en terug te rijden dus heb ik heel de middag doorgebracht in het eerlijk gezegd toch minder exotische Wilrijk. Dit vooral in Bistro Ortolona (obligaat aquarium) in het weinig glorieuze shoppingcenter den Bist. Ik had me de middag anders voorgesteld dan met een handvol tassen koffie en een portie bitterballen (weemoed naar het Nederlandse buitenland). Gelukkig kwam "Shut your Eyes" die onwaarschijnlijk mooie song van Snow Patrol op de radio voorbij. Morgen nog eens proberen. Dag drie Hulst : Redemption Zoals iemand terecht opmerkte ; het stadje heeft wel wat aan zijn glorieuze status ingeboet. Mijn grensoverschrijdende uitspatting was toch wat teleurstellend. Te veel Belgen daar (bijna Benidormiaans van proportie) en ik heb zeker niets tegen mijn landgenoten maar ik ga naar het buitenland om eens een andere taal te horen. Daarenboven heeft de plaatselijke horeca zich daar duidelijk aan aangepast. Je kon ook overal gewoon in het Antwerps bestellen. Ook de menu's waren in onze taal. De lokale klederdracht viel me ook dik tegen ; grotendeels waren de natives (m/v/x) gekleed in die gewatteerde jassen. Die mode is zooo eind maart 2012. En allemaal hadden ze van dat normaal, saai haar. Ik zag de nieuwsgierige, soms verontwaardigde blikken van passanten over mijn Man bun glijden. Ok ; misschien was ik daar de eerste vreemdeling die in Hulst zo'n haartooi vertoonde. Het is ze vergeven. Shopping-gewijs toch nog wat kunnen scoren maar die spree kwam alweer tot een gênant en abrupt einde toen een verkoopster me, nadat ik mijn beklag gedaan had over hun productlijn, me toevertrouwde dat ik niet in den Eros was maar in den Etos. *Bloos* Misschien toch maar ‘s een bril kopen.  

The Musicbar-Dude
5 0

Koffie !

