Lezen

Waterkameel

Een lange strandwandeling, eindeloos veel schelpen, meeuwen, en dan dit. We zijn onmiddellijk in de ban van het object. Is het een zwarte sjaal? We buigen het hoofd om dichterbij te komen. Kwam het uit zee? We gaan door de knieën en kunnen het voorwerp aanraken als we dat willen. Is het werkelijk een grote sjaal die iemand achterliet? We denken allebei aan hetzelfde, dat blijkt uit onze blik van verstandhouding. Hij is erg begaan met dieren in het algemeen, daar horen zeedieren ook bij. Ik vind het gedrag van de consumerende mens niet altijd even respectvol. Het is niet omdat we de onderwaterwereld niet kennen dat ze niet waardevol is. We moeten zorgdragen voor al wat water is. Terwijl we daar staan bij het voorwerp dat we niet kunnen identificeren, vliegen meeuwen af en aan, ze landen in een plas zeewater op het strand. De kilometers van de Haan naar Bredene vreten we minstens zes keer per jaar. Het is een afspraak: het vreten doen we puur voor de gezondheid. Stilstaan bij de feiten en stilstaan bij mysteries doen we sowieso, onder welke omstandigheden ook. Dit zwarte doek heeft alles in zich om ons lang bezig te houden. Het doek heeft franjes van hetzelfde zwart, er hangen twee plastic dingen aan vast die ik met handschoenen van rubber zou kunnen losmaken indien ik ze bij me had. Het openvouwen van het object zou klaarheid kunnen brengen. We kunnen stellen dat het doek door een golfslag op het strand werd gegooid of dat het doek werd achtergelaten door een strandslaper en achteraf overspoeld door de zee. Ik volg het voorbeeld van mijn echtgenoot en sta weer recht. Ik strek mijn benen, wandel rond het voorwerp terwijl ik mijn blik er niet van afwend. Ik zie een platgetreden kameel, een aangespoeld waterkameel. Ik zie de kop, de buik, de poten. Hoe dan ook; we kunnen het ding niet achteloos laten liggen. Zodra we onze kilometerlange wandeling verderzetten, zal het door de Noordzee worden opgeslokt. Wij weten dan niet waar het plastic zal terechtkomen. Wij weten evenmin welk waterdier verblind zal worden door een zwart doek dat onverwacht tegen z’n kop en ogen kleeft. Ik neem een foto van het mysterie alsof het iets zal loslaten over z’n aard, z’n afkomst, z’n bestemming. Ik ga ervoor liggen op het vochtige strand; plat op de buik in mijn nieuwe jurk. Achteraf zie ik de foto die hij nam toen ik op mijn buik lag om een beeld te schieten. Het beeld zal bewaard blijven; een doek van katoen dat iets kwam doen op het strand, dat ons iets kwam zeggen. Het kwam tot daar om mensen zoals wij in een nieuwsgierige greep te houden tussen twee kuststeden in. De zee bleef even zwijgzaam als altijd. Het zand bleef stil in elke korrel terwijl het mysterie een column schreef.