Een avondje stappen in de Antwerpse nacht loopt volledig uit de hand. "Koffie" , vroeg ze. Ik knikte instemmend en voegde er aan toe "Suiker en melk, en misschien nog een paar koekjes liefst Petit Beurs van de Beuckelaer of is het Lu" (het zijn niet mijn favoriete koekjes maar in deze situatie, wanneer je pas iemand interessant leert kennen lijken ze me het meest geschikt) Ze verdween even in de andere kamer en kwam terug met een dienblad dat de goederen waarom ik verzocht had torste. Ze had zelfs een tas voor zichzelf meegebracht. "De koffie staat hier altijd klaar", verklaarde ze zich nader"Laten we maar onmiddellijk ter zake komen, mijnheer ...." Het was duidelijk dat ik de puntjes moest invullen. "Verreckt", vulde ik in. Ze keek me een beetje niet begrijpend aan. "Johnny Verreckt, dat is mijn naam" "Oh, excuseer, ik dacht even,..." "Ja, het is een tamelijk eigenaardige naam, mijn moeder had tijdens haar zwangerschap geen tijd gehad om een naam te bedenken, mijn vader interesseerde zich niet aan een naam voor mij. En dus kwam mijn tante met de naam Dirk opzetten en zo werd ik steeds, overal waar ik kwam Dirk genoemd. In de lagere school zat ik echter tot mijn verbijstering met vier Dirken in de klas en na een stakingsactie van de leraars werd beslist om mijn voornaam te veranderen in Johnny. De andere Dirken mochten hun naam houden want er was een dikke, een magere, een rosse en een lange Dirk. Ik was ook ros maar eerder blondros." "Mijn naam is Vera, mijn achternaam is van mijn man, die mag ik zomaar niet aan iedereen doorgeven""Behalve aan je kinderen natuurlijk" ,voegde ik er aan toe"Natuurlijk, maar mijn man is heel bezitterig en daarom heb ik nooit kinderen gehad" Ik hoorde een verdrietige toon in haar stem."Het spijt me""Ach ik ben er nu al een tijdje overheen" De suiker in de koffie was van een uitstekende kwaliteit proefde ik. Wat hieraan vooraf ging De zon beet een stuk uit mijn nek toen ik de straat opwandelde. De zonnebril, nu echt een verplicht accessoire, milderde de pijn van het felle licht en was ook ideaal om mijn rood doorlopen ogen te verbergen, eigen aan een enorme kater. Deze specifiek kater was geen ordinaire doordeweekse straatkater maar had een mooie internationale stamboom. Een vertakking naar de Franse Bourgogne streek, een paar liter gerstenat uit de lage landen, wat exotische ruminvloeden uit Cuba. Maar de laatste glazen Laphroaig, die Schotse bastaard, in café Bal Marginal waren er waarschijnlijk teveel aan.   Ik had mijn bebloede kleren weggemoffeld in een verzamelcontainer van kleding voor Afrika. Een DNA analyse hel. Het was niet mijn bloed en weefsel maar toch.. Een kater ; dat licht grieperige gevoel, bonzende slapen, een droge mond en een schreeuwerige hoofdpijn ergens in de verte die af en toe wat dichterbij kwam. Zoals de Amerikanen tijdens de oorlog zeiden, “walk it off”. En daarmee was ik bezig. Montignystraat, rechts de Cuylitstraat in. Mijn oog viel plots op een huis waar ik nochtans al honderden keren was voorbij gelopen zonder verdere aandacht aan te besteden. Maar zoals je kan hebben met een vage bekende, plots raakt die je, zie je die pas echt en krijg je die onzichtbare connectie. Ik bestudeerde het uitgebalanceerde palet van oker waarin het huis was geschilderd. Het was netjes onderhouden, mooie inheemse planten voor de deur, hoge verdiepingen en zo (door de raam te zien) verfrissend sober ingericht.Ik kon maar tot één conclusie komen, in dit huis, met nummer 64, moesten interessante mensen wonen. Mensen die je graag te vriend hebt, die je kan uitnodigen op een barbecue zonder dat ze brand proberen te stichten. Mensen ook die je zonder risico het onderhoud van je planten en aquarium toe kon vertrouwen wanneer je op reis bent. Ze zouden niet gaan snuffelen in je persoonlijke zaken. Deze mensen moest ik leren kennen en ik twijfelde dan ook geen moment langer om te drukken op de onderste naamloze bel. Een vrouw die misschien net niet exact 40 jaar eerder was geboren deed niet al te lang later de deur open. Ze vroeg me onmiddellijk en volkomen begrijpelijk natuurlijk waarom ik aangebeld had. Ik bracht haar op de hoogte van de situatie zonder al te veel in details te treden. Begrijpend knikkend vroeg ze me om binnen te komen. Ik stak mijn zonnebril weg en heupwiegend ging ze me voor; door de gang, eerste zijdeur rechts naar de leefruimte. Ik nestelde me in de zetel die ze me aanwees. "Koffie" , vroeg ze. Wat nog eerder vooraf ging "Koffie" , zei ze. De mooie dame, aan de andere kant van de toog, maakte een lelijke deuk in mijn door alcohol opgewekte euforie. Een antwoord dat je niet wil krijgen als je een beetje baldadig vraagt om een dranksuggestie. Een antwoord ook dat erop wijst dat het in je huidige toestand niet aangewezen is om je nog verder te verdiepen in glazen. Of in haar… “Je hebt gelijk schat. Tijd om te gaan” Ik weekte me los van de bar en verliet het etablissement. Troostte me met de gedachte dat ik alsnog een goede indruk had gemaakt. Ze zou me zich niet herinneren als de zoveelste smachtende dronkenlap, als ze me nog ooit zou herinneren. Proberend zo natuurlijk mogelijk te stappen maar de blikken van enkele tweevoetige passanten wezen erop dat het geen succes was. Botsingen met spookgangers (er zijn toch ook spookrijders) ternauwernood vermijdend rijpte in mijn beneveld brein een geniaal plan. Een stop bij het legendarisch, tot in de zeer vroege uren, geopend frituur nr. One. Dat zou me zeker terug bij mijn positieven brengen, bovendien was ik sinds enige tijd vergeten te eten en mijn maag maakte me daar met krolse geluiden attent op. “Dag Maria”, riep ik al van ver, over de hoofden van een hoop Nederlandse toeristen die voor het frituur samenhokten om onze unieke delicatesse te proeven. Of misschien ook allemaal een beetje dronken als ik. Iemand had de inhoud van zijn pak frieten al voorverteerd en demonstratief op de kasseien achtergelaten. Moeiteloos weerstond ik aan de verleidelijke aanblik en bestelde me toch een verse portie. Zou trouwens ook niet goed zijn voor de zaken van het frituur.Een kleine met tartaar, zonder zout, een cervela special en een blik cola later voelde ik me in de perfecte staat om toch nog een laatste glas te drinken in mijn stamkroeg “Bal Marginal”. Handig gelegen op kruipafstand van mijn flat (wel even de tramsporen in het oog houden) en ook wel de hoofdreden dat ik daar een flat had gekocht. Het was ondertussen ongeveer vier uur in de ochtend en de kroeg baadde in de onwezenlijke sfeer die eigen lijkt te zijn aan dit uur. Het café had meer weg van een slagveld dan van een plaats waar men vrienden ontmoet en de dorst lest.Glas op de vloer begeleidt krakend mijn weg naar de toog. De walm van verschraald bier en sigaretten irriteert mijn neusgaten. Zonder veel omhaal, haal ik mijn vertrouwde bartender achter de toog uit de schemerzone tussen waken en slapen door te bestellen. “Laphroaig, dubbel en zonder ijs, zoals gewoonlijk”Lichtjes kregelig en verstoord in zijn halfslaap zet hij me het glas voor en noteert het in zijn kasboek. Geen woorden. De barkruk die ik genomen heb is nog lekker warm van het achterwerk van de vorige bezitter. Ik laat mijn blik door het etablissement glijden. Enkele, duidelijk aangeschoten, vrouwen staan ritmisch op een geïmproviseerde dansvloer te zwalpen, de dreun van de bassen fungeert als pacemaker. De vrouwen worden getaxeerd door enkele mannen in verschillende staat van dronkenschap en geilheid, verspreid rond de tafels en tegen de muren. Een gedegenereerde paringsdans.Een koppel aan een tafel zou het zich makkelijker kunnen maken door een bed, zetel, of zelfs tafel te gaan opzoeken om hun copulatiepoging toch iets te vergemakkelijken. Links naast me aan de toog zit een vrouw te grienen. Een man duidelijk nog nagenietend van een verlossende trip naar het toilet komt op me af. “ He, ik zat hier “, zegt hij, wijzend op de barkruk die ik genomen heb.“Maar heu... blijf maar zitten hoor. Ik neem hier wel een andere.” De gedachte om hem zijn barkruk terug te geven was zelfs nog niet bij mij opgekomen.Hij nestelt zich naast mij. “ Hoi, ik ben Didier “, stelde hij zich voor, “ Didier Verstreke .”Ik schud zijn klamme hand die hij heel demonstratief naar me uitsteekt.“Mijn naam hoef je niet onmiddellijk te weten “, repliceer ik.Mijn kordaat antwoord schrikt hem niet af, integendeel hij biedt me nog een Laphroaig aan.“Ben”, zeg ik nog tegen de barman, “dubbel hé”Ik breng de nieuwe aanwinst naar mijn lippen en maak routineus een zegenend gebaar in zijn richting. Terwijl het vocht zich door mijn keel een weg naar duistere oorden baant nam ik hem op.Didier was een slachtoffer van roos, de confectie-industrie en slechte eetgewoontes.“Ik ben vertegenwoordiger” , zegt Didier ongevraagd “Vertegenwoordiger van Intelex IT Solutions, je hebt er zeker al van gehoord “.Onverstoorbaar ging hij verder.“Interessante markt ... nog volop in expansie ... wagen van de firma ... eigen baas ...bla bla bla” Als een gehersenspoelde dramde Didier zijn lesje op. Hij begon te zweten.“Ik verdien soms 6.000 euro op een maand.” Het irriteerde hem dat ik niet onder de indruk was en hij deed er nog een schepje bovenop. “ Netto “ Een geeuw net niet onderdrukkend nam ik nog een slok.De speakers spuwden ondertussen een nummer van de Godfathers uit. Didier keek de naamloze vreemdeling aan die , hij zag zijn lichtgrijze ogen nu op hem gericht. Hij opende zijn mond, maar wat hij ging zeggen ( wat ging hij zeggen ? ) bleef in zijn keel steken. Iets zwelde in zijn hoofd en hij voelde onmiddellijk dat zijn hoofd te klein geworden was. Zijn hersenen vormden een kreet die zijn stembanden nooit zou bereiken. BLOP Een dof kreunend geluid.Didier spatte als een zeepbel uit elkaar. Alles ging plots in slow motion. Bitsig en in real time debiteert Chris Coyne zijn tekst.Birth – School- Work-Death And heroin was the love you gaveFrom the cradle to the graveBoys and girls don't understandThe devil makes work for idle hands Plots was Didier overal ; op de grond, de marmeren toog, tegen het vergeelde plafond, de pastelkleurige muren, op het gezicht en kleren van de laatste klanten en zelfs in mijn glas. Het was een spektakulair schouwspel. Een macabere action painting.De vrouw links van mij was gestopt met huilen maar van diep in haar keel zwol een klaagkreet aan.Verder, en tegen de klok in, was Ben de barman rood bespat en lijkbleek reflexmatig naar zijn telefoon aan het zoeken. Zijn werkblad, het afwaswater, de glazen, de flessen op het rek achter hem, de Lenco’s, het mengpaneel, alles was bezoedeld met Didier’s bloed en weefsel. Naast de toog, tegen de muur was een uitgeknipt silhouet van een kerel die nu op zijn knieën gevallen was. Nu hij zich losgemaakt had van de muur zag je haarscherp waar hij gestaan had. Yeah I been high and I been lowAnd I don't know where to goI'm living on the never never neverThis time it's gonna be forever Verder aan een tafel was iemand halverwege het binnengieten van zijn bier, halverwege met die handeling gestopt. De man naast hem was nog rustig aan het slapen, om waarschijnlijk straks in een real-life nachtmerrie te ontwaken. Tot aan de voordeur reikten de spatten, de raam ernaast, de Sanseveria's, de spiegels aan de rechtse muur. Geen plekje in de Bal Marginal was nog maagdelijk, gespaard van bloed. I'll live and die don't ask me whyI want to go to paradiseAnd I don't need your sympathyThere's nothing in this world for me De licht aangeschoten vrouwen waren gestold in hun toch al niet zo levendig dansje. En dan kwam er die verschrikkelijke stank vrij ; de geur van bloed en ingewanden heeft een metalige ondertoon. De geruststellende zure bierwalm was nergens meer te bespeuren. Rechts naast me zat het onderste gedeelte van Didier, zowat vanaf de middel, na te lillen op de barkruk. Ben had puur instinctief de telefoon gegrepen en het alarmnummer ingedrukt. Hij probeerde echter tevergeefs te formuleren wat er zich even tevoren had afgespeeld. De meeste cafébezoekers, zij die nog op de been waren, ontwaakten uit hun verdoving en stormden gillend en vloekend naar buiten. Ik proefde het lauwe bloed op mijn lippen. De smeerlap was er goed in geslaagd mijn nacht te verbrodden. Ik stap even later het café uit, de frisse Antwerpse nacht in. Voorzichtig fluitende vogels, Politie- en ambulancesirenes achter mij in de verte.Ik open de deur van mijn flat, neem toch nog maar een douche en laat me daarna gewillig in de wurggreep van Morpheus vallen.