Ingrid Strobbe
10 1

Afwastherapie

“Ik vind het heus niet erg dat je naar porno kijkt, maar wees alsjeblieft toch iets discreter. De kinderen gebruiken deze I-pad ook, weet je.” Een netjes afgedroogd bord glipte ei zo na uit mijn handen. We hadden deze gesprekken tijdens de afwas, mijn vrouw en ik, en ik meende haar goed genoeg te kennen om overdag al aan te voelen waarover het ’s avonds zou gaan. Een onverwachte rekening, onaangeroerde koffietassen die ik overal in huis vergeetachtig achterliet of – als de maan ondersteboven hing – een intrigerend seksstandje dat haar aandacht had getrokken. De noodzaak van deze gesprekken werden haar toegefluisterd door relatietherapeut Flair en kregen de stempel ‘essentieel in een gezonde relatie’. We hielden het al enkele maanden vol: buikjes gevuld, tafel afgeruimd, samen afwassen – we hebben een vaatwasmachine, maar dat terzijde – en ons door de woorden dichter bij elkaar laten brengen. Het gaf ons de kans om van de draaimolen van de dagelijkse sleur te stappen en even op adem te komen, onze tollende hoofden weer in balans te brengen. Ik genoot van deze gesprekken, ongeacht het onderwerp. Deze keer echter, viel ik helemaal uit de lucht. “Wat bedoel je?’ “De porno op de I-pad, viespeuk.” “Ik heb geen idee waarover je het hebt, lieverd.”, hield ik vol. “Luister, schat, anderen zien neuken is niets voor mij, maar ik begrijp dat jij er soms nood aan hebt.”, ging ze verder. “Ok?” Ik plaatste het bord in de keukenkast. “Maar niet op de tablet die ook wordt gebruikt door de kinderen. Stel je voor dat zij op de beelden waren gestuit en niet ik…Nee, schat, dat bord hoort bij het andere servies, in het dressoir in de woonkamer.” Ik gehoorzaamde en overwoog mijn opties voor de woordenstrijd die zich in de keuken ontketende. Ontkennen had geen zin meer en ik besloot het over een andere boeg te gooien. “Ok, ik geef het toe. Ik kijk graag naar porno. Soms kan ik me zelfs niet in toom houden en trek ik me terug in onze slaapkamer, terwijl jij de strijk doet. Maar ik garandeer je dat ik nog nooit in mijn leven de I-pad van de kinderen heb bedoezeld met mijn onkuis karakter.” “Wie was het dan wel?”, zuchtte ze vol ongeloof. Onze disharmonie bereikte een impasse en in stilte werkten we de vaat af. Ik zette het laatste glas in de kast, toen onze jongste binnenkwam en verlegen vroeg: “Mama, wat is porno?” Ontsteld haakten onze blikken met die van onze zoon. “Waar heb je dat nu weer gehoord?”, vroeg ik. “Op school, veel kinderen praten erover.” “Heb je dat woord al opgezocht op de I-pad?”, wilde mijn vrouw weten. Hij knikte verlegen, de puberale stakker. “Je moet met hem praten.”, suggereerde mijn vrouw. Ik zuchtte, louter omdat ik wist dat ze gelijk had. “Kom, zoon.”, zei ik toen ik hem naar boven begeleidde. “Het wordt tijd dat wij eens een gesprek houden van man tot man. Het wordt tijd dat je eindelijk leert hoe je de zoekgeschiedenis wist.”

Het Verdwaalde Schaap
16 2

Een vakantiegewoonte

Het is een verraderlijk ding. De gewoonte. Een beetje zoals je trouwe schoenen die je niet wil wegdoen, maar er op de duur toch natte voeten in krijgt. Zo hebben we de gewoonte om bij de Parijse terrastafels te gaan zitten. Tot we onlangs voorbij een ander terras met dezelfde tafelsoort wandelden, maar hier met kleurrijke stoelen. "Zullen we hier eens gaan zitten?", vroeg mijn vrouw. Ik moest me zowaar vasthouden aan een van de hippe stoelen. Die vraag had ik niet verwacht. Een inbreuk op mijn gewoonte, weet u wel. Maar ik was bereid om het risico te nemen. In de zaak weerklonk een Spaans deuntje. Er viel ook een zuiderse geur waar te nemen. Die kwam, zo zag ik aan de rookwolken, van de aanpalende shishabar. Ik ben geen kenner, maar het is vooral waterpijproken (als dat al een werkwoord is) dat de jonge mensen daar doen. Je moet er wellicht niet naartoe voor een Westmalle Tripel. De jongelui liggen er in zeer lage loungezetels. Ik zou moeite hebben om er uit te geraken, zelfs zonder een waterpijp gerookt te hebben. "Stoort het niet, die geuren?", vroeg ik aan de barman die onze drankjes deskundig serveerde. "Dat ligt eraan, hoe de wind staat. Soms zijn het ook aangename geuren", vertelde hij. Er was iets van. Met de zoete geuren en het Spaans muziekje bekroop me een licht vakantiegevoel. Ik heb dan de gewoonte om mijn schoenen uit te trekken. Het zal wel iets uit mijn kindertijd zijn, toen ik in de vakantie altijd blootsvoets rondliep. “Onze Rudi loopt weer berrevoets”, hoor ik moeder nog zeggen. Ik had mijn linkerschoen amper uit of mijn vrouw stootte me aan. "Zeg, hier toch niet." "Dat is mijn vakantiegewoonte", zei ik. "En bovendien, met die waterpijpgeuren merken ze daar toch niets van."  