The Musicbar-Dude
7 0

Het kerstkonijn

Miep was op weg naar de zwarte markt. Hoewel het bijna kerstmis was, was de sfeer op straat grimmig. Het was aardedonker en stil op straat. De weinig mensen die ze tegenkwam, plakten als schimmen tegen de gevels van de huizen. Ze hielden hun gezicht diep in hun kraag verborgen. Alsof ze bang waren betrapt te worden. ‘Maak het donker,’ hadden de Duitsers verordend. En het was donker geworden. Mieps man had, net als alle andere Nederlanders, hun ramen verduisterd. Met speciaal papier had hij ze afgeplakt tot er geen streepje licht meer naar buiten scheen. Het was pikdonker op straat. De donkerte zou de Engelse vliegeniers die het op de Duitsers hadden gemunt, op een dwaalspoor brengen. Zoals het licht van de sterren de wijzen had geleid naar het kindje Jezus. Miep sidderde bij de gedachte dat de Engelsen werden misleid. Ze keek naar de donkere, dreigende lucht. Vandaag zouden er vast geen Engelse vliegeniers boven de stad vliegen. Het was immers kerstmis. Niet iedereen was Hitler en had een hekel aan kerstmis. Als Jezus in deze tijd en in deze stad had geleefd, zat hij net als Anne en haar familie ondergedoken. Of misschien was hij vergast. Mieps hart kromp ineen. Ze wilde niet aan zulke gruwelijke dingen denken. Vanavond was het kerstmis. Ze  wilde de onderduikers trakteren op een heus kerstdiner. Die mensen verdienden het. Ze konden immers niet naar buiten. Anders had ze ze bij haar thuis uitgenodigd. Ze had gehoord dat er een man was die konijnen verkocht op de zwarte markt.  Ze was op weg naar hem toe. Ze keek goed uit bij elke stap die ze zette. Het had geregend en het was glad. De straatlantaarns stonden uit. De maan scheen dof alsof hij zich ook aan de strenge regels hield van de oorlog. Miep zag een paar stoute sterren die zich niets aantrokken van Hitler. Ze keek ernaar met een goed gevoel. Ook al gedroeg Hitler zich als een keizer, hij was nog geen God. Miep kreeg een akelig gevoel. Ach. Het was vast de opwinding van het komende kerstkonijn. Er was niks aan de hand. Wat kon er gebeuren op deze kerstavond? Een luchtaanval was uitgesloten. ‘Rustig doorlopen,’ sprak ze zichzelf de moed in. Ze zag het konijn al pruttelen in de pan. Ze kon de boter ruiken. Haar man had met clandestiene bonnen boter gekocht. Ze kon de boter al horen pruttelen. Ze moest  watertanden. Ze beeldde zich in hoe blij de onderduikers zouden zijn bij het zien van het kerstkonijn. Ze kreeg het warm van binnen. Liever had ze de schuilderds het goede nieuws gebracht dat  de oorlog bijna afgelopen was. Maar met een gebraden kerstkonijn kon ze ook wel afkomen. Sinds de arme mensen moesten schuilen, konden ze alleen maar dromen van een mals stukje vlees. Ze volgde de witgeverfde  stoepranden die als blinde geleide lijnen door de stad liepen. Om rustig te worden, telde ze de huisnummers af, die met klodders witte verf op de gevels waren aangebracht. Het meest vertrouwde ze nog op haar eigen geheugen. Ze was niet in Amsterdam geboren, maar ze woonde er al lang genoeg om bijna blindelings de weg te vinden. Ze was er bijna. Aan het einde van de straat moest ze rechtsaf. Dan nog tweehonderd meter tot het poortje. Wanneer je door het poortje liep, kwam je vanzelf op een klein pleintje. Verstopt achter de huizen. De perfecte plek voor een zwarte markt. Zwarte markt! Zelfs de naam was Duits. In het Nederlands zei je ‘sluikmarkt’. Ondanks dat het door de Duitsers ten strengste verboden was om voedselwaren te verkopen die niet op de bon waren, floreerde de zwarte markt. De prijzen waren niet mals!  Ineens trok iemand aan Mieps mouw. Ze schrok.  ‘Heeft u wat geld voor mij?’ Een broodmager kind in vodden keek haar met grote, diepe, koortsige ogen aan. ‘Ik heb zo’n honger.’ ‘Arm kind.’ Miep gaf haar een cent. Het kind liep schichtig door. ‘Zover zijn we gekomen! Dat zelfs onze eigen kinderen geen eten meer hebben. ‘Dan hebben de schuilerds het nog niet zo slecht. Al zou ik voor geen cent met ze willen ruilen,’ zuchtte ze. ‘Het kind liep vast in de buurt van de markt om iets te stelen! Iedereen was aan het stelen geslagen. De marktkramers op de zwarte markt waren geen haar beter dan dat arme meisje. Dat waren de grootste dieven.    Toen ze op de markt aankwam, liep ze naar de marktkramer die konijnenbouten verkocht.  ‘Een konijnenbout graag,’ vroeg ze snel voordat ze zich bedacht. De man glunderde. ‘Ze zijn heerlijk mals, mijn konijnenboutjes,’ zei hij met een sterk Amsterdams accent. ‘Hoeveel wilt u er?’ ‘Een is goed.’ Miep wees de middelste aan. De marktkramer pakte de konijnenbout.  ‘Dat wordt dan 20 gulden.’ Miep slikte. Twintig gulden! Daar ging haar weeksalaris. ‘Ok. Ik neem hem.’ Meneer Frank was de beste baas ter wereld. Ze pakte gauw twintig gulden uit haar portemonnee en betaalde de marktkramer zonder een seconde te twijfelen. De marktkramer scheen niet verbaasd te zijn over haar daadkracht.  ‘U krijgt er gratis een hart en niertje bij,’ zei hij vrolijk. ‘Van de kerstman!’ grinnikte hij. De oplichter! Snel pakte hij het hart en niertje voor haar die als bonus naast de konijnen lagen. Miep betaalde. Hij wenste hij haar een vrolijk kerstfeest toe. Snel liep Miep naar huis met het konijn en organen onder haar arm. Als ze het kind maar niet weer tegenkwam. Ze was platzak. Nadat ze het konijn gebraden had, schotelde ze haar poes het hart en de niertjes voor. Toen vertrok ze met haar man naar kantoor.  Anne was dolgelukkig toen ze aankwamen.  Ze snoof de koude lucht uit Mieps jas op. Alsof de koude buitenlucht het mooiste cadeau was dat ze ooit had gekregen. Ze hadden de tafel al gedekt.  Toen het konijn werd gebracht, begon iedereen te klappen. Zonder geluid te maken.   Het was een geslaagd kerstdiner. De schuilerds hadden koekjes gemaakt en twee taarten toe. Miep had van de collega’s cadeautjes meegenomen. Voor peter, Margot en Anne een flesje youghourt. Voor de volwassenen een flesje bier. Alles was  leuk ingepakt. En leuke plaatjes waren op de verschillende pakketten geplakt. Het was de eerste keer dat Anne kerstcadeau’s kreeg, vertelde ze opgewonden aan Miep. Haar ogen straalden. Wat was ze blij.  Terwijl ze van het konijn aten, kreeg iedereen weer hoop. Iedereen deed een wens. ‘Als ik vrij ben…’ begon iedereen zijn wens.  Het was alsof ze over een ander praatte. Alsof de vrijheid net als zij gevangen zat. Het was alsof ze vergeten waren wat het betekende om vrij te zijn. Margot en meneer van Daan wensten een heet bad als ze vrij zouden zijn, maar dan wel één waar ze langer dan een half uur in konden blijven liggen. Mevrouw van Daan, die dol was op snoepen, wilde het liefst weer taartjes gaan eten. ‘Deze taart smaakt anders voortreffelijk hoor,’ complimenteerde ze Anne’s moeder die van bonen en bloem een kerstkaart had gemaakt. ‘Voorschuilse taarten,’ grinnikte Anne’s moeder die heel goed begreep wat voor taarten mevrouw van Daan bedoelde, als ze zei dat ze taarten wilde gaan eten als ze weer vrij was. Annes moeder wenste voor zichzelf koffie. Die koffiesurogaat die ze elke dag dronken, was de naam koffie niet waard. De mannen, Anne’s vader, meneer van Daan en Peter wensten dat ze weer naar de stad gingen, naar de bioscoop. Meneer Dussel wenste zijn vrouw die niet Joods was, zo gauw mogelijk terug te zien. En Anne, ja wat wenste Anne eigenlijk? Het meest verlangde ze weer naar een eigen woning, zei ze schuchter. Naar haar poes Moortje die ze bij de buren hadden moeten achterlaten. Ze verlangde naar vrije beweging. Maar het meest van al wenste ze weer hulp bij huiswerk. Ze snakte om weer naar school te gaan. Na het eten ging iedereen slapen. Miep en haar man bleven slapen. Die nacht deed Miep geen oog dicht. Toen ze vroeg in de ochtend opstonden en afscheid namen van elkaar, was ze opgelucht als ze weer naar buiten kon. Ze moest er niet aan denken dat ze voor zo lange tijd opgesloten zou zitten. ‘Ik kan nog eerder zonder eten dan zonder lucht leven,’ zei ze tegen haar man toen ze weer op straat waren. Hij knikte. ‘Die arme mensen kunnen nooit naar buiten. Konden ze het raam maar open te zetten. Zelfs dat is te gevaarlijk,’ mompelde hij. ‘Het zijn mensen en niet alleen joden. Dat ze ons de hele tijd helpers, oorlogshelden noemen is zo aardig. Maar eigenlijk is het doodnormaal dat we deze lieve mensen helpen, vind je niet?’ Hij knikte weer, bang om zich heen kijkend alsof hij bang was dat iemand kon  horen wat ze zeiden. Maar er was niemand op straat. Ineens schoot er een zwarte poes over straat. Miep voelde de steen op haar maag toen ze aan Anne’s poes dacht die ze bij de buren hadden moeten achterlaten. Moortje heette ze omdat ze helemaal zwart was. Elke keer als iemand de poes ter sprake bracht, begonnen Anne’s ogen te glinsteren. Tranen rolden dan als een gevangen naar buiten. Ook vanavond hadden Anne's ogen gevaarlijk geglommen. Toen ze thuiskwamen, wachtte Miep een ongename verrassing.  Ze werd overvallen door misselijkheid. Ze voelde haar maag samentrekken. Ze had buikpijn. Misschien kwam het door het konijn? De kramp werd steeds feller. Misschien was haar maag het niet meer gewend om vlees te eten. Het konijn was ook een beetje taai geweest. Gelukkig was haar buikpijn ‘s avonds weer verdwenen.  De volgende dag liep het gerucht dat er katten werden verkocht op de zwarte markt. Als konijnen... Toen Miep dat hoorde, kromp ze ineen van ellende. Ze had zich nog nooit zo slecht gevoeld in haar leven. Wat voelde ze zich schuldig dat ze, ondanks dat de schuilerds nooit kerstmis vierden, toch perse kerstmis met hen had willen vieren. En ze waren haar nog wel zo dankbaar geweest. Ze voelde zich als een verrader. Wat haatte ze zichzelf dat ze perse zo'n goede christen wilde zijn.  

Margaretha Juta
0 0

Gekke sprongen

Je speelde een spel van lang geleden. Ik zie ons bij een familiefeestje nog in de keuken zitten. De grote mensen zaten in de woonkamer. Die twee ruimtes konden we van elkaar scheiden met een harmonicadeur. Die kom je nog zelden tegen. Het zag eruit als het tussenstuk van een lange lijnbus. We zaten toen met een tiental neven en nichten samen en speelden 'Namen zoeken'. Het papier dat we gebruikten kwam van een notablok en was niet wit, maar had eerder een vaalgele kleur. Ik gebruik ze nog altijd. Iemand schreef de letters van het alfabet op een blad. Kriskras door elkaar en telkens duidde iemand met de ogen gesloten een letter aan waarmee je om ter snelst een voornaam, land of automerk moest zoeken. Als je een letter aanstipte die al was geweest, moest je met de balpen zoals een galopperend paard naar een andere letter springen.   Nu speelde jij datzelfde spel in de woonkamer van het woonzorgcentrum. De goedlachse medewerker had jullie rond de tafel verzameld. Ik schoof een krukje bij. Ook gekend als een taboeret. Een meubelstuk met een T. Dat levert punten op, want als je met meer personen dezelfde naam had opgeschreven, kreeg je geen punt. Al waren meubelstukken meestal geen categorie in het spel. Jullie moesten niet schrijven. Het was eerder een spel om jullie geheugen te trainen. Een van de bewoonsters zat niet aan de tafel, maar in de zetel ernaast. Toch deed ze mee. Aan tafel was het misschien te druk. De volgende letter was de H. “Een voornaam met een H”, zei ze. Ik fluisterde 'onze pa' in je oor. Je keek me lachend en niet begrijpend aan. 'Jan', zei je. Maar dat was de naam van jouw pa. Wat maakt het toch ooit gekke sprongen, dat geheugen van ons.  