Rudi Lavreysen
5 1
Tip

Jeroen Mettes (…) en nog eens Jeroen — Ik wil bloggen over bloggen

Jeroen Mettes zegt op pagina 75 van zijn N30+ uitgave “Ik dip niets in niets en er gebeurt niets.(…) Waarna er 2 zinnen verder de alinea wordt afgesloten met “Stap op de trein en laat je vervoeren.”   Is het de ‘en’ in plaats van een woord als ‘dus’? Waar maak ik de leeservaring mee? Op de trein, en ik kijk naar mijn eigen handen alsof ze een belangrijk beeld zouden zijn voor mijn ervaring hier, op de trein. Waar wil ik naartoe met mijn ambitie? Een beestje, een karkas. De ambitie slaat zichzelf tot iets waarnaar ik weer verlang, dus bijgevolg is ze er niet meer. Een taak vervullen met iets waar ik voor sta. Treinritten als deze zijn authentiek. Ze beschikken over een playlist van VTTS (track ID’s) en waanzinnig veel focus.Dan laat ze los.Ik weet waar ik zou moeten herbeginnen. Alles begint hetzelfde opnieuw. Het is niet moeilijk. Je moet iets willen voor je het mag bezitten, denk ik. Infrabel lacht me toe vanop een witte bestelwagen. Ik voel op automatische piloot en dat is inspirerend. Tegenwoordig is er heel veel onzeker. Dat is een volstrekt leeg idee. Ik wil bloggen over bloggen. De boodschap kende je zelf al. Het gaat hem over de methode. Wat mis ik? Wie ik ben. En maar goed ook: daarna is alles veel vlotter van mijn ego weggeëbd, en dat is een manier om gelukkig te zijn. Ik ben nooit gelukkig en ook nooit meer ongelukkig. Ik voel alles wel een beetje. Waar het zeer doet, laat ik mezelf achter. En maar goed ook. Drinken van de cola. Noem de banaliteit van het leven ook de banaliteit van het leven. Niets is zomaar vice versa met eenzelfde methode uit te leggen. Aanschouw je wat van jou is? Geef me beelden. Of:Dat wat er van je overblijft.   Ik wil iets blijven herinneren en dat is niet moeilijk. Niets is nog moeilijk, bijvoorbeeld op een moment als dit. Wanneer alles rond jou lijkt te draaien. Maar dan op de ‘goede manier’. Wat ik bedoel is zo makkelijk uit te leggen dat ik het niet meer wil doen. Je moet iets voelen neerdalen op je kruin.     Ik wou iets schrijven over de actualiteit maar dit lijkt actueler, en dat helpt. Ik ga vooruit maar zit omgekeerd in de IC trein 4112 naar huis - ook al is het niet echt meer ‘mijn huis’. Een plek voor een terugkeer. Niet iets als een vaststaande locatie; eerder allemaal vage gedachtes, steeds weer allen gekoppeld aan hetzelfde: de wereld waar ik in leef, en wat je daarin moet accepteren.Familie valt wel mee hoor. Dat jij het beste bent wat mij kon overkomen, laat ik achter op de schouder van een toevallig neergestreken herinnering. Ik wil je voelen. Ik wil dat de tekst iets kan doen voelen, ook al doet ze dat niet in sé. Het is een methode.