Rudi Lavreysen
8 1

Kerstdialoog

# SCENE 1VERTELLER: HET WAS EEN DONKERE DECEMBERAVOND. JEZUS WAS NET GEBOREN EN DE DRIE KONINGEN KWAMEN AANKLOPPEN, ZEIDEN "WE HEBBEN EEN PAKKETJE VOOR EEN ZEKERE JEZUS" EN TRAPTEN HET TOEN WEER AF. JOZEF WAS DE KONINGEN UIT AAN HET WUIVEN EN MARIA VOEDDE HET HEILIG KIND. THANS, DAT PROBEERDE ZE. JEZUS: MENS, JE ZIET TOCH DAT IK GENOEG HEB!MARIA: JOZEF ZEI DAT JE GOED MOEST ETEN.JEZUS: DAT BESLIS IK WEL. HAAL DIE TIET NU MAAR WEG.MARIA:  MAG IK JE VASTHOUDEN?JEZUS: NEE.MARIA: WIL JE EEN DEKENTJE?JEZUS: IS HET SATIJN? ANDERS NIET.MARIA: IK KAN JE DICHTER BIJ HET VUUR ZETTEN.JEZUS: NEE DANKJEWEL. DE HEILIGE GEEST ZAL ME WEL WARM HOUDEN. WAAR IS DIE OUWE NU? TOCH NIET MET- HEY! DA ZIJN WEL MIJN CADEAUS!MARIA: KIND TOCH, JE MAG WEL RESPECT TONEN!JEZUS: PARDON? IK BEN DE ZOON VAN GOD, TOON MIJ MAAR WAT RESPECT, ALS JE NAAR DE HEMEL WIL.MARIA: *HUILT* #SCENE 2VERTELLER: EEN VERWAANDE JEZUS LIET MARIA WENEN, EN ALGAUW KWAM JOZEF BINNENGEWANDELD MET ZO ZIJN EIGEN PROBLEMEN. JOZEF: O MARIA, WAAROM WEENT GIJ? EN BELANGRIJKER, WAT IN  DAVID'S NAAM IS MIRRE EIGENLIJK?MARIA: GEEN IDEE, ZET HET MAAR  MET DE ANDERE GIFTEN LANGS HET ZOUT.JOZEF: EN WAAR STAAT DIE?MIARIA: LANGS DE LAMSBOUTEN.JOZEF: EN WAAR STAAN DIE?JEZUS: KOMT HIJ TOCH NOG OPDAGEN, DE FARIZEEËR. DOE DE DEUR DICHT, JE BENT TOCH NIET IN EEN KERK GEBOREN?JOZEF: EXCUSEER MIJ, O HEILIG ROTKIND.JEZUS: AH, GAAN WE ZO BEGINNEN?VERTELLER: OP DAT MOMENT KWAM ER EEN ENGEL TEVOORSCHIJN. ZO UIT HET NIETS. ENGEL: MANNEKES!JOZEF: WIE IS DAT NU WEER? NOG ÉÉN ONUITGENODIGDE BEZOEKER, EN IK STAMP IEDEREEN MET ZIJN KLIKKEN EN KLAKKEN BUITEN. EN WAAR STAAN DIE VERDOMDE LAMSBOUTEN NU?ENGEL: DAAR! NAAST HET BLOEM. ZAL IK HET WEL MET EEN VINGERKNIP OP ZIJN PLAATS TOVEREN. MAAR NU BELANGRIJKER DINGEN. GOD IS AL DIEP TELEURGESTELD IN JOU, JEZUS. JE MOET HET GOEDE VOORBEELD GEVEN, NIET EEN TRUT UIT MY SWEET SIXTEEN UITHANGEN.JEZUS: WAAROM LAAT GOD ME GEBOREN WORDEN IN EEN STAL BIJ DIE TWEE FIGUREN? EN WAAROM KAN IK NIET MEE MET DE DRIE KONINGEN? DAT ZOU EEN RELIGIE STARTEN VEEL GEMAKKELIJKER MAKEN.ENGEL: WELKE DRIE KONINGEN? DIE MOET IK NET GEMIST HEBBEN.JOZEF: DIE MET HUN.. GAARNE ZOU IK HUN BESCHRIJVEN, MAAR IK BEN BANG DAT IK RACISTISCH OVERKOM.JEZUS: ZWIJG DAN MAAR.ENGEL: IK ZAG ALLEEN MAAR DRIE VERKLEDE KINDEREN.JEZUS: WAAROM HEBBEN ZE DAN GOUD, WIEROOK EN MIRRE MEEGEBRACHT?ENGEL: OH NEE.. VERTELLER: ER WERD OP DE DEUR GEKLOPT EN  EEN ROMEINSE SOLDAAT KWAM BINNENGEMARCHEERD. JOZEF: NOG IEMAND? NU IS HET GENOEG GEWEEST! VERTELLER: JOZEF GING MET EEN GEHEVEN BORSTEL RICHTING DE ROMEIN MAAR DE DIE TROK ZIJN ZWAARD. JOZEF BEGON SPONTAAN DE VLOER TE BOENEN EN FLOOT EEN DEUNTJE. ROMEIN: HEEFT IEMAND HIER MIJN GOUD, WIEROOK EN MIRRE GEZIEN? DRIE KINDEREN HADDEN HET GESTOLEN EN IK ZAG ZE NAAR HIER LOPEN.MARIA: DAT LIGT NAAST HET BLOEM. JOZEF, HAAL HET EENS.JOZEF: VERDOMME!ENGEL: OEI, DIE KOMT DRIEËNDERTIG JAAR TE VROEG.JEZUS: HELA! IK HEB DIE CADEAUS WEL GEKREGEN, ZE ZIJN VAN MIJ.ROMEIN: NU TERUGGEVEN, OF IK MAAK HIER IEDEREEN KAPOT!JEZUS: DOE DIE ANDERE MAAR KAPOT, EN BRENG ME NAAR JE LEIDER. IK BEN NAMELIJK DE ZOON VAN GOD.MARIA: NEE, NEEM HET KIND MAAR MEE, SAMEN MET JE SPULLEN. IK HEB VAN BEIDE GENOEG. HAD IK MAAR EEN DOCHTER GEKREGEN.JOZEF: WAAR LIGT HET BLOEM OOK ALWEER?ENGEL: EN NU IS HET GENOEG! IK KIJK ROND EN IK ZIE GEEN FAMILIE. IK ZIE GEEN GROEP MENSEN DAT ELKAAR STEUNT EN IN ELKAAR GELOOFT. IK ZIE EEN GROEP LUILAKKEN EN VERWENDE KINDEREN DAT VECHTEN. EN VOOR WAT?  IK BEN DIEP TELEURGESTELD IN JULLIE. GOD IS DIEP TELEURGESTELD IN JULLIE. CIAOKES BYEKES! #SCENE 3VERTELLER: ALLES WERD DONKER. EN TOEN JOZEF, MARIA EN JEZUS WEER WAKKER WERDEN, WAREN DE ENGEL EN DE ROMEIN VERDWENEN. NET ALS DE CADEAUS. NET ALS DE SOEP LANGS HET ZOUT.JEZUS: DAAR ZIJN WE DAN; GEEN HEMEL, GEEN CADEAUS, NIET GEZEGEND MAAR OPGESCHEEPT MET ELKAAR.MARIA: ZELFS DE SOEP IS WEG. HET IS ALLEMAAL MIJN SCHULD.JOZEF: ALS IK NU WIST WAAR HET ZOUT LAG WAS DIT NOOIT GEBEURD.JEZUS: NEE, HET IS EIGENLIJK MIJN SCHULD. ALS IK NIET ZO VERWAAND WAS GEWEEST..   VERTELLER: EN TOEN JEZUS DIE WOORDEN ZEI, KLIKTE ER IETS IN ZIJN HOOFD. HIJ WIST WAT HIJ OP AARDE DEED. EEN AARDIGE PRESTATIE, ZO EEN MOEILIJKE VRAAG AL OP JE GEBOORTE KUNNEN ANTWOORDEN. DE SPIRITUELE DOORBRAAK WAS HET EQUIVALENT VAN TIEN ZELFHULPBOEKEN EN EEN FOLDER OVER IKIGAI TOEPASSEN. JEZUS: HOE KAN IK HET TERUG GOED MAKEN? VERTELLER: TOEN BEDACHT MARIA DAT ZE DE ZOON VAN GOD HAD GEBAARD. EN DAT HIJ NAAR DE WERELD GESTUURD WAS, NIET OM TE LEIDEN, MAAR OM TE DIENEN. MARIA: JOZEF HEEFT ARTROSE, KUN JE HEM NIET GENEZEN?JEZUS: IK ZAL BIDDEN VOOR HEM.MARIA: EN IK HEB LAST VAN HAARUITVAL.JEZUS: GEEN ZORGEN DUTSKE, KOMT GOED.MARIA: EN DE EZEL, HIJ MANKT TEGENWOORDIG ZO ERG.JEZUS: ZEG, NU NIET GAAN OVERDRIJVEN! STRAKS MOET IK JE WATER NOG IN WIJN VERANDEREN! VERTELLER: JOZEF HAD DIE AVOND GEEN REVELATIE. ACH JA, DAAR HAD HIJ ZIJN THERAPEUT VOOR. VERTELLER: EN ZO GESCHIEDDE HET.  ALLE DRIE BELOOFDEN ZE SAMEN TE WERKEN. JEZUS WERD NEDERIG, MARIA NAM ALLES WAT MINDER PERSOONLIJK EN JOZEF LEERDE VERDER KIJKEN DAN ZIJN NEUS LANG WAS. TOEN ZE DE VOLGENDE OCHTEND WAKKER WERDEN EN JOZEF ZIJN SCHOENEN AAN WOU DOEN, VOELDE HIJ DAT ER IETS IN ZAT. JOZEF: WAT IS DAT NU WEER? VERTELLER: DE HEILIGE GEEST HAD EEN CADEAU GEZET IN ELK VAN HUN SCHOENEN. BIJ MARIA ZAT GOUD, BIJ JOZEF WIEROOK EN IN HET KLEINE SCHOENTJE VAN JEZUS ZAT DE MIRRE. MARIA: WE HEBBEN ONZE CADEAUS TERUG!JEZUS: NOG BETER, WE HEBBEN ELKAAR TERUG. JOZEF, ZET DIE CADEAUS MAAR LANGS HET BROOD! VERTELLER: EINDE  

Stelselmatig
17 0

De kwetsbare sporter

We moeten onszelf gezond houden. Eet gezond, slaap voldoende en beweeg! Wel zo leuk om t dan voor de beginnende sporter ook een beetje motiverend te houden. Ik had zelf net de 30 day butt challenge in de pocket en stapte monter op zondagochtend de deur uit om een stukje te hardlopen met Evy. Deels om de 4 glazen wijn en de bak cashewnoten van de avond ervoor te compenseren, maar toch. Dus daar ging ik, het gekraak van mijn knieën negerend, ACDC in mijn oren, in mijn immers zo vertrouwde legging die me na al dat gezwoeg zelfs bijna goed staat en volgens Evy was ik lekker bezig. Geen vuiltje aan de lucht, totdat ik wordt ingehaald door een meneer van bijna 2 X mijn leeftijd met een shirt met daarop "I finished the marathon of Eindhoven full of energy". Serieus? Een stofwolk achterlatend stoof hij me voorbij. Hij had net zo goed om kunnen draaien en kei hard LOSER kunnen roepen. Maar goed, dapper incasseren en door. Aangemoedigd door Evy had ik inmiddels al 1,4 km gelopen en ruim 50 calorieën verbrand. Yes, dat ging lekker. Helaas kruiste hardloop-Barbie mijn pad. Met een kek wit koptelefoontje op de glanzende, blonde coupe, een hippe sportlegging over haar strakke billen (daar had zij geen 30 day butt challenge voor nodig), een kort naveltruitje en een tasje dansend op de minuscule heupen. Huppelend als een hert kwam ze voorbij, stralend werkelijk, geen pareltje zweet op haar egaal gebronsde voorhoofd en ze rook vast ook naar bloementuin. Kunnen dit soort mensen alsjeblieft gewoon ver uit mijn buurt blijven?!Ik werd in hetzelfde rondje ook nog even ingehaald door mijn buurvrouw, een aantal marathonlopers en een koppel van 60+, allemaal met verende tred en zonder zichtbaar te zwoegen. Ik vind dit dus niet kunnen. Loop je potverdomme met je goede bedoelingen je best te doen, komen dit soort lui de pret bederven en de lat extreem hoog leggen, zo niet uit het zicht. Sodemieter op zeg. Ik stel dus voor om een nieuwe maatregel aan het lijstje toe te voegen om de beginnende sporter ook een beetje gemotiveerd te houden. Alle- beroepssporters- marathonlopers- snelle 50+'ers- mensen met maat 36 of minderworden vriendelijk doch DRINGEND verzocht om binnenshuis te sporten of anders uit het zicht. BLIJF THUIS, red ego’s. Dank u. Dit geeft vast een enorme boost voor die kwetsbare groep die het écht nodig heeft.  

Marleenvandecamp
10 1

Gezeik

Multitasken kreeg ineens een hele nieuwe dimensie de afgelopen weken. Mijn dochter had een snotneus en kon dus niet naar de opvang. Ze was dus thuis, zindelijk aan het worden. Op de vloer, in de tuin, op het kleed en de bank en dan hoera toch ook in het potje. Maar meestal ernaast. Niet perse een hele fijne combinatie met thuiswerken als je je huis ook ondertussen nog even klaar aan het maken bent voor de fotograaf van de makelaar. Want we hebben een nieuw huis gekocht en het onze gaat nog even voor de zomervakantie in de verkoop. TOP! Ik bewoog mij dus al beeld bellend door het huis om klusjesman Wout en de huis-opmeter heen. Vooral rekening houdend met AVG regels, iets minder met de Arbo richtlijnen voor een geschikte werkplek. Om mijn laptop heen lagen schroeven, een nieuwe kraan en gereedschap en naast mij op de vloer stonden wat geleende planten en een aantal insta-waardige accessoires uit het huis van de buurvrouw. Tussen het bellen door zette ik koffie voor Wout en typte mijn verslagen. Later was ik in mijn zoons kamer de boel nog even aan het fatsoeneren, lees: dingen weg aan het moffelen voor de foto’s. Ik stond daarvoor op een trapje in een nogal onmogelijke bocht plakband van het plafond af te peuteren (waarbij ik toch gewoon het stucwerk eraf trok) toen mijn dochter riep: “MAMA, IK HEB GEPLAST”. Ik was al ontoereikend mutitaskend vergeten het potje mee te nemen naar boven dus had ze fijn het laminaat onder gesproeid. Het was benauwd en ik had haar veel laten drinken, denk dus: grooooote plas. Net toen ik een doekje wilde gaan halen kreeg ik een belangrijk telefoontje, of ik even tijd had. Ja tuurlijk joh, shoot. Ik greep in de kast naar een T-shirt en dweilde daarmee dan maar de vloer. Gelukkig vinden de meeste mensen het inmiddels ook niet meer erg dat er een peuter door het gesprek heen tettert dus kon dat ook even mooi tussendoor.  5 Minuten later kakte mijn dochter ook nog even middenin de kamer (ik had toen gelukkig al opgehangen) en om de boel compleet te maken plaste ook mijn andere kind de toilet beneden nog even vakkundig onder. Ik had me deze middag geloof ik toch wat anders voorgesteld. De foto’s zijn inmiddels genomen, zonder mijn kinderen. Dat scheelt een hoop gezeik.

Marleenvandecamp
19 2

Buitengewoon het best bevallen

Op social media lees ik dat een bekende influencer is bevallen. Zij had zichzelf daarbij omringd met Himalaya zoutlampjes, een houtkachel en een bad. De baby maakte haar entree op aarde in een verwarmde kamer geurend naar etherische oliën, toegechant door de doula en de ganse familie. Ondanks dat bleek de moeder finaal uitgescheurd. Hé toch, zelfs met al die voorbereiding om op de “juiste” manier te bevallen scheurt ook zij gewoon haar onderkant aan flarden. Wie had dát gedacht. Zouden de weeën minder pijnlijk zijn als alles ruikt naar kersenbloesem? Of ben je dan gewoon bedwelmd? En zou het wonder der geboorte in het licht van zo’n zoutlamp pas werkelijk tot zijn recht komen in tegenstelling tot dat door Phillips uitgelichte slagveld waar de meesten van ons het mee moeten doen? Zou het? Brengt de warmte van de houtkachel je naar zo'n oerniveau terug dat je daadwerkelijk mooier uitscheurt? Dat je ook dat béter doet? Je zou er bijna onzeker van worden dat je zelf niet de wijsheid had om al die voorbereiding te treffen toen je aan het werpen sloeg. Het leek mij vooral belangrijk om een beetje degelijk voorbereid aan het puffen te beginnen dus ik had daarvoor op les gezeten. Mijn “outfit” was het beste te omschrijven als dat waar ik nog in paste. Ik geloof niet dat ik mij tijdens de uitdrijving van mijn baby heb afgevraagd of er wel genoeg lavendelgeur in t oliebrandertje zat en het zou me werkelijk aan mijn reet hebben geroest of t hele circus plaats vond in sfeerverlichting. Zelfs over t herstel van de nogal tegenvallende worp was nagedacht. Natuurlijk. Dat kwam uiteraard goed met powerfood, havermout en een of ander Aziatisch klinkend goedje waar ik, idioot die ik dan natuurlijk ben, nog nooit van heb gehoord. Ik denk dat je het moet eten.Het lijkt verdomme wel een wedstrijd om zelfs hierin af te moeten troeven. Want je doet een bevalling hé, geen schoonheidswedstrijd. Die doe je echt niet beter of mooier als je gekleed gaat in biologisch katoen of je perineum insmeert met amandelolie. Hou op met dat gepresteer.En dat herstellen? Dat ga jij ook gewoon, ondanks alle mindfull linksgedraaide sapjes en glutenvrije havermout, de pijn verbijtend tegemoet. Net als de andere moeders. Wat er mis mee is? Deze influencer heeft ook volgers. Veel jonge meiden die denken dat ze nu dus ook een hele santenkraam aan nutteloze rotzooi nodig hebben om net zo "goed" te bevallen als hun bananenbrood-koningin. En die zich dus druk gaan maken over mantra’s en aloë vera planten i.p.v. ademhalingsoefeningen. Dát stoort me eraan. Of je havermoutontbijt glutenvrij is, is écht alleen belangrijk als je een glutenallergie hebt, verder moet je er maar niet teveel woorden aan vuil maken. Ook niet aan de duurzaamheid van je onderbroek of aan een Himalaya zoutlampje. Dat doet er namelijk niet toe. Dat je baby gezond is en jij de baring enigszins in 1 stuk (of meerdere aan elkaar genaaide stukken) bent doorgekomen. Dát doet ertoe. Focus je energie daar maar op. Is ook een stuk minder vermoeiend. En met pompoenmuffins doen die hechtingen in je kruis niet minder zeer. Daar moet je paracetamol voor slikken.