Dries Verhaegen
214 1

Koningshuis

Er zijn kosten aan onze koning. Daar. Het is eruit. Het is gezegd. Soms kaats je een kei over het water met als doel de tegenoverliggende oever te bereiken. Soms moet je genoegen nemen met de rimpels op het water die de zinkende kei achterlaat en hopen dat de waterkringen ver genoeg zullen reiken. Ik heb het natuurlijk niet over de vorst der Belgen zijn mentale gezondheid, al durf ik er prat op gaan wanneer je geboren wordt in weelde die als water uit de kraan loopt en je hele leven al is gedirigeerd nog voor je eerste luier is volgescheten, er vroeg of laat een tandwieltje zal knarsen. Komt daar nog eens bij dat minstens 7 op 10 Belgen niet achter je staan. Het zal je maar overkomen. Met oog op dramatisch effect rond ik hiernavolgende cijfers af naar boven. In 2020 ontving Koning Filip ruim 12,5 miljoen euro. De Koningshuis Group sloot het boekjaar af met net geen 37 miljoen euro op de teller. Een besparing, zo werd het genoemd. Nu ja, besparing in de meest pragmatische functie van het woord. Wat men daar eigenlijk mee bedoelt, is dat er werd bespaard op de verhoging van de dotatie. De stakkers in Laken verdienden amper 5% meer in 2021. Het coronavirus maakt duidelijk geen onderscheid tussen rood of blauw bloed. Dat ons koningshuis meer dan 10 keer meer opslag krijgt, dan de zich in het zweet werkende bevolking, is natuurlijk eenvoudig te verklaren. Heb jij ooit al gehoord van een verpleegster die een kasteel moet onderhouden? Een blote-bilnaad-bouwvakker die onze bevolking in het buitenland vertegenwoordigd? Een kleine vzw die politieke partijen financieel ondersteunt? Oh. Wacht even… Onze koning en zijn familie moeten ook leven, toch? Zij zijn ook mensen. Zij hebben hun leven niet gekozen, net zomin als wij het onze hebben gekozen. Toch moeten we ons luidop durven afvragen: wat als? Wat als koningin Mathilde eens een jaartje zelf de pakken en emblemen van haar man strijkt? Wat als Koning Filip zijn laarzen – hij mag die van mij gerust even lenen, als hij geen paar heeft staan – aantrekt om het gras af te rijden. Wat als ze de exploitatie van al hun eigendommen voor een jaartje vergeten en hopen dat de klimop niet tot in de dakgoot staat? Zouden ze dan niet heel wat budget kunnen vrijmaken om de bevolking weer het patriottisch schip op te helpen? Zouden er niet heel wat gezinnen worden geholpen? Heel wat Belgen weer gelukkig gemaakt, in plaats van de slag in het gezicht die die 0,4% is. Het is een mening die scherp door de bocht gaat, dat besef ik ook. Deze kei zal zinken, maar zolang we de rimpels op het water in leven houden, is er misschien hoop. Hoop voor het steeds verder uiteenrafelende land dat binnen enkele jaren in de schoot zal worden geworpen van een onbevangen, doch gedreven Prinses Elizabeth. Puntje bij paaltje: zij heeft daar ook niet om gevraagd. Het arme schaap krijgt nog niet eens een dotatie. Nog niet.  