Marleenvandecamp
6 1

De eenzaamheid van de massa

Nergens ben je zo eenzaam als in de massa: waar je gedachten worden gedoofd onder het gestamp van laarzen; waar de kleine oneffenheden van je karakter worden gladgestreken onder een uniform van normen en waarden. Van de wieg tot het graf word je ingekapseld in kasten, klassen, naties en kerken. Ze kneden je een leven lang en achtervolgen je tot ver voorbij de dood, waar de verdeling verder leeft onder de namen Beloning en Verdoemenis. Nergens ben je zo eenzaam als in de massa. Waar ze samentroept, kneedt ze afgodsbeelden. Ze sticht naties, moordt volkeren uit en rooft de schatkamers van de aardkorst. Ze schept gouden kalveren, staatsieportretten en hakenkruisvlaggen om te kussen, te aanbidden, en te overladen met schuld als zijn last te groot wordt. Zijn hersenspinsels krijgen offers te vreten en bloed te drinken. Ze krijgen namen als het Collectief, het Vaderland, de Kaste, de Partij, God, Rijk, Führer. Vrij en vrank verstrikt de massa zich in zijn imaginaire spinrag. Hij eist een bovenmenselijke almacht die geen menselijke onmacht verdraagt. Hoe heerlijk is het om het uniform uit te trekken, om de drukkende stroom van de massa te ontvluchten, de ketenen van de historische noodzaak af te werpen en de deur achter je toe te werpen. Hoe heerlijk is het om de muren opgeworpen door smartphones en computerschermen uit te schakelen en een gezicht te zien en een stem te horen - een gezicht dat des te mooier is omdat het een litteken draagt, een stem die des te warmer klinkt omdat ze af en toe stottert. Hoe heerlijk is het om thuis te komen. Thuis, waar je wordt opgewacht - jij alleen. Niet door een vertegenwoordiger met een plastic naamkaartje of een bureaucraat in uniform, maar door een mens. Thuis, waar je aan geen andere norm dient te beantwoorden dan degene die is opgelegd door je hart en je rede. Thuis, een orde die je tot niets verplicht - behalve de eeuwige, universele opdracht: Wees jezelf. Pieter Van der Schoot Foto: Michael Candelori, Donald Trump Rally 10/21/2016, https://www.flickr.com/photos/bymikey/29849628404/ 

Pieter Van der Schoot
77 0

Zwemmen of verzuipen

Ik zit op een bankje bij de zwemles, op 1,5 meter en met mondkapje uiteraard. Ik ben blij dat ik geen bril heb want die zou acuut beslaan in deze tropische zwembad temperatuur. Door het kijkraam zie ik 5 meisjes braaf in een keurige, rechte lijn heen en weer zwemmen. Schoolslag heen, rugslag terug. Vooraan steken een paar voeten boven de rand van t zwembad uit, die zijn van mijn zoon.  De dromer. Die niet netjes in een rechte lijn zwemt. Die eigenlijk nooit iets netjes en in lijn doet. Zo ook niet bij zwemjuf E-L, A.K.A. "de generaal". Die alias heeft mijn kind bedacht, ik vind m treffend. Ik hou van juf E-L met haar zeer heldere instructies en “niet lullen maar godverdomme zwemmen” mentaliteit. Daar waar Tijn bij meester W. nog rondjes zwom en vooral het plafond grondig inspecteerde, zwemt hij nu in ieder geval soort van doelgericht met iets wat lijkt op een rugslag naar de overkant. Hij mist nog steeds vaak de bedoeling en staat consequent wiebelend naast de kant aan zijn piemel te trekken omdat ie dus tóch moest plassen. Zie je wel. Maar hee, er is sprake van vooruitgang.  Dat mag op zich ook best na ruim 2,5 jaar zwemles. Diploma A is nu toch in de verte ergens in zicht. Moeite loont. Dus hij zwemt maar door, iedere week op maandag om 17.15 uur. Oeverloos aangemoedigd door mij, zijn immer ondersteunende moeder. Enthousiast steek ik duimen omhoog, high five ik voor alles wat maar lijkt op gecontroleerd drijven en ieder stukje in de dolfijn beloon ik met een moddervet chocolade cakeje uit de vitrine. Het maakt me inmiddels niet meer uit hoe lang hij er over doet. Ik heb me neer gelegd bij wekelijks 3 kwartier in een zwembad zitten zweten terwijl mijn zoon probeert de lijst met zwemvaardigheden af te vinken.  Dapper zet ie door, de held. De andere kinderen borstcrawlen hem vaak voorbij en zijn buurjongetjes hebben al lang diploma A t/ m C inclusief reddingszwemmen in de pocket. Hij niet, toch blijft ie dapper door zwemmen, week na week. En dat vervult me met trots. Die kleine lieverd, die nooit wint met wedstrijdje rennen, die geen ster is in voetbal, die fysiotherapie heeft omdat zijn motoriek niet ideaal is, die moeite heeft om zijn aandacht überhaupt bij het spel of de les te houden. Mijn zoon de doorzetter. Een badass is hij. Dus ik zit hier volgend jaar nog steeds. Zwetend, me ergerend aan t gezwets van de andere zwembadmoeders. Vloekend omdat we voor de zoveelste keer met klotsende oksels net op tijd binnen zijn. En dan nu ook met mondkapje, de hele les in 38 graden. Dan zit ik er nog steeds, vet trots te wezen op die van mij. Omdat ie doorzet in moeilijke tijden. Ook als vooruitgang ver te zoeken lijkt. Een inspiratiebron is hij, voor ons allen. Juist in deze tijd.  Dus, BE LIKE TIJN; bek houden en door zwemmen.

Marleenvandecamp
12 1