Het Verdwaalde Schaap
5 0

Politiek opinie

Een pen hoeft niet altijd een wapen te zijn. Ik schrijf liever of zaken die me ontroeren, die me laten lachen en gelukkig maken. Regelmatig vloeien er ook sombere woorden op het papier, maar mogelijk ben ik een van de weinigen die troost en vertedering vindt in melancholie. Anyway, deze week besloot ik een ander pad in te slaan en mijn mening over het wanbeleid in de politiek neer te pennen. Daar was nood aan, vond ik. “Hoe wil je daaraan beginnen?’, vroeg mijn vrouw met die wrange ondertoon die ze zich in tien jaar huwelijk meester heeft gemaakt. “Want met alle respect, op politiek vlak ben jij een groentje.” Daarmee doelde ze natuurlijk niet op een partijkleur, maar op mijn onwetendheid wat betreft staatkundige kennis. “Ik weet wat.”, spartelde ik tegen. “Ik sla een krant open. Daarin vind ik vast en zeker voldoende inspiratie.” Aan de slag! Met bliksem in de vingers en vuur in mijn hart vloog ik in het schrijven. Eens kijken. Milieuvervuiling? Politici die goed gevulde, bruine enveloppen ontvangen van multinationals en ten koste van de gezondheid van hun eigen bevolking de ogen toeknijpen? Nee, dat zou ons te ver leiden. Wat nog? Miljoenenfraude in het subsidiebeleid? Jonge, veelbelovende politici die zich publiekelijk opstellen als het gezicht van de naar steun en vertrouwen zoekende minderheden, maar een alternatieve opportuniteit vinden het verwezenlijken van andere dromen, zoals kookvlogs vanuit hun spiksplinternieuwe keukens? Pfff, dat lijkt me wat vergezocht, niet? Aha, hier heb ik het. Regering negeert de democratie door verkiezingsuitslag te negeren door ongeacht wat de bevolking wilde hun eigen machtsbeluste plekjes in te vullen. “Dat is oud nieuws, schat.” Ok lieverd, deze ook niet dan. “Mensenhandel, misbruik, verkrachting in de politiek?” Te donker, te veel horror. “Zeg, misschien kan je schrijven over die burgemeester die tot ontslag werd gedwongen, nadat hij zich had verreikt met gelden die voor daklozen waren bedoeld.”, klonk het vanuit de keuken. “Maar nee, die arme man was louter het slachtoffer van een publieke lynchpartij, de duts.” Misschien schrijf ik wel iets over de torenhoge belastingen in ons land en hoe die gigantische budgetten erin slagen om een opwaartse stroming te trotseren, in plaats van het daarvoor bestemde reservoir te bereiken. Of ga ik daarmee op menig lange tenen staan? Weet je wat? Laat ik me als een Belg gedragen en mijn meningen over politiek achter slot en grendel bewaren om ze pas op café, na een pint of vijf, met dubbele tong los te laten op wie luisteren wil. Ja, laat ik dat doen. En hier schrijf ik dan liever iets neer waarmee ik vertrouwd ben. Zoals mijn zoon van acht die zichzelf Spaans aanleert via een koddige app op mijn mobieltje. Dat is schattig en iets om trots op te zijn. Die kleine rakker schopt het ongetwijfeld nog ver als hij aan dit tempo kennis blijft vergaren. Misschien wordt hij nog minister, stel je voor. ¿Qué pasa, papá? ¿Qué estás escribiendo? Enkel mooie dingen, jongen. Enkel mooie dingen.

Het Verdwaalde Schaap
0 0

Blind, bloot en onherkenbaar

Blind is the new black. Toch als het op tv-programma’s aankomt. Los van het feit dat er een ironie schuilt in het gebruiken van deze beperking in combinatie met een visueel medium als tv, schotelen zenders ons meer en meer formats voor die blind zijn. En als het dat niet is, dan zijn het wel naakte deelnemers, gemaskerde artiesten of Dieter Coppens die iets guitigs doet met Down-syndromers. Het goede nieuws voor de fans van dit type programma’s is dat een korte zapsessie duidelijk maakt dat je niet alleen de Belgische versie van het format kan zien, maar ook die van ongeveer elk ander land ter wereld. Ik kan je alvast vertellen dat je je agenda niet moet vrijhouden voor Naked Attraction Bulgarije. Jongens, wat een harige berentemmers! En dan zwijg ik nog over de mannen. Laten we ons oog eens werpen – no pun intended, ik zweer het – op de voorvader van deze televisuele beperkingshype: Blind Date. Dat was dat programma waarin het fenomeen Ingeborg, toen de zwaartekracht nog vat had op het fenomeen Ingeborg, zich ten dienste stelde om de ietwat mindergeschoolde, maar daarom niet minder interessante Vlaming aan een lief te helpen. Een meisje met een naam die meer wel dan niet op -y eindigde, zat dan kauwgom kauwend achter een scheidingswand en stelde mannen, die men doorgaans enkel in lunaparken tegenkomt, vragen om het kaf van het kwalitatievere kaf te scheiden. De functie van de wand was tweeledig: enerzijds moest het de bonobo’s ervan weerhouden de kandidate vroegtijdig te bespringen en in stukken te rijten, anderzijds zorgde het ervoor dat de partners niet werden gekozen op zoiets oppervlakkigs als uiterlijk. Neen, de weloverwogen keuze hing af van drie antwoorden die, ofwel zo stroperig waren dat je er Bulgaarse beren mee kon lokken, ofwel zoveel dubbelzinnige knipogen bevatten dat je elke aflevering minstens één keer dacht dat een kandidaat een epileptische aanval kreeg. En nu, zoveel jaar na Blind Date (de rerun met Nathalie Meskens niet meegerekend), hebben we vandaag drie andere blind-programma’s: Blind Gekocht, Blind Getrouwd en Blind Gestyled. Dat laatste zegt je misschien niks, omdat het meestal door een nieuwsanker wordt aangekondigd als ‘En bij ons in de studio: Ruben Van Gucht’. De andere twee shows gaan respectievelijk over het kopen van een huis zonder het te zien en het trouwen met een onbekende, in de hoop er een levenspartner of toch zeker een paar tienduizend extra Instagramvolgers uit te slaan. Allemaal fijn, maar toch meen ik dat de productiehuizen hier nog veel mogelijkheden onbenut laten. Je hoeft maar weinig te doen om de bestaande tv-shows gemakkelijk én goedkoop – graag gedaan, VRT – naar een entertainender niveau te tillen. Ik denk maar aan Blind Gekookt waarin Jeroen Meus dagelijks een eetbaar gerecht moet zien klaar te maken met een verrassing aan ingrediënten die gaan van hyacintwortel en gepekelde kippenlellen tot Bulgaarse berenstront. Of Blokken Blind, waarin kandidaten enkel hun blokjes, maar niet het speelscherm zien, terwijl de olijke Ben Crabbé, voorzien van zonnebril, stok en golden retriever met z’n rug naar de kijker presenteert. Maar waarom enkel spelen met het blind-concept? We hebben vijf zintuigen, nietwaar? En maskers of naaktheid doen het tegenwoordig ook goed. Wat dacht je bijvoorbeeld van The Masked Chef, waarin gemaskerde topchefs een pannenkoek bakken terwijl ze een andere kok imiteren. In de pilootaflevering kon de jury ondanks de lichte hint in de kostuumkeuze alvast niet raden dat de chef, verkleed in een pak boter van 90 kilo, Jeroen Meus was. Een ander concept is PartnerProef, waarin deelnemers, gescheiden door een wand met een gat in, een trouwpartner kiezen op basis van de smaak van hun genitaliën. Of ten slotte – mijn favoriet – Blind, Doof & Dood Gewenst, waarin een kandidaat het zo lang mogelijk moet zien uit te houden in een isolatiecel van 2 op 2, terwijl een naakte Annemie Struyf in diezelfde cel aan 120 decibel het hele repertoire van Tolstoj in het Russisch zingt. Je merkt het, de mogelijkheden zijn eindeloos en ik ben er zeker van dat er ons in de toekomst nog heel wat leuke programma’s naar het tv-scherm zullen lokken. Ikzelf echter, doe tegenwoordig vaker en vaker aan Blind Kijken. Dat houdt in dat je je tv uitzet en naar een zwart scherm kijkt, al dan niet met een opengeslagen boek tussen jou en de kijkbuis. Aanrader!

Hans Verhaegen
56 